Beter benutten van waardestromen in de wijk

23 september 2014

6 minuten

Verslag
De traditionele stedelijke ontwikkeling staat onder druk door de huidige verschuivingen. Economische en demografische groei vlakken af. Hierdoor ontstaat onzekerheid en vraaguitval bij consumenten en ondernemers. Nimb€ (Nieuwe investeringen met bestaande Euro’s) is een samenwerkingsverband bestaande uit publieke ontwikkelaars en innovators. Opgericht door Stipo in 2012 (samen met IMI, Kairosco, Plan F en Ministerie IenM), werkt Nimb€ aan nieuwe antwoorden voor nieuwe problemen in de stedelijke ontwikkeling. Het legt de focus op het bestaande gebied. De huidige netwerken en waardestromen kunnen op alternatieve wijze worden ingezet om ontwikkeling, exploitatie en beheer op nieuwe manieren uit te voeren. Nieuwe problemen, nieuwe oplossingen.

Nieuw investeren met bestaande Euro’s (Nimb€)

Vijf inzichten uit de Nimb€-bijeenkomsten
- We moeten kijken naar bestaande geldstromen in de wijk en daar meer waarde uit halen voor de wijk.
- Data gaan de stedelijke ontwikkeling beïnvloeden. We moeten bedenken hoe we data gaan inzetten.
- Er zijn mensen uit alle lagen van de maatschappij die willen investeren in hun leefomgeving, maar daarvoor moet wel ruimte zijn in plan en beleid.
- Cultuur en religie kunnen redenen zijn voor (buitenlandse) investeerders om te investeren in de lokale omgeving.
- Economische innovaties vinden plaats in netwerken van flexibele partijen met behulp van een ‘connector’. Een connector is iemand die het netwerk vorm kan geven.

In 2013 en 2014 zijn in een vijftal bijeenkomsten de bestaande waarde- en geldstromen in de stad uiteengerafeld. Doel was mensen te verbinden die al ervaring hebben met deze nieuwe investeringsmodellen en een overzicht te geven van relevante trends en ontwikkelingen. Onderwerpen zoals de ‘Nieuwe Economie’, open data en investeringen vanuit cultuur en religie kwamen aan bod. Een bundeling van de inzichten van deze vijf avonden.

Van stad maken naar stad zijn

De eerste bijeenkomst ging over het gebruik van nieuwe investeringsnetwerken. De kern van het stad zijn is het zoeken naar manieren om vooruitgang te boeken in het bestaande. Een wijk van 4.000 huishoudens heeft ongeveer 160 miljoen euro aan inkomen. Dat is een gigantische stroom, waarvan een deel kan worden gebruikt om de eigen leefomgeving te verbeteren. Naast deze monetaire stroom zijn er sociale krachten die iets kunnen betekenen voor de eigen buurt. De kunst is om deze stromen te herstructureren en met hetzelfde volume nieuwe waarde te creëren. Zo beheert Strukton in de gemeente Rotterdam het komende decennium negen zwembaden. Het bedrijf ontvangt de energiekosten van de gemeente. Strukton investeert in het energiezuiniger maken van de faciliteiten en als bepaalde energiedoelen behaald worden, mag Strukton een deel van de besparing houden. Anders betaalt het bij. Dit is een budgetneutraal project voor de gemeente, terwijl de zwembaden verduurzaamd worden. Een ander voorbeeld is de pilot waarin woningcorporatie Talis de werkloosheid in de wijken terug probeert te dringen. Bij uitbestedingen van boven 150.000 euro is de aannemer verplicht om minimaal 5% van het bedrag te gebruiken voor werknemers uit de wijk.

Bestaande waarde- en geldstromen bieden kansen voor stedelijke ontwikkeling en onderhoud.

Nieuwe investeerders

Door de onzekere waardeontwikkeling stappen traditionele investeerders zoals banken en pensioenfondsen niet meer zo gauw in de stedelijke ontwikkeling. Nieuwe investeerders die persoonlijk betrokken zijn bij een vitale buurteconomie zullen dit moeten oppakken. Hiervoor moet ruimte worden gegeven en er moet rekening worden gehouden met de uiteenlopende doelen en waarden die nieuwe investeerders hebben. Het blijkt dat mensen uit alle lagen van de bevolking willen investeren. Het is belangrijk dat zij op de hoogte zijn van het initiatief en dat een financiering hen persoonlijk aanspreekt en financieel haalbaar is. Een nieuwe financieringsvorm kan ook zijn het slimmer omgaan met bestaande geld- en waardetransities. In Charlois, Rotterdam, is een project gaande dat de sociaal-maatschappelijke problemen tracht op te lossen. Met dans, muziek, cultuur, sport en onderwijsbegeleiding wordt schooluitval beperkt. Het is opgezet met een opstapeling van verdienmodellen. Doordat kinderen zich minder snel gaan vervelen wordt er minder vandalisme gepleegd, wat op de lange termijn geld bespaart. Die besparing wordt vooraf ingezet om het project te draaien. Ook worden lessen gegeven door mensen uit Charlois, waardoor het geld in de wijk blijft.

Open data & smart cities

Door het gebruik van digitale datastromen en deze uit te wisselen zijn onverwachte oplossingen mogelijk. De Internet of things (auto’s, smartphones, huishoudelijke apparaten en meer) zorgt ervoor dat er meer data dan ooit beschikbaar zijn over het gebruik van de stedelijke ruimte. Almere gebruikt bijvoorbeeld datastromen om de Grote Markt nieuw leven in te blazen. De systemen en data van de verlichting, veiligheidscamera’s en verkeerscirculaties zijn in verbinding met elkaar en beschikbaar. De gemeente initieert en stimuleert, maar het is de cloud die bepaalt welke projecten ontstaan. Zonder een duidelijk doel voorop te stellen is het mogelijk om de publieke ruimte een oppepper te geven. Maar niet alleen de openbare ruimte kan erbij gebaat zijn. Zo kunnen open data over het energieverbruik in een huis zorgen voor een verlaagd energieverbruik. Denk aan een vergelijking van het verbruik in eigen huis met een doelverbruik. De toegankelijkheid van de data is een belangrijk gegeven. Want zonder de menselijke factor wordt de informatie niet vertaald in een actie.

Open data betekent een digitale infrastructuur die voor iedereen toegankelijk is. Hierdoor kunnen creatieve applicaties ontstaan.

Een derde voorbeeld van slim gebruik van data is de wijze waarop zorgverzekeraar Achmea samenwerkt met de gemeente aan de hand van hun gegevens. Door aandachtswijken te identificeren is het mogelijk om de algemene gezondheid te verhogen en kosten te verlagen. Dergelijke maatschappelijke opgaven vormen de leidraad voor het Nimbe-vervolgtraject dat eind 2014, begin 2015 van start zal gaan.

Culturen

Bestaande netwerken van etnische gemeenschappen en ondernemers hebben veel potentiëel. In Nederland hebben zij een voorsprong als het gaat om participatie. Deze (sociale) waardestromen kunnen worden ingezet om ook de fysieke stad te ontwikkelen. Zo heeft een hindoegemeenschap in Den Haag zelf een pand gekocht, verbouwd en in gebruik genomen zonder subsidies of bankleningen. Hoewel het in eerste instantie gaat om zelfbelang, kunnen dergelijke projecten als ze wat groter worden een betekenis krijgen voor de buurt.

De persoonlijke benadering en sterke netwerken zijn meer dan ooit een belangrijke succesfactor.

Naast investeringen vanuit etnische en religieuze gemeenschappen kan er beter ingespeeld worden op de investeringsstromen uit het buitenland. Nederlandse steden kunnen door samen te werken een slag maken in het vormen van een aantrekkelijk investeringsklimaat. Hierbij is inzicht van belang in de vraag welke factoren voor investeerders de doorslag geven als twee steden hetzelfde profiel hebben. Zo zal de versterking van de lokale Chinese bedrijfscultuur bijdragen aan het aantrekken van investeringen uit China.

Probleemgestuurd denken, vervaging van lijnen

Het ontwikkelen van nieuwe waardestromen vergt het werken door meerdere domeinen heen. Dit is niet altijd even vanzelfsprekend. Bij de huidige werkwijze is het gewoonlijk om binnen eigen vak en netwerk te blijven. Het loont juist echter om in een flexibel netwerk te opereren, waarin deskundigen met verschillende achtergronden samenwerken. Innovatie komt immers dikwijls voort uit het combineren van verschillende bestaande inzichten. Een andere denkwijze is nodig, die al in het onderwijs moet worden aangeleerd. Het zogenaamde Triple Helix-concept gaat uit van een kennissamenleving die met een combinatie van onderwijs, bedrijfsleven en overheid groter potentieel biedt voor innovatie en economische ontwikkeling. Dit betekent dat de overheid meer los zal moeten laten; van overheid naar ‘tussenheid’. Wat we nodig hebben is een derde structuur en twee derde diversiteit, zo schrijft Emile Westhof. Een gebalanceerd netwerk dat nieuwe ideeën de ruimte geeft om te bloeien zonder in chaos te vervallen.

Toepassen in de eigen werkpraktijk

De lessen uit NIMB€ worden ook al toegepast in de eigen vervolgpraktijk van Stipo. In het Zomerhofkwartier in Rotterdam ontwikkelt Stipo als partner van Havensteder het gebied via “slow urbanism”. Gebruik wordt gemaakt van geldstromen van huurders, en bestaande geldstromen van onder meer de corporatie en de gemeente. In de Hoekse Waard heeft Stipo een gebiedsstrategie ontwikkeld volgens de principes van NIMB€. Steeds meer is het gedachtengoed van NIMB€ basis voor een nieuwe manier van ontwikkelen, door Stipo eerder al publiek ontwikkelen genoemd, in het manifest Van stad maken naar stad zijn.

Vervolgtraject

Eind 2014, begin 2015, start een nieuwe reeks van NIMB€. Meer informatie over dit traject zal worden gepresenteerd op www.stipo.nl, en is verkrijgbaar bij jeroen.laven@stipo.nl

Zie ook:


Portret - Wilson Wong

Door Wilson Wong

Project Manager at Ideal Projects


Meest recent

Muziek en films door Maksim Safaniuk (Shutterstock)

Ontspannen genieten en bijleren deel 3 (slot): de GO.nu-films en muziek

De zomer is natuurlijk niet compleet zonder de lees- en luistertips van Gebiedsontwikkeling.nu. We vroegen de GO-redactie en het SKG-team van de TU Delft om hun suggesties. We sluiten het drieluik van favo’s af met de films en de muziek.

Persoonlijk

10 augustus 2022

GO zomertour door CrispyPork / Ineke Lammers (Shutterstock bewerkt door GO.nu)

GO zomertour 2022 #4: Boston

Voor aflevering 4 van de GO Zomertour steken we de oceaan over. In Boston nemen we onder leiding van Jaap Modder The Big Dig onder de loep, waarbij snelweg 93 onder de grond werd gebracht.

Uitgelicht
Casus

9 augustus 2022

Kloof wetenschap en praktijk door Margot Melissen (gebiedsontwikkeling.nu)

Waarom de schakel tussen wetenschap en praktijk juist moet schuren

Is de afstand tussen wetenschap en praktijk in de ruimtelijke ordening te groot? Die sombere conclusie valt niet in goede aarde bij SKG-directeur en hoofddocent gebiedsontwikkeling Tom Daamen, maar hij ziet wel ruimte voor verbetering.

Uitgelicht
Analyse

8 augustus 2022