De ethiek achter gebiedsontwikkeling

20 mei 2013

4 minuten

Opinie Snel geld willen verdienen of jezelf rijk rekenen, is gevaarlijk. Tal van eeuwenoude sagen, mythen en spreekwoorden waarschuwen ervoor. En als je de ‘gok’ toch waagt? Kom dan niet zeuren als je het voorspelde deksel op je neus krijgt. Daarom is er momenteel zoveel lof voor familiebedrijven. Zij speculeren minder en zijn meer gericht op de lange termijn. Met familiekapitaal dien je immers behoedzaam om te gaan. Ditzelfde imperatief geldt voor de publieke en semipublieke sector. Zij investeren met gemeenschapsgeld en óók daarmee dien je behoedzaam om te gaan.

Wat als blijkt dat er door de (semi)publieke sector niet behoedzaam met gemeenschapsgeld is omgegaan? Wat gebeurt er dan? Dan gebeurt er niets. Als we de krant mogen geloven, verloor gemeente Apeldoorn in het slechtste geval 0,2 miljard euro als gevolg van overprogrammering en tegenvallende grondverkopen. Vestia verloor 2 miljard aan verdampte derivaten. SNS Reaal kocht 7 jaar geleden met veel ambitie ten aanzien van de vastgoedsector SNS Property Finance en is recent genationaliseerd voor een bedrag van 4 miljard euro. Een faillissement is bij alle drie uitgebleven. SNS Reaal is genationaliseerd, Vestia wordt geholpen door de branche en gemeente Apeldoorn staat onder toezicht van de Provincie. Zowel Apeldoorn, Vestia als SNS Reaal zijn, met het doel om geld te verdienen, schijnbaar lucratieve maar risicovolle investeringen aangegaan waarvan ze de gevolgen niet zelf konden dragen in het geval het mis zou gaan. Aangezien (semi)publieke instellingen niet failliet kunnen gaan vanwege het maatschappelijke belang dat ze hebben, komt de rekening in het geval het misgaat bij de samenleving. Dat is wrang: met het doel om geld te verdienen risicovolle investeringen aangaan waarvan je de financiële gevolgen als het mislukt niet zelf kan of wil dragen. Sterker nog: wat er ook gebeurt, failliet ga je nooit. De misinvesteringen zijn de bestuurders van deze (semi)publieke overheidsorganen aan te rekenen. Er is dan wel geen sprake van juridisch falen, maar wel van moreel falen. De bestuurders hebben de crisis in onder meer de woningmarkt niet kunnen voorzien, maar dat doet er in de ethiek niet toe. Zij hadden de morele plicht om dergelijke risico’s te onderkennen. Dat is het grote verschil tussen recht en ethiek. De bestuurders waren blijkbaar onvoldoende gemotiveerd om de financiële risico’s te onderkennen en dat is hen moreel aan te rekenen.

De remedie voor dergelijk moreel falen lijkt eenvoudig: extra wet- en regelgeving. Wie gaat deze extra regelgeving opstellen? Dat gebeurt door experts die werken bij toezichthoudende instanties, zoals de DNB, AMF, CFV, WSW, MinFin, of Provincie. Zowel de inhoudelijke materie als de wet- en regelgeving zijn immers zo complex dat extra regelgeving niet kan worden overgelaten aan niet-experts in bijvoorbeeld een gemeenteraad of raad van bestuur. Maar voor de goede orde, deze toezichthoudende instanties hebben niet gewaarschuwd of ingegrepen om de financiële debacles van Apeldoorn, Vestia en SNS-Reaal te voorkomen en zijn dus mede verantwoordelijk te houden. En zij zouden nú wel de aangewezen instanties zijn om nieuwe regelgeving op te stellen? Dit is een klassiek voorbeeld van institutioneel falen. In plaats van extra wet- en regelgeving kan wellicht beter worden ingezet op het morele geweten van de bestuurders. Van een wethouder, woningcorporatiedirecteur en bankdirecteur mag toch een zekere beroepseer en zorgplicht worden verwacht? Kortom, een appél voor deugdethiek in plaats van extra regelgeving. Hier valt tegenin te brengen dat deugdethiek geen recht doet aan de complexiteit van de vraagstellingen. Durven we het aan om de beslissingen over financiële investeringen, derivaten en risico’s op het vlak van gebiedsontwikkeling over te laten aan individuele afwegingen van bestuurders? Of is het dan toch veiliger om extra regelgeving op te stellen zodat bestuurders niet iedere keer zelf een eigen ethische afweging hoeven te maken?

Hier treedt een interessante paradox naar voren. Enerzijds lijken de debacles bij Apeldoorn, Vestia en SNS Reaal het gevolg van een institutioneel falen, want ook de toezichthoudende en regelgevende instanties waren niet in staat om de debacles te voorkomen. Hieruit kan worden geconcludeerd dat extra regelgeving geen soelaas biedt en er meer is te zeggen voor een appél op individuele verantwoordelijkheid en zorgplicht. Anderzijds lijkt deze deugdethiek ook niet afdoende aangezien de maatschappelijke belangen te groot zijn om de financiële afwegingen over te laten aan het morele geweten van individuele bestuurders. Dit is de bekende paradox tussen procedurele ethiek en deugdethiek.

Deze paradox laat zich niet eenvoudig oplossen, maar we zijn al een stap verder als degene die de risicovolle investering aangaat, in het geval het misgaat ook zelf op zijn/haar blaren moet zitten. Risicovol investeren en als het mislukt de financiële gevolgen bij een ander leggen, is moreel onaanvaardbaar. Bestuurders in de (semi)publieke sector zullen terughoudender (lees: ethischer) met risicovolle investeringen omgaan, als de (semi)publieke instelling daardoor uiteindelijk failliet kan gaan. Maar (semi)publieke instellingen hebben een spilfunctie in de samenleving zodat een faillissement niet wenselijk is. Vanuit ethisch perspectief gezien, kunnen risicovolle investeringen om geld mee te verdienen daarom maar het beste aan de markt worden overlaten.

Daniel Lobregt
Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel

Zie ook:


Portret - Daniel Lobregt

Door Daniel Lobregt

Royal Haskoning DHV


Meest recent

Edinburgh castle, Schotland door TTstudio (bron: shutterstock)

In drie stappen naar lokaal leven, zo doen de Schotten dat

De 15-minuten stad geldt als duurzame stadontwikkeling. In Schotland is de stad met lokaal georiënteerde wijken nu nationaal beleid. Een leidraad helpt overheden, ontwikkelaars en stadmakers dit principe te implementeren.

Onderzoek

21 mei 2024

Distributiecentrum in Zwaagdijk door Aerovista Luchtfotografie (bron: Shutterstock)

Hoe de ‘dozen’ langs de snelweg handelslandschappen voortbrengen

Distributiecentra zijn velen een doorn in het oog. Maar ze zijn de uitkomst van het economische verhaal van Nederland als distributieland. Merten Nefs deed onderzoek naar het fenomeen.

Interview

21 mei 2024

Waddinxveen, Nederland door Menno van der Haven (bron: shutterstock)

Friso de Zeeuw: “Dit coalitieakkoord biedt kansen voor gebiedsontwikkeling en daarmee voor de aanpak van de wooncrisis”

Het coalitieakkoord dat gisteren werd gepresenteerd biedt volgens emeritus hoogleraar Friso de Zeeuw voldoende aanknopingspunten voor gebiedsontwikkeling en daarmee om de wooncrisis aan te pakken. “1 miljard euro per jaar, dat is geen kattenpis.”

Opinie

17 mei 2024