platform voor kennis, nieuws en opinie
Zoeken
platform voor kennis, nieuws en opinie

Neem bodem en water als vertrekpunt voor ruimtelijke ontwikkeling

Neem bodem en water als vertrekpunt voor ruimtelijke ontwikkeling

Strooisel opinie ruimtelijke puzzel

Nederland staat voor grote ruimtelijke opgaven die om een integrale aanpak vragen. Sylvo Thijsen, directeur van Staatsbosbeheer, dat veruit de grootste grondbezitter van het land is en Co Verdaas, hoogleraar gebiedsontwikkeling aan de TU Delft gaan met elkaar in gesprek over de vraag hoe de ruimtelijke inrichting van Nederland vorm moet krijgen. "Neem bodem en water als uitgangspunt."

Co Verdaas (links) & Sylvo Thijsen (rechts)

‘Co Verdaas (links) & Sylvo Thijsen (rechts)’ door Sander van Wettum & Jeroen den Hartog (bron: gebiedsontwikkeling.nu en Staatsbosbeheer)

Grootschalige woningbouw, de energietransitie en klimaatadaptatie, duurzame economische groei, mobiliteit en de transitie van het landelijk gebied. Dat wordt passen en meten. Sterker nog, we moeten rigoureuze keuzes maken. Maar hoe, en welke? Hoogleraar gebiedsontwikkeling Co Verdaas schreef mee aan een betoog over een nieuwe manier om Nederland in te richten. Met directeur Sylvo Thijsen van Staatsbosbeheer praat hij over de vraag: hoe gaan we in de toekomst met onze gronden om?

Regie

Onder andere vanuit de Tweede Kamer klinkt de roep om meer regie door het Rijk. Is de terugkeer van een ministerie voor Ruimtelijke Ordening zinvol? Voor Verdaas symboliseert deze vraag dat gebiedsontwikkeling weer op de agenda staat. “Of dat ministerie er komt, is minder relevant. We moeten vooral accepteren dat er in de politiek schotten bestaan tussen vakgebieden. Wat het Rijk kan doen is de verantwoordelijkheid voor landelijk afgestemde doelen bij de regio’s neerleggen, mits zij er samen uitkomen.”

Het gaat niet meer alleen over rood – wonen, werken, mobiliteit – maar ook over groen
— Sylvo Thijsen

Thijsen: “We kunnen het land niet zomaar uitbreiden, dus we moeten integraal denken om de grote opgaven een plek te geven. Daarvoor is afstemming op rijksniveau nodig. Tegelijkertijd verschilt de problematiek per regio en het is ook niet realistisch om alle regie weer te centraliseren. Het Rijk kan zich beter richten op coördineren, faciliteren.”

Bodem en water

En wat moet dan leidend zijn bij de toekomstige ruimtelijke inrichting van Nederland? Voor Thijsen is het antwoord simpel: bodem en water. “We hebben natuurlijke systemen doorgesneden en op laaggelegen plekken gebouwd, waardoor we in hoger gelegen gebieden kampen met droogte en elders risico lopen op natte voeten.” Verdaas pleit vooral voor realisme in ambities en middelen. “Hét recept voor teleurstelling is dat we veel willen, maar bar weinig uitvoeren. Dus ja: slim, ontwerpgericht en toekomstvast nadenken over ruimtelijke inrichting, maar met gezond verstand.”

Groene waarde

Als grootste grondbezitter heeft Staatsbosbeheer daar een rol in, meent Thijsen: “De organisatie brengt kennis, slagkracht en verstand van beheer in. Staatsbosbeheer heeft zichzelf opgeworpen als gesprekspartner voor de toekomstige inrichting van het land en daarmee kleur aan de discussie toegevoegd: het gaat niet meer alleen over rood – wonen, werken, mobiliteit – maar ook over groen.”

Klimaatadaptatie en CO2-reductie kwamen lange tijd nauwelijks voor in het rijksbeleid. We erkennen nu dat die opgaven er zijn
— Co Verdaas

In het verleden was Staatsbosbeheer al de belangrijkste ‘landschapsontwerper’ van Nederland, vult Thijsen aan. “Daarbij werd veel belang gehecht aan de schoonheid van het landschap. Wij willen dat die waarde opnieuw wordt erkend. Het landschap kan bovendien bijdragen aan het behalen van de duurzaamheidsdoelen uit de klimaattop van Parijs.”

Leren van anderen

Internationaal staat Nederland bekend als voorloper als het gaat om de inrichting van een dichtbevolkt deltagebied. Toch kunnen we leren van andere deltametropolen, meent Thijsen: “In Azië en Canada worden gebieden aangewezen tot blue en green development zones waar duurzame investeringen fiscaal steun krijgen.” Verdaas kent buitenlandse voorbeelden van succesvolle samenwerking tussen maatschappelijke en private partners: “In sommige landen zegt de overheid duidelijker: deze exercitie kost miljarden, maar creëert ook meerwaarde, daarom stellen wij ons garant. In het Nederlandse Groeifonds mis ik dat grote gebaar. Het geld gaat nog steeds naar ‘losse’ projecten.”

Ruimtelijke puzzel

‘Ruimtelijke puzzel’ door Mireille Schaap (bron: Staatsbosbeheer Magazine)

Honderd jaar vooruit

Grote opgaven vragen een lange adem. Voor de aanleg van wegen, openbaar vervoer, huizen en bossen denkt Thijsen aan honderd jaar. “Doordachte plannen voor de lange termijn wekken vertrouwen bij investeerders. Maar je moet wel de samenleving daarin meenemen, want zware ingrepen roepen altijd weerstand op.”

Processen hebben tijd nodig, beaamt Verdaas. “Vijftien jaar geleden kwamen de begrippen klimaatadaptatie en CO2-reductie nauwelijks voor in het rijksbeleid. We erkennen nu dat die opgaven er zijn. De volgende stap is bepalen wie waarover gaat.” Wat hem betreft, is er geen reden voor haast: “Als je bodem en water als vertrekpunt neemt, de scenario’s van klimaatverandering kent en je hebt nog een paar jaar, dan kun je met wat meer ontspanning honderd jaar vooruitkijken om onze verdediging beter op orde te krijgen en anders te leren leven met water. We doen onszelf tekort als we daar niet dieper induiken.” Thijsen: “De politieke horizon van doorgaans vier jaar bemoeilijkt discussies voor de lange termijn. Daarom is het belangrijk dat we met overheden, maatschappelijke organisaties en bedrijven nadenken over wat we vandaag zonder spijt kunnen doen voor de doelen van morgen. Nog mooier is het als burgers daarover ook kunnen meedenken, hopelijk maakt de nieuwe minister hier werk van.”

Dit artikel verscheen eerder in het Staatsbosbeheer Magazine

Cover: 'Strooisel opinie ruimtelijke puzzel' door Mireille Schaap (bron: Staatsbosbeheer Magazine)

Auteur

Ellen Meijer
Ellen Meijer

Zelfstandig tekstschrijver en (eind)redacteur

Bekijk alle artikelen