Low Carbon Urbanism door BURA-LEVS-UCA (bron: BURA-LEVS-UCA)

“Denk op gebiedsniveau zo vroeg mogelijk over CO₂-uitstoot na”

1 april 2026

7 minuten

Onderzoek In de publicatie Low Carbon Urbanism onderzoeken BURA, LEVS architecten en Urban Climate Architects op basis van zeven gebiedstypologieën waar de CO₂-winst in gebiedsontwikkeling behaald kan worden. De drie partijen roepen op om CO₂ vanaf fase één in een ontwikkeling als ontwerpparameter te gebruiken. “Denk niet meer alleen vanuit beeld, vorm en dichtheid, maar ook vanuit CO₂-perspectief.”

“Op het gebied van gebouwen en materialen zien we vooruitgang, en er is mogelijk zelfs sprake van een ‘houtbouwrevolutie’. Maar stedenbouw en gebiedsontwikkeling blijven achter. Ons CO₂-budget raakt op in 2030. Ontwikkelingen zoals houtbouw helpen, maar om de Parijsdoelen te halen moeten we breder kijken.” Met deze waarschuwing opent de publicatie Low Carbon Urbanism. In de periode april 2024 – januari 2026 onderzochten BURA, LEVS architecten en Urban Climate Architects de CO₂-uitstoot van zeven Nederlandse gebiedstypologieën: van een villawijk tot een compacte stadsbuurt. De onderzoekers berekenden in deze zeven gebieden de materiaalgebonden CO₂-uitstoot van woningen, infrastructuur, openbare ruimte en bodem in drie materiaalscenario’s: traditioneel, hybride en biobased. De belangrijkste conclusies: de verschillen zijn enorm, meer dichtheid is niet altijd beter en de uitstoot hangt samen met het vinden van balans tussen dichtheid en hoogte.

Daarmee biedt de publicatie volgens de drie betrokken partijen “concrete handvatten om CO₂ als ontwerpparameter te gebruiken vanaf fase één. De boodschap: het is én-én, niet óf-óf.” In de praktijk bevatten de eerste kaders van een hypothetisch stedenbouwkundig plan nu (nog) parameters als: 50.000 vierkante meters BVO, 800 woningen en 1.200 parkeerplaatsen. Als het aan de onderzoekers ligt, bevat het complete plan in de toekomst ook nog de parameter 32.000 ton CO₂. Want, stellen zij, als je als gebiedsontwikkelaar vanaf het begin nadenkt over CO₂ als “essentiële ontwerpparameter”, kan je er ook direct beslissingen aan verbinden. Kies je als gebiedsontwikkelaar, als je de uitstoot wil verminderen, voor minder parkeren of voor een breder gebruik van biobased materialen? Marco Broekman (BURA) en Jurriaan van Stigt (LEVS Architecten) lichten het onderzoek en de resultaten verder toe.

Waarom hebben jullie besloten dit onderzoek met z’n drieën op te pakken?

Broekman: “Ik zag en zie nog steeds, in heel veel steden en in de plannen waar we aan werken, dat we in een veel te laat stadium dingen gaan bevragen over dichtheid, wijze van bouwen en hoogte in relatie tot CO₂. Anderhalf jaar geleden hebben wij de studie Post Growth City opgeleverd. Onderdeel van die studie is materiaal- en energiegebruik in steden. Tijdens dat onderzoek ontmoette ik Tim Vermeend, oprichter van Urban Climate Architects. Wij zijn wat dingen samen gaan doen en toen kwamen we al snel het werk van LEVS op bouwblok- en gebouwniveau tegen.”

“Wij kenden elkaar ook al uit Merwede en toen dacht ik: we kunnen zelf wel weer een nieuwe tool gaan ontwikkelen, maar waarom vragen we Jurriaan er niet bij en doen we het samen? We zijn op zoek gegaan naar subsidies, maar dat ging moeizaam en toen dachten we: we doen het zelf wel. En dat is dit boekje geworden.”

Low Carbon Urbanism 2 door BURA-LEVS-UCA (bron: BURA-LEVS-UCA)

‘Low Carbon Urbanism 2’ (bron: BURA-LEVS-UCA)


Van Stigt: “We vinden het onderwerp zo belangrijk dat we het onderzoek sowieso wilden doen, ook zonder subsidies. We wilden echt iets concreets opleveren waar we op voort kunnen bouwen. Door deze samenwerking konden we vanuit verschillende invalshoeken naar het onderwerp kijken. Wij doen als bureau projecten tussen de 500 en 1.000 woningen, BURA werkt vooral op een nog grotere schaal. Tim vat het altijd samen als: BURA is van de grote schaal, jullie zijn van de tussenschaal en wij zijn van de houten gebouwen. Te simplistisch natuurlijk, maar het is wel erg fijn om vanuit verschillende perspectieven naar dit onderwerp te kijken.”

Tegen welke zaken liepen jullie aan in jullie eigen beroepspraktijk waardoor jullie dachten: deze publicatie moet er komen?

Broekman: “Wij werken met BURA in totaal aan plannen voor 80.000 tot 90.000 woningen in Nederland, van Merwede tot Rijnpark Arnhem en Almere Pampus. Als we dat aantal op de traditionele manier zouden bouwen, zouden wij alleen al 40 procent van het totale Nederlandse CO₂-budget opsouperen. Zie de krantenkoppen al voor je? Binnen heel veel van die projecten agendeer ik onze zorgen, maar heel veel ligt al vast. Dan kan je ergens nog een houten gevel tegenaan plakken, maar meer lukt niet. Dat was één van de gedachten achter deze publicatie: kunnen we fundamenteler en in een zo vroeg mogelijk stadium de belangrijkste keuzes inzichtelijk maken die materiaalgebonden CO₂ sturen?”

Een GREX vindt niemand ingewikkeld, maar waarom zou je niet een CO₂-begroting bij een ontwikkeling kunnen hebben?
Jurriaan van Stigt

Van Stigt: “Het is logisch om te verdichten, het is logisch om binnenstedelijk gebruik te maken van wat er al is, het is logisch om wat kleiner te bouwen. Maar wat betekenen die beslissingen concreet? De essentie is: denk op gebiedsniveau zo vroeg mogelijk over CO₂-uitstoot na. Neem CO₂ vanaf het begin mee als uitgangspunt. En of je dan alle ambities haalt, is een tweede. Als de bouwkosten stijgen, stop je ook niet met een ontwikkeling.”

Wat betekent deze gedachtegang in de praktijk voor gebiedsontwikkelaars?

Broekman: “In de stedenbouw maak je gebruik van een bouwenvelop of een kavelpaspoort. Zo’n document zegt iets over aantal vierkante meters, hoogte, bouwprogramma, fietsparkeren. Daar moet volgens ons een CO₂ -getal bij. En dat kan ook op gebiedsniveau of bouwblokniveau. En vooral: neem dat getal mee vanaf het begin, want dat gebeurt nu niet. Het gaat vooral over aantallen woningen knallen, mobiliteit, voorzieningen. Maar over CO₂-uitstoot wordt bijna niet gesproken, die getallen komen niet op tafel. En daarmee worden fundamentele vragen niet gesteld. Bijvoorbeeld: moet je een bepaald gebouw slopen of niet, moet je hier wel bouwen of welke mobiliteitsstrategie reduceert de CO2-uitstoot het meest?”

“Als dit getal eerder op tafel komt, kunnen die vragen wel worden gesteld. Veel andere krachten zorgen ervoor dat het over vierkante meters en aantallen gaat, bijvoorbeeld vanuit de politiek. Het is mij ook nog niet gelukt om dit getal in een groot stedenbouwkundig plan op te laten nemen en daar ook naar te gaan handelen.”

Schiedam door BYonkruud (bron: shutterstock)

‘Schiedam’ door BYonkruud (bron: shutterstock)


Van Stigt: “In de gebiedsontwikkeling Schiehaven-Noord in Rotterdam proberen wij dat wel. Maar het is heel lastig, bijvoorbeeld door definitieverschillen. Hier wordt dan gezegd: we moeten als gebiedsontwikkeling 'Paris-proof' zijn. Maar wat dat precies betekent, is weer voor iedereen anders. Waarom zeg je niet: we doen het beter. Parkeren boven de grond in plaats van ondergronds, kleinere woningen, parkeernorm lager, openbare ruimte minder verhard. Allemaal goed voor de CO₂-begroting en iedereen snapt het. Een GREX vindt niemand ingewikkeld, maar waarom zou je niet een CO₂-begroting bij een ontwikkeling kunnen hebben?”

Broekman: “De getallen gebruik je om de juiste gesprekken te voeren. Schiehaven-Noord is maar een gebiedje met 700 woningen, maar laat al zien hoe ingewikkeld dit gesprek is. We hebben meer gemeentes nodig die deze aanpak faciliteren, het is heel mooi dat de gemeente Rotterdam dat wel doet.”

Van wie hopen jullie vooral dat zij de lessen uit de publicatie in de praktijk gaan brengen?

Van Stigt: “Ambtenaren bij de gemeenten zijn zeker belangrijk. Maar de rol van beleggers en ontwikkelaars wordt vaak uit het oog verloren. De grote beleggers en ontwikkelaars moeten over een aantal jaar CO₂-rapportages gaan uitbrengen waarin staat voor hoeveel CO₂-uitstoot zij verantwoordelijk zijn. Dus zij moeten aan de slag en kunnen daar dit boekje voor gebruiken.”

Broekman: “De publicatie is zeker ook voor stedenbouwkundigen geschikt. Ik denk dat we als stedenbouwkundigen wat meer lenigheid moeten kweken. Denk niet meer alleen vanuit beeld, vorm en dichtheid, maar ook vanuit CO₂-perspectief. Welke keuze is duurzaam? Dat is een oproep aan mijn eigen wereld om daarvoor open te staan en kritisch naar jezelf te zijn. Welk plan doe je wel en welk plan doe je niet? Het gaat er niet om dat je utopieën kan maken met deze bril op, maar dat je weet aan welke knoppen je kan draaien in grotere gebiedsontwikkelingen. En die knoppen zitten denk ik wel in deze publicatie.”

Low Carbon Urbanism bewoners door BURA-LEVS-UCA (bron: BURA-LEVS-UCA)

‘Low Carbon Urbanism bewoners’ (bron: BURA-LEVS-UCA)


Van Stigt: “We hopen nog een verdiepingsslag te mogen maken op deze publicatie, dit keer het liefst dan wel met een klein beetje financiering. We moeten echt veel beter kijken naar de impact van de openbare ruimte, wat zijn vanuit CO₂-perspectief daar de gevolgen van de keuzes. En we weten bijvoorbeeld boven de grond best wel veel, maar onder de grond is nog heel veel onbekend. Daar hebben we nog veel te weinig zicht op en moet nog heel veel gebeuren. Kabels, leidingen, bouwrijp maken. Hoeveel kost dat aan CO₂ en stikstof? Daar hebben we als vakgebied echt te weinig zicht op. Maar ook: wat kosten openbare ruimte en infrastructuur? Kunnen we de CO2-uitstoot inclusief kosten en baten integreren in de grondexploitatie? Al deze afwegingen moeten gaan bepalen waar en hoe we gaan bouwen.”


Cover: ‘Low Carbon Urbanism’ (bron: BURA-LEVS-UCA)


Jasper_monster_sandervanwettum door Sander van Wettum (bron: SKG)

Door Jasper Monster

Waarnemend hoofdredacteur Gebiedsontwikkeling.nu


Meest recent

Low Carbon Urbanism door BURA-LEVS-UCA (bron: BURA-LEVS-UCA)

“Denk op gebiedsniveau zo vroeg mogelijk over CO₂-uitstoot na”

In de publicatie Low Carbon Urbanism wordt op basis van zeven gebiedstypologieën onderzocht waar de CO₂-winst in gebiedsontwikkeling behaald kan worden. “Gebruik CO₂ vanaf fase één in een ontwikkeling als ontwerpparameter.”

Onderzoek

1 april 2026

Skate- en cultuurplek Pier15 op de kop van de Veilingkade, Breda door Denise Vrolijk (bron: Denise Vrolijk)

Samen bouwen aan de sweetspot van Breda

De makers van ’t Zoet in Breda hebben lef. Een publieke samenwerking tussen provincie en gemeente durft van koers te veranderen en stelt leefkwaliteit centraal. De vroegtijdige betrokkenheid van partners en belanghebbenden blijkt essentieel.

Uitgelicht
Casus

31 maart 2026

Hans-Hugo Smit Column Cover door Esther Dijkstra (bron: Illustratie Esther Dijkstra, bewerkte foto Matthijs van Roon)

Ombudsmanwoningbouw

Columnist Hans-Hugo Smit las de politieke analyses na de gemeenteraadsverkiezingen en de term ombudsmanpolitiek viel op. Hij trekt de vergelijking met ons vakgebied en ziet daar tot zijn spijt regelmatig ombudsmanwoningbouw voorbijkomen.

Opinie

30 maart 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op