2015.06.15_Een goede kus komt van twee kanten_C

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug?

15 juni 2015

4 minuten

Nieuws
Het kan je haast niet zijn ontgaan: het Holland Festival is weer in volle gang. Podiumkunsten, gepresenteerd aan Amsterdam en de rest van het land. Dit jaar werd, op initiatief van dit festival, voor de vijfde keer de Boekmanlezing georganiseerd. Thema? Cultuur en de stad. Jeroen Boomgaard en Eva de Klerk over Nijntjeficatie van de openbare ruimte en de ondergang van de rafelranden van de stad.

Boekmanlezing 2015: Jeroen Boomgaard en Eva de klerk

‘Amsterdam is af’, zo sprak burgemeester Van der Laan recent. Jeroen Boomgaard, als kunsthistoricus verbonden aan de Rietveld Academie en LAPS, vindt dat een beklemmend idee. Een ‘echte’ stad is immers nooit af: de stedeling verwacht het onverwachte, opwinding, verwondering en mogelijkheden – chaos, dynamiek en clashes. De stad gaat daar vervolgens mee aan de slag: ze brengt orde in de chaos, leert haar begrijpen en maakt haar functioneel.

Die ordening, of vertaalslag, wordt niet altijd even goed gemaakt. Zo spreekt Boomgaard over festivalisering van de openbare ruimte: ‘we worden steeds meer bezoeker in eigen stad, waarbij we gedwongen worden publiek te zijn’.

En het kan nog erger. Komisch bedoelde, infantiele kunstwerken in de openbare ruimte, zogenaamd op initiatief van de buurt, schieten als paddestoelen uit de grond. Nijntjeficatie van de openbare ruimte, noemt Boomgaard dat treffend.

De Beer (Staalmanpleinbuurt): Nijntjeficatie van de openbare ruimte?

Maar hoe moet kunst in de openbare ruimte er dan wel uit zien? Lastig te zeggen, maar in ieder geval is het de uitdaging om dát te laten zien wat ‘onder de stad ligt’. De onderliggende stad vertalen in een kunstwerk. Hoe bereik je dat? ‘Nou’, stelt Boomgaard, ‘door je de openbare ruimte toe te eigenen’. Een nieuw model komt daarbij om de hoek kijken, waarbij de ontstane ruimte wordt toegeëigend en gebruikt, zoals een specht en bever hun ecologische leefwereld ook actief gebruiken en innemen. De overheid moet niet voor de burger denken – die moet dat zelf doen, en productief zijn op basis van misverstand, zo besluit Boomgaard zijn lezing.

Eva de Klerk, bottom-up inspirator en community builder avant la lettre, vervolgt. Ze vertelt geïnspireerd over de NDSM-werf, die zij met een groep skateboarders en bijstandmoeders ontwikkelde van verlaten scheepswerf naar ‘hotspot aan het IJ’. Maar dat ging, en gaat, niet zonder slag of stoot. ‘Kunstenaars geven de stad een kus, waardoor zij weer ademt, straalt en bloeit. Maar een goede kus komt van twee kanten. Kust de stad ook wel eens terug?’.

Mooie metafoor, en de vraag lijkt in dit geval ook wel terecht: de ‘pioniers’ die de werf in de jaren ’90 ontdekten en bevolkten, onder de noemer Kinetisch Noord, krijgen al jarenlang het verwijt niet commercieel te zijn. ‘Onzin,’ verklaart Eva, ‘we kunnen prima onze broek ophouden, maar we zijn geen handelshuizen waar winstmarge centraal staat. We maken deel uit van de producerende economie, zoals bijvoorbeeld een fietsenmaker dat ook doet’. En bovendien: duurzaamheid is, zeker nu, een hoger goed dan commercie. Dat beaamt bijvoorbeeld ook Saskia Sassen, die tijdens De Staat van de Stad nog sprak over de vernietigende sporen die ‘rendement’ achterlaat in een stad.

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug?  - Afbeelding 1

De NDSM-werf in vroegere tijden

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug? - Afbeelding 1


Daarom moest en moet de werf duurzaam ontwikkeld worden, in al haar facetten. Circulair (economisch duurzaam), door een gemeenschap gedragen (sociaal duurzaam), door alle partijen mede tot stand gebracht (bestuurlijk duurzaam) en met respect voor de omgeving en het milieu (technisch duurzaam). Daaruit kunnen vervolgens de meest commercieel succesvolle initiatieven voortbloeien, zoals bijvoorbeeld NDSM-energie: het lokale energiebedrijf dat kunstenaars, bewoners en de ‘grote commerciële buren’ op de werf met elkaar oprichtten.

Begin jaren ’90 schreef Eva met mede-pioniers al Stad als Casco. Het manifest dat uitgaat van een cascofilosofie, waarbij geld verdiend wordt ín het pand en niet áán het pand. Een nobel streven, dat achteraf de perfecte oplossing bleek voor de talloze leegstaande pakhuizen aan de zuidelijke IJ-oevers en bovendien werkplekken genereerde voor grote groepen kunstenaars en alternatievelingen. Een terugkeer van de Hollandse avant-garde, broeinest voor contra-imago’s, vrijzinnigheid, tolerantie en experiment, leek daarmee voorhanden.

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug?  - Afbeelding 2

De Kunststad: cascofilosofie in optima forma

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug? - Afbeelding 2


Die filosofie heeft dubbel zo goed uitgepakt op en rondom de NDSM-werf. Kijk bijvoorbeeld naar de bloeiende en dynamische Kunststad. Zelf financieren, zelf ontwerpen en zelf bouwen – en vooral: experimenteren en innoveren met dingen die elders in het ‘vertrutte’ Amsterdam niet kunnen. ‘Geen cultuur, zonder subcultuur’, riep de gemeente destijds. Dat leek een mooie kus terug.

Maar schijn bedriegt een beetje: inmiddels heeft ‘de stad’ ontdekt dat men met de NDSM een trophy wife aan de haak heeft geslagen. Een toeristische trekpleister, die volop doorontwikkeld kan worden. De werf is inmiddels de thuishaven van talloze grote festivals (‘festivalisering’!), wordt gekoloniseerd door projectontwikkelaars en grote commerciële partijen en toeristen. Dat gaat ten koste van de vele non-profit initiatieven, die steeds meer gezien worden als kostenpost en subsidieslurper. Van een rafelrand lijkt al lang geen sprake meer.

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug?  - Afbeelding 3

Festivalisering van de openbare ruimte?

Kunstenaars geven de stad een kus, kust de stad ook wel eens terug? - Afbeelding 3


Lees het originele artikel hier op stedenintransitie.nl



Meest recent

Benchakitti Forest Park, Bangkok door gothiclolita (Shutterstock)

“Verdichting kan zelfs leiden tot kwalitatief hoogwaardigere openbare ruimte”

Gebiedsontwikkelaars moeten zich niet blindstaren op vierkante meters, maar uitgaan van publieke waarden die ze willen realiseren en welk programma daarbij past. Dat is het advies van Ellen van Bueren, hoogleraar aan de TU Delft.

Persoonlijk

16 augustus 2022

Haan & Laan door Esther Dijkstra (estherdijkstra.com)

Westergouwe in Gouda: wat vinden Haan & Laan er eigenlijk van?

Haan en Laan recenseren gebiedsontwikkelingen in Nederland. In deze editie schrijven zij over hun bezoek aan Westergouwe in Gouda en geven hun oordeel over deze nieuwbouwwijk in de laagste polder van ons land.

Casus

16 augustus 2022

Bryant Park in New York door Leonid Andronov (Shutterstock)

De maakbaarheid van een prettige leefomgeving

Integraal gebiedsbeheer kan helpen om de leefomgeving in bestaande en nieuwe buurten en wijken te verbeteren. Maar wat is het precies? Het Urban Land Institute maakt een ronde langs de experts en zoekt uit wat de kansen en bedreigingen zijn.

Analyse

15 augustus 2022