Thema's
Naar reacties
26 augustus 2011

Vijf mogelijke rollen voor de provincie in nieuwe RO-taak

Door: Kees de Graaf

De conclusie is al meermaals getrokken: de regionale verschillen in Nederland worden – ook al het is een klein landje – groter. Daarbij past geen zware inhoudelijke Rijkssturing op het gebied van de ruim- telijke ordening meer. Wat ervoor in de plaats zou moeten komen, is een overtuigend optreden van de provincie. Althans, zo ziet de regering Rutte het graag. Of en in hoeverre de provincies klaar zijn voor hun nieuwe taak, wordt door sommigen betwijfeld. Niettemin zijn er in de praktijk al de nodige voor- beelden van nieuwe manieren van werken te vinden. Building Business zet ze op een rij, gegroepeerd naar vijf mogelijke rollen voor de provincie.

1 Prioriteren en snoeien in overmaat aan plannen
Waar crisis en krimp gecombineerd toeslaan en gemeenten teveel plannen in de pijplijn hebben zitten, moet geprioriteerd en ge- snoeid worden. Dat kan alleen op een goede manier vanuit een overkoepelend perspectief gebeuren. De commissie Noordanus wees er een paar jaar geleden al op: de provincie moet haar ver- antwoordelijkheid nemen in de aanpak van bedrijventerreinen. Gelderland nam die aanbeveling ter harte en wist in de Achterhoek en de Stadsregio Arnhem-Nijmegen samen met betrokken gemeenten en de regionale Ontwikkelingsmaatschappij Oost een reductie in de plancapaciteit te bewerkstelligen. Zuid-Holland heeft de regio’s in haar provincie aangezet tot een actualisering en aanscherping van de kantorenstrategie, nadat bleek dat het planaanbod van vier miljoen vierkante meter de vraag van 1,15 miljoen vierkante meter verre overtrof. In de Metropoolregio werken de gemeenten op een vergelijkbare manier aan een reductie van de plancapaciteit en af- stemming van nieuwe locaties. Overigens is de rol van ‘prioriteur’ voor de provincies niet helemaal nieuw. Vanuit haar oude taak bij het verdelen van contingenten woningbouw had de provincie altijd een stevige vinger in de pap bij het sturen op ruimtelijke ontwikkelingen. Dat was echter nog in een tijd dat er – zelfs in Groningen en Limburg – nog volop vraag was naar nieuwbouwplannen.

2 Beleidsvorming en gebiedsagenda’s
In het kader van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport zijn de afgelopen tijd diverse gebiedsagenda’s opge- steld: de eerste fase binnen de MIRT-systematiek, die sterk gevoed is door de ideeën van de commissie Elverding (‘sneller en beter’). Soms omvatten deze agenda’s een kleiner gebied, maar soms omvatten ze ook een groter grondgebied, zoals de agenda die door de provincie Zeeland is opgesteld voor de gehele provincie. Deze agenda geldt in den lande als voorbeeldmatig, door de compacte omvang en de samenwerking tussen opstellende partijen op lande- lijk en provinciaal niveau.
De komende tijd ligt er een taak voor de provincies om scherper in te zetten op prioritering van gebiedsagenda’s (zie ook punt 1). Uit een onderzoek van Buck Consultants, uitgevoerd in opdracht van de Prak- tijkleerstoel Gebiedsontwikkeling van de TU Delft, blijkt dat veel agenda’s als kerstbomen zijn volgehangen met een veelvoud aan am- bities en projecten. Nieuw realisme is hier noodzakelijk. Een ander instrument voor provinciale beleidsvorming zijn de Structuurvisies. Lees verder >>

Bron: Building Business, augustus 2011

Zie ook:

Voor een pdf van de volledige publicatie: Vijf mogelijke rollen voor de provincie in nieuwe RO-taak
Voor het downloaden van bovenstaande publicatie dient u het eerst op te slaan.