platform voor kennis, nieuws en opinie
Zoeken
platform voor kennis, nieuws en opinie

Ook voor de bouwer is groen in gebiedsontwikkeling belangrijk

Ook voor de bouwer is groen in gebiedsontwikkeling belangrijk

Lente in een park in Frankrijk

Als bouwbedrijf is goed omgaan met het groen in de praktijk soms makkelijker gezegd dan gedaan. Toch wil Harwil de Jonge, directeur bij bouwbedrijf Heijmans, dat er een andere manier van denken gaat ontstaan in het omgaan met groen. Zo hoopt hij in de dagelijkse praktijk van het gebiedsontwikkelingsproces het verschil te kunnen maken. “Waar we vanaf moeten is alleen maar te denken dat vergroening op de korte termijn geld kost en op de lange termijn niks oplevert.”

Van oudsher is woningbouw erop gericht om te bouwen en op te leveren. Daarna is de bouwer uit het zicht. Maar juist in de gebruiksfase gaat een gebied leven. Vooraf gestelde ambities gaan pas in de jaren erna de gewenste impact maken. Of niet. Dat is de reden dat De Jonge als gebiedsontwikkelaar langer betrokken wil blijven. “Het gaat er bij Heijmans om dat wij de locatie bij alle gebiedsontwikkelingen beter achterlaten dan we bij aanvang aantroffen”, benadrukt hij.

Om dat waar te maken, is monitoring en het meetbaar maken van verschillen een belangrijk uitgangspunt. Dat doet het bedrijf bewust sinds 2018, vertelt De Jonge. Het bouwbedrijf past daarbij een methodiek toe om duurzaamheid van de buitenruimte te beoordelen. “Het winnen van de tender voor de bouw en beheer van het Nationaal Militair Museum in Soesterberg was een eye-opener voor ons. Naast het ontwerp en het bouwen, is ook 25 jaar beheer en onderhoud van gebouw en park onderdeel van het contract. Dat maakt dat je zelf andere keuzes kan maken in de ontwikkelfase die van invloed zijn op de exploitatiefase. Het monitoren en meetbaar maken van de impact van onze eigen ingrepen, daagt Heijmans uit om anders te denken.”

4 lessen voor een groene stad:

  • Leg vergroeningsambities (en die van partners) vroegtijdig vast. Ga daarna (pas) ontwerpen en ontwikkelen.
  • Kijk in én buiten je eigen organisatie en leg de verbinding. Neem specialisten in dienst, maar betrek ook externe kennispartners op het thema ‘groen’ bij het project. Denk in het bijzonder aan wetenschappelijke instellingen; zij maken letterlijk en figuurlijk het verschil en brengen inzichten die je zelf niet anders kunt organiseren. Zowel in wat je kunt maken als hoe je het proces ernaartoe goed kunt organiseren.
  • Communiceer open over je ambities. Intern én extern, het is zenden én ontvangen. Het helpt in het proces als de omgeving zich betrokken en gehoord voelt over hoe je die omgeving, in samenwerking, duurzaam wil vergroenen.
  • Heb oog voor de lange termijn exploitatie van de omgeving. Dan stel je andere ambities en bereik je andere doelen voor een gezondere leefomgeving.

Het centraal stellen van het langetermijnperspectief met een integrale gebiedsgerichte aanpak, is de stap die Heijmans nu overal aan het maken is. Want vergroenen lijkt een eenvoudige opgave, maar is het allerminst. De Jonge: “Waar we vanaf moeten is alleen maar te denken in kosten – dat weten we goed te kwantificeren -, dat vergroening op de korte termijn geld kost en op de lange termijn niks oplevert. Maar wat vergroening doet met gezondheid, sociale cohesie of met eenzaamheid, is lastiger te kwantificeren. Terwijl alles in je zegt dat dit een positief effect moet hebben op die thema’s. Het effect van groen of stenig is tijdens de coronacrisis wel duidelijk geworden. Iedereen is gaan zien en waarderen wat groen in de omgeving doet. Daarmee is de tijd rijp om vergroening in elk project als ontwikkelopgave op te pakken.”

Sociaal, Natuurlijk en Ruimtelijk domein

‘Sociaal, Natuurlijk en Ruimtelijk domein’ door Heijmans (bron: platform31.nl)

Belangrijke transformatie

Ruim twee jaar geleden bedacht Heijmans de missie en strategie voor de eerstvolgende vijf jaar: De makers van de gezonde leefomgeving. “We zitten midden in een grote maatschappelijke transitie waarbij we steeds meer bewegen van welvaart naar welzijn. Verduurzaming staat daarom ook hoog op de strategische agenda. Onze missie is gestaafd met de focus op drie strategische pijlers: Verbeteren, Verslimmen en Verduurzamen. Binnen deze laatste ligt de focus op energie, materialen en ruimte.” Het was de start van een belangrijke transformatie van het bedrijf. Met deze missie besloot Heijmans de bouw- en infrawereld aan te sturen vanuit gebiedsontwikkeling. Het sectorale denken maakt plaats voor een integrale aanpak. Dat de Raad van Bestuur, met goedkeuring van de Raad van Commissarissen, deze missie in het jaarverslag 2018 opnam, betekende veel voor het beursgenoteerde bedrijf.

Het realiseren van die klimaatbestendige missie, horend bij dit transitietijdperk, betekende ook het formuleren van een aantal bijbehorende uitspraken. Zo wil Heijmans in 2023 in alle nieuwe gebiedsontwikkelingen de hoogste duurzaamheidsscore (A) van het NL Greenlabel halen. Daarnaast wordt de praktijk in drie voorbeelden van gebiedsontwikkeling getoetst.

Wat vergroening doet met gezondheid, sociale cohesie of met eenzaamheid, is lastiger te kwantificeren

Kruidenmengsel

Ten eerste is dat de Maanwijk in Leusden, met sociale inclusiviteit als hoofdthema, waar de verknoping van ruimte, technologie en natuur een wijk moet opleveren die socialer, slimmer en gezonder is. De tweede gebiedsontwikkeling is de wijk Vijfsluizen in Vlaardingen, met biodiversiteit en klimaatadaptatie als hoofdthema's. Hier moet een nieuwe duurzame, autoluwe woonbuurt met circa 400 toekomstbestendige woningen en appartementen in het groen komen. Het laatste praktijkvoorbeeld is Feyenoord City, met het thema ‘Smart City’.

Heijmans heeft, door eigen grondposities, zelf veel meer sturing op de kwaliteit dan nu wettelijk verplicht is. Gemeenten zijn zelden tegen een hogere kwaliteit van de leefomgeving, mits het hen geen extra geld kost. Een grasveld is bijvoorbeeld goedkoop in aanleg, maar draagt weinig bij aan biodiversiteit. Een grasveld is voor gemeenten duur in beheer en onderhoud, want dat moet in het hoogseizoen wekelijks gemaaid worden. “Waarom zou je niet veel meer een wilde bloemen- en kruidenmengsel toepassen, dat wilde bijen aantrekt en veel minder onderhoud vergt? Goed voor de biodiversiteit en voor het onderhoudsbudget. Maar zo’n kruidenmengsel staat vaak niet in de Nota Groenbeheer“, vertelt De Jonge. Daarom is het belangrijk om bij de start van een gebiedsopgave eerst gezamenlijk de ambities vast te leggen, waarmee je de ruimte creëert om die ook door te voeren.

Harwil de Jonge

‘Harwil de Jonge’ door Platform31 (bron: platform31.nl)

Nieuw speelveld

Gemeenten werken nog te sectoraal. Dat kan volgens De Jonge anders, door bijvoorbeeld WMO-gelden beschikbaar te stellen als investeringsbudget voor vergroening. Een integrale aanpak voor het werken aan vergroening (aanleg én beheer) van het stedelijke gebied is daarom van belang. Want meer welzijn leidt mogelijk tot minder eenzaamheid en minder gezondheidsproblemen in de toekomst, dus minder WMO-uitgaven? Maar die koppeling met gezondheid door vergroening wordt nu nog niet gelegd.

Heijmans verwacht echter dat, door de monitoring in de exploitatiefase, op termijn dergelijke verbanden wel gelegd kunnen worden. Zo is Heijmans in gesprek met verzekeringsbanken. Wie heeft er baat bij dat een gebied niet overstroomt? Als een verzekeraar geen schade hoeft uit te keren, dan is zij misschien wel bereid mee te investeren in toepassingen om schade te voorkomen. Er zitten nu andere belanghebbenden aan tafel dan gebruikelijk was. En de eindgebruiker is veel beter in beeld om mee te beslissen hoe zij de buitenruimte aangelegd wil zien.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Platform31

Cover: 'Lente in een park in Frankrijk' door Elena Skalovskaia (bron: Shutterstock)

Auteur

Ruud Kruip
Ruud Kruip

Ruimtemaker & buurtontwikkelaar

Bekijk alle artikelen