Analyse Vandaag spreekt de Tweede Kamer met minister Elanor Boekholt-O'Sullivan over de Ontwerp-Nota Ruimte. Flip ten Cate en Hans Leeflang zien in de Nota Ruimte een geweldige kans om tot een samenhangende visie te komen op de ontwikkeling van ons land op weg naar de 21e eeuw. Zij vragen de politiek om dan ook om moedige keuzes te maken en ruimte en steun te bieden voor alle regio’s van ons land.
In het coalitieakkoord komen de grote opgaven van onze tijd helder voor het voetlicht: stikstof, wonen, klimaat, defensie en de nieuwe economie krijgen stuk voor stuk de aandacht. Wat in het akkoord onvoldoende doorklinkt, is de notie dat al deze opgaven samen komen in de schaarse ruimte van ons dichtbevolkte land. Gelukkig voor het kabinet en voor de Tweede Kamer is daar de Nota Ruimte! In die nota kan de nieuwe coalitie laten zien hoe zij de totale verbouwing van Nederland in goede banen gaat leiden. Niet alleen worden er 30 grootschalige woningbouwlocaties aangekondigd, ook de energietransitie moet worden afgemaakt, opdat nieuwe huizen en bedrijven weer aan het stroomnet kunnen worden aangesloten.
We moeten ons voorbereiden op zeespiegelstijging en toenemende weersextremen. Er moet een volhoudbaar perspectief komen voor de landbouw en een eind komen aan de vernieling van natuur. De toekomst vraagt enorme voorraden schoon zoet water om te garanderen dat er voldoende drinkwater is. En ondertussen zetten we koers naar ‘circulaire economie,’ waarbij er zo weinig mogelijk afval wordt weggegooid en zoveel mogelijk wordt hergebruikt. En, o ja, er zijn ook nog extra defensieterreinen nodig.
Toekomst voorbereiden
Het uitvoeren van al die opdrachten vraagt een gedegen planning en heldere keuzes over waar die woningen, windmolens en nieuwe natuur dan precies moeten komen. Pijnlijke keuzes ook over welke functies er dan moeten verdwijnen, want er is veel te weinig ruimte in ons land om alle urgente opgaven een eigen plek te geven. En elk stukje land hééft al tenminste één functie. Dertig jaar lang heeft de Rijksoverheid die keuzes voor zich uitgeschoven – het laatste ontwerp voor de ruimtelijke ordening in Nederland werd in 1995 vastgesteld. Nu is langer uitstel niet meer mogelijk. Vandaag, maandag 9 maart, spreekt de Tweede Kamer met minister Elanor Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) over de Ontwerp-Nota Ruimte die een paar maanden geleden door haar voorganger Mona Keijzer werd voltooid.
Wees moedig, kom met een visie op heel het land en maak gebruik van de energie uit de samenleving bij de grote verbouwing van ons land
Wij Maken Nederland, een onafhankelijk netwerk van stad- en landmakers, heeft vorig jaar honderden bewoners, ondernemers en experts bij elkaar gebracht in Noord-, Oost-, Zuid- en West-Nederland om over die Ontwerp-Nota te praten. De conclusie was dat alle grote vraagstukken weliswaar grondig aan bod komen, maar dat de regering met dit stuk nog onvoldoende richting geeft aan de ontwikkeling van ons land. Veel pijnlijke keuzes worden vermeden en het blijft onduidelijk hoe het rijk gaat afdwingen dat we ze wil ook echt gebeurt. Die keuzes moeten niet beperkt blijven tot voldoende woningen: we willen immers dat ons nageslacht over 50 jaar een land erft waarin gewerkt, gerecreëerd, gesport, gevist en gezond samengeleefd kan worden. Die complete toekomst wordt nú voorbereid.
Goed kijken
Wij ondersteunen het pleidooi van het College van Rijksadviseurs om, met een beeld van ons land in 2100 voor ogen, terug te redeneren naar de maatregelen die we nu moeten nemen. Aan kennis ontbreekt het ons niet, er zijn voldoende voorspellingen en studies die houvast bieden. Als het op de uitvoering aankomt, is de blik echter gericht op de belangen van vandaag en morgen. Electorale overwegingen belemmeren dat verre perspectief. Met de gedeputeerde Ruimtelijke Ordening van Gelderland, Dirk Vreugdenhil, bepleiten wij het opzetten van een varifocale bril, die zowel veraf als dichtbij een scherp beeld biedt.
Als je goed kijkt, zie je in alle regio’s van ons land pioniers, bewoners en ondernemers, die in de praktijk het Nieuwe Nederland al zichtbaar maken. Deze grote verbouwing moeten we niet moeten beschouwen als een verzameling losse problemen, maar als thema’s die allemaal met elkaar samenhangen. De publicist Floor Milikowski heeft aangetoond dat de hoopvolle antwoorden al overal in Nederland worden gerealiseerd, in woongemeenschappen, zorgcollectieven, groente-kringen en buurtinitiatieven. Dat is wat Wij Maken Nederland ook constateert: de energie in lokale initiatieven is hoopvol en bemoedigend. Deze beperkt zich niet tot het eigen belang, maar zoekt juist het collectieve belang. Natuurlijk, op deze manier bouw je geen grootschalige datacentra, hoogspanningslijnen of een ondergrondse pijpleiding dwars door Nederland van de Maasvlakte naar Venlo voor het vervoer van waterstof. Maar zonder de support van die lokale initiatieven lukt het beslist óók niet.
Gebruik de energie
Wij pleiten dus voor heldere keuzes en een strategie om te garanderen dat de doelen worden bereikt. En we pleiten voor ruimte en steun voor alle regio’s van ons land om met gebiedseigen oplossingen te komen. Het uitgangspunt van de Ontwerp-Nota dat ‘elke regio telt’ is heel goed, maar vraagt verdere uitwerking. Zo willen we ‘verstedelijking met een zachte g’ in Brabant en Limburg, ruimte voor het naoberschap in Twente en de Achterhoek en voor de Mienskip in Friesland. Ruimte en steun uit ‘Den Haag’ verdienen ook de duizenden bewoners en ondernemers die al bezig zijn met het zichtbaar maken van het Nieuwe Nederland in alle regio’s van ons land. Dus kabinet en Kamer: wees moedig, kom met een visie op heel het land en maak gebruik van de energie uit de samenleving bij de grote verbouwing van ons land.
Een interview met minister Elanor Boekholt-O’Sullivan op zondag 8 maart in Buitenhof waarin ze onder meer spreekt over het bouwen van ‘gemeenschappen,’ is hier terug te zien (vanaf min 47.47).
Cover: ‘Luchtfoto van Laren’ door GLF Media (bron: Shutterstock)








