Snelweg kruispunt infrastructuur wegen

“Niemand is gelukkig met de huidige systematiek om infrastructuur-miljarden te verdelen”

17 november 2020

3 minuten

Analyse Hoe bepaal je als overheid welke snelwegen, ov-verbindingen en vaarroutes de komende jaren aangepakt moeten worden? In Nederland gebeurt dat aan de hand van het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT). Maar uit onderzoek van De Correspondent blijkt dat dit systeem volgens verschillende directbetrokkenen in de praktijk niet goed werkt. “Ik ken helemaal niemand die gelukkig is met hoe het nu gaat.”

Een kleine 7 miljard euro. Dat is het bedrag dat in 2020 door de Rijksoverheid is vrijgemaakt om te investeren in de Nederlandse infrastructuur. De verdeling van dat geld gebeurt al sinds 2009 via de Nationale Monitor Capaciteitsanalyse (NMCA). In dit document worden op basis van onderzoeken van het Planbureau voor de Leefomgeving en het Centraal Planbureau voorspellingen gedaan over de ‘potentiële bereikbaarheidsopgaven op de lange termijn’. Het gaat hierbij om vervoer over wegen, vaarwegen, spoorwegen en het regionaal openbaar vervoer. En, maakt het document al in de eerste alinea duidelijk, veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid maken geen onderdeel uit van de NMCA.

Het MIRT is de verdere concretisering en uitwerking van deze monitor. Jaarlijks verschijnt op Prinsjesdag dit document waarin alle regionale investeringen in wegen, spoor en waterwegen staan die het jaar daarop gepland zijn. Lokale overheden hopen dan dat de infrastructurele projecten in hun regio in dit programma staan, want dat betekent dat het Rijk meebetaalt aan een nieuw station of de verbreding van een snelweg.

Frustraties

Maar uit onderzoek van De Correspondent blijkt dat het systeem in de praktijk een stuk minder goed werkt. De beoordeling van de infrastructuur is volgens diverse betrokkenen veel te rigide. “Om als provincie of andere lagere overheid geld te krijgen moet je een probleem hebben dat volgens de NMCA een probleem is. Een te voorzien capaciteitsprobleem, want de NMCA gaat over de toekomst. Je hebt dus nodig: een dreigend knelpunt. Een naderend verkeersinfarct.” Ook moet het project van ‘bovenregionaal’ belang zijn, omdat de gemeente of provincie anders alsnog zelf de portemonnee moet trekken.

Het systeem zorgt ook in de dagelijkse praktijk voor veel frustraties, blijkt uit de woorden van Fleur Gräper-van Koolwijk, gedeputeerde Mobiliteit in Groningen. “Je bent bij wijze van spreken eerst tien jaar aan het lobbyen om het in het MIRT te krijgen, dan tien jaar bezig om het te plannen en dan tien jaar bezig om het uit te voeren. Maar moet je nu eens terugdenken aan hoe de wereld er dertig of twintig jaar geleden uitzag. Dat heeft weinig meer te maken met het nu. Ik ken helemaal niemand die gelukkig is met hoe het nu gaat.”

Geld kwijt

Tegelijkertijd schetst Gräper het beeld dat een kritisch gesprek over het systeem niet mogelijk is en uiteindelijk alleen maar ten koste gaat van de infrastructuur in de eigen regio. “We hebben allemaal last van het systeem, maar onze eigen belangen zijn zo kwetsbaar dat we het systeem als geheel niet kunnen veranderen. Want dan zie je het geld meteen uit je regio verdwijnen, en dan mag je het hele traject weer opnieuw gaan doen. Als ik ook maar één twijfel uit of wat we doen wel verstandig is, ben ik het kwijt. Dus er zit een enorme prikkel om het gesprek maar niet aan te gaan. Met kritische vragen maak je jezelf niet geliefd en daarmee verzwak je je positie weer.”

En dus is de conclusie, die ook wordt gesteld in een artikel van Vrije Universiteit Amsterdam en Vereniging Deltametropool, uiteindelijk nogal cynisch. “Als je regio maar genoeg is ‘vastgelopen’ met ‘knelpunten’, dan heb je een grote kans om via het MIRT geld te krijgen voor nieuwe infrastructuur – vooral asfalt, waarmee je vanzelfsprekend nóg meer verkeer kunt aantrekken en de boel voor een volgende ronde weer kunt laten vastlopen. In de tussentijd blijft het in andere regio’s stil.”

Cover: Pixabay

Lees het volledige artikel op de website van De Correspondent


Cover: ‘Snelweg kruispunt infrastructuur wegen’



Meest recent

Ruimtelijke Rechtvaardigheid.jpg door Aad Hoogendoorn (bron: Rotterdamse Architectuur Maand 2026)

Met nieuw werkboek werken aan rechtvaardige gebiedsontwikkelingen

De grote ruimtelijke opgaves vragen veel van gebiedsontwikkelaars, maar hoe maak je rechtvaardige keuzes? David ter Avest en Mats Siffels vertellen hoe het ‘Werkboek Ruimtelijke Rechtvaardigheid’ helpt bij het voeren van de juiste gesprekken.

Uitgelicht
Interview

2 oktober 2026

weekoverzicht cover 1 oktober door Stichting gebiedsontwikkeling (bron: Stichting gebiedsontwikkeling)

Dit was de week van breder kijken en doen

Deze week ging het om breder kijken en doen. Door schoonheid structureel mee te nemen in projecten, winkelgebieden van een woonfunctie te voorzien en door de woningbouwopgave in te zetten voor gezonde buurten.

Weekoverzicht

1 oktober 2026

Hamerkwartier Luchtfoto door Gemeente Amsterdam (bron: Gemeente Amsterdam)

De weerbarstige praktijk van de Omgevingswet nader onderzocht

Hoe kan de Omgevingswet beter worden benut bij gebiedstransformaties? Drie wetenschappers van de TU Delft deden onderzoek en brachten vijf significante thema’s in beeld.

Interview

1 oktober 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op