corporaties

Marktperspectief voor circulaire economie in de bouw

23 maart 2016

4 minuten

Nieuws
Eind januari 2016 is het rapport ‘Beleidsverkenning circulaire economie in de bouw: een perspectief voor de markt en overheid’ verschenen. Hierin staan aanbevelingen om de circulaire economie in de bouw naar een hoger niveau te tillen.

Deze voorstellen komen voort uit 2 brainstormsessies die in 2015 plaatsvonden. Tijdens deze sessies sparden diverse koplopers in de markt, kennisorganisaties en overheidsinstanties met elkaar over het tot stand brengen van een circulaire economie in de bouwsector.

Aanbevelingen

De directe aanleiding voor een verkenning is het grote aantal maatschappelijke initiatieven (zoals Green Deals) waarin circulaire economie een rol speelt, in het bijzonder gerelateerd aan de bouw. Het ministerie wil graag weten hoe ze circulaire economie kan bevorderen, ook in de bouwsector. De deelnemers kregen de vraag om de minister hierover een duidelijk advies te geven.

Uit de sessies kwamen vooral veel handelingsperspectieven naar voren. Hierna zorgde Rijkswaterstaat voor een verdiepingsslag door de voorstellen scherper te formuleren, te kijken naar belemmeringen en tot oplossingen te komen.

Dit leidde tot de volgende aanbevelingen:

  • Verken de mogelijkheden om structurele problemen op te lossen met betrekking tot leegstand en daarmee samenhangende financieringsvraagstukken in de bouw. Gezien de historie van financiële weeffouten is een langetermijnperspectief onvermijdelijk.
  • Ontwikkel vanuit een integraal maatschappelijk perspectief een keuzemodel tussen slopen/ herbouw en renovatie om leegstaande kantoren voor andere functies te benutten.
  • Verken de mogelijkheden om voorgestelde (of andere) financiële instrumenten in te zetten: een MKBA (maatschappelijke kosten/baten analyse)-verwijderingsbijdrage op gebouwen/materiaalstromen, een MKBA-gedifferentieerde circulaire OZB op de WOZ gecombineerd met een algehele duurzaamheidsprestatie en een juridische verkenning van de (on)mogelijkheden hiervan.
  • Ontwikkel een visie op de geleidelijke ontwikkeling van circulaire economie als oplossing van bestaande afvalproblemen in de bouwsector naar circulaire economie als manier om grondstof- en afvalproblemen in de toekomst te voorkomen.

Daarnaast beschrijft dit rapport het belang van enkele professionele randvoorwaarden, om circulaire economie in de bouw mogelijk te maken.

  • Voor de overheid als opdrachtgever: zorg voor ruimte om te experimenteren en te leren in ‘Living Lab’-bouwprojecten. De kennis uit dit soort leerprojecten vormt de basis voor het verder ontwikkelen van circulaire economiecriteria, beoordelingsinstrumenten en nieuwe manieren om duurzaam en circulair in te kopen.
  • Ontwikkel samen met de bouwsector goed toetsbare instrumenten voor circulaire aspecten van bouwen. Integreer die in bestaande instrument als LCA (levenscyclus milieu-analyse), LCC (levenscyclus kostenanalyse) en BIM (bouwinformatie model). Voeg aspecten toe, waarmee een beter afwegingsmodel ontstaat voor bio-based bouwen en zorg voor inbedding in het Bouwbesluit.
  • Neem als opdrachtgever samen met marktpartijen en kennisinstellingen het voortouw bij de ontwikkeling van een grondstoffenpaspoort. Zorg voor meer inzicht in het eigen gebruik van materialen en de voorraad aan materialen in de eigen arealen, zoals bij Rijkswaterstaat en Rijksvastgoedbedrijf.
  • Zorg voor een actieve betrokkenheid bij de ontwikkeling van beleid, regelgeving en technische normen binnen de Europese Unie.
  • Bevorder de komst van een leerstoel Circulaire Economie, specifiek gericht op de (hele) bouwsector, inclusief sloop en recycling, bij een (technische) universiteit.

Verder staat in dit rapport dat de overheid de ‘energieke samenleving’ kan benutten door marktpartijen uit te dagen. Marktpartijen uit de bouw willen namelijk een visie van de overheid, maar moeten ook zelf veel veranderen. De overheid kan ze hierbij helpen, door:

  • Als opdrachtgever het goede voorbeeld geven en samen met bedrijven functionele eisen ontwikkelen voor circulair bouwen.
  • Beleid en regelgeving afstemmen op wensen vanuit de maatschappij voor circulariteit.
  • In de gaten te houden hoe de markt ervoor staat op het gebied van circulariteit en daarbij kennis te delen. Een evaluatie moet uitwijzen of de gedane stappen effectief zijn.

Kennisbundeling is noodzakelijk

Een van de genodigden was Duurzaam Gebouwd-directeur Wietse Walinga. “Ik ben positief over het feit dat het ministerie zich samen met de markt wil verdiepen in het thema ‘Circulaire Economie’. Ook bij andere ministeries ontplooien dergelijke initiatieven. De bundeling van deze kennis is noodzakelijk.”

“Het is van belang om nu de volgende stap te zetten in de bouwsector om de circulaire economie concreet en financierbaar te maken. Een grenswaarde stellen voor de MPG (Milieu Prestatie Gebouwen, red) is een eerste logische stap, die snel gezet kan en moet worden. Dit geeft de koplopers het voordeel dat ze verdienen en zorgt dat bedrijven bijdragen om de gebouwde omgeving circulair te maken.”

Duurzaamheidsdoelstellingen van het huidige kabinet

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu is samen met de ministeries van Economische Zaken en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verantwoordelijk voor de ‘groene groei’: de belangrijkste duurzaamheidsdoelstelling van het huidige kabinet. De verduurzaming van de bouw valt onder het laatstgenoemde ministerie.

Lees voor meer informatie het rapport: ‘Beleidsverkenning circulaire economie in de bouw: een perspectief voor de markt en overheid

Bron: duurzaamgebouwd.nl



Meest recent

Haan & Laan door Esther Dijkstra (estherdijkstra.com)

Westergouwe in Gouda: wat vinden Haan & Laan er eigenlijk van?

Haan en Laan recenseren gebiedsontwikkelingen in Nederland. In deze editie schrijven zij over hun bezoek aan Westergouwe in Gouda en geven hun oordeel over deze nieuwbouwwijk in de laagste polder van ons land.

Casus

16 augustus 2022

Bryant Park in New York door Leonid Andronov (Shutterstock)

De maakbaarheid van een prettige leefomgeving

Integraal gebiedsbeheer kan helpen om de leefomgeving in bestaande en nieuwe buurten en wijken te verbeteren. Maar wat is het precies? Het Urban Land Institute maakt een ronde langs de experts en zoekt uit wat de kansen en bedreigingen zijn.

Analyse

15 augustus 2022

“Binckhorst Den Haag in tranformatie” (CC BY-SA 2.0) by nandasluijsmans

Wat participatieve placemaking bijdraagt aan gebiedsontwikkeling

Volgens TU Delft-onderzoeker Geertje Slingerland is de betrokkenheid van bewoners cruciaal bij placemaking en ontwikkelde daarvoor een aantal principes. Zij presenteerde dit tijdens het laatste jaarcongres Stedelijke Transformatie.

Verslag

15 augustus 2022