Fietsers in Amsterdam door Peter B. (bron: Flickr)

Fietsgebruik bevorderen in steden? Begin dan bij de fietser

16 februari 2022

3 minuten

Onderzoek De fiets is in veel steden en regio’s een kansrijke oplossing voor leefbaarheid- en duurzaamheidsvraagstukken. Uit het onderzoeksproject Smart Cycling Futures blijkt dat succesvolle fietsstimulering niet alleen een kwestie is van meer fietsinfrastructuur. Ruimtelijke ingrepen moeten oog hebben voor kwaliteiten van fietsers en gericht zijn op versterking van bestaande fietspraktijken.

Veel overheden richten zich met het huidige fietsbeleid via het aanbod van infrastructuur en informatievoorziening op het vergroten van de aantrekkelijkheid van het fietsen voor niet-fietsers. Dit leidt met enige regelmaat tot vruchteloze pogingen om automobilisten uit de auto krijgen. Beter is om de fietscultuur te bevorderen door bestaande fietspraktijken te versterken en aantrekkelijker te maken, omdat daarmee het gewenste gedrag nader kan worden ingebed en uitgebouwd. Bovendien worden daarmee degenen die zulk gedrag al vertonen verder ondersteund.

Genieten en profijt

Fietsstimulering begint met begrip voor, ondersteuning van en investering in de handelswijze van mensen die al (veelvuldig) fietsen. Het uitbouwen van hun fietspraktijken is belangrijk omdat deze bestaande fietsers een 'menselijke infrastructuur' vormen die een cruciale rol speelt bij het ondersteunen en stimuleren van fietsgebruik. Zien fietsen doet namelijk fietsen.

Een belangrijke verklaring voor het belang van de ‘menselijke infrastructuur’ voor de ontwikkeling van fietspraktijken is de sociale feedback die optreedt als mensen zien dat anderen genieten en profijt hebben van het fietsen. En hoewel ruimtelijke-ordeningsmaatregelen, innovaties en omgevingsfactoren zeker een rol spelen bij het creëren van gunstige voorwaarden voor fietsen, is het belang van de sociale omgeving eveneens groot.

Onderhandelen

Het verplaatsen per fiets geeft mensen op verschillende manieren een fysieke ervaring. Het lichaam dient ten eerste als motor van de voortstuwing. Ten tweede wordt bij fietsen de omgeving, anders dan bijvoorbeeld bij autorijden, veel directer beleefd: de zintuigen van fietsers worden zonder tussenkomst geprikkeld. Een deel van de fietsers ontleent plezier aan één of beide ervaringen bij het fietsgebruik.

Hiernaast is fietsen een sociale aangelegenheid, veel meer dan bij verplaatsen per auto het geval is. Niet alleen voor mensen die samen opfietsen, maar bovenal in de contact- en interactiemogelijkheden met medeweggebruikers. Op de fiets is ‘onderhandelen’ met andere verkeersdeelnemers veel gemakkelijker dan vanuit een auto. Deze mogelijkheid helpt fietsers om zich op een soepele en veilige manier door een gebied of omgeving te verplaatsen.

Fietslogica

Deze fysieke en sociale aspecten van fietslogica worden alleen nog onvoldoende verwerkt in state-of-the-art fietsinfrastructuur. Efficiëntie en doorstroming staan vaak voorop, zodat te weinig wordt uitgegaan van de kwaliteiten van de fietser. Dit leidt ertoe dat de fietsruimte verborgen verwachtingen of 'scripts' bevat over hoe fietsers zich dienen te gedragen, als waren het automobilisten.

Dit is terug te zien in bijvoorbeeld het ontwerp van kruispunten en belijning, die geënt zijn op vlotte doorstroming en niet op interactie en onderhandeling. Betere inrichting van de fietsruimte vraagt dus dat meer wordt ingespeeld op de fysieke en sociale mogelijkheden van de fietser, zodat diegene meer zijn of haar eigen fietslogica kan volgen en het aantrekkelijker wordt om te fietsen.

Dialoog mét de fietser

Bij het ontwikkelen van het vervoerssysteem redeneren steden en regio’s nog (te) weinig vanuit de perspectieven van de (bestaande) fietsers en zijn specifieke kwaliteiten. De uitdaging ligt in de uitwerking. Smart Cycling Futures leert dat living labs daarbij kunnen helpen. Sleutel voor succes daarbij is de wil om te experimenteren in nieuwe samenwerkingsvormen.

Het is aan de overheid om de fietser in living labs zijn stem te laten horen, zodat het gebruikersperspectief is gegarandeerd. Praten mét fietsers helpt om het fietssysteem aantrekkelijker te maken voor fietsers - en langs die weg voor een duurzamere en meer leefbare stad te zorgen.

Over dit onderzoek

Smart Cycling Futures (SCF) was onderdeel van onderzoeksprogramma Smart Urban Regions of the Future (SURF), een initiatief van Verbinden van Duurzame Steden (VerDuS). In het project werkten Universiteit Utrecht, Universiteit van Amsterdam, Technische Universiteit Eindhoven en Hogeschool Windesheim Zwolle nauw samen met de gemeenten Utrecht, Amsterdam, Eindhoven en Zwolle, evenals de provincies Overijssel, Utrecht en Noord-Brabant en de vervoersregio Amsterdam. Meer informatie is te vinden op www.smartcyclingfutures.nl.

In SCF is geëxperimenteerd met nieuwe vormen van samenwerking via zogeheten ‘living labs’. Hierin experimenteren partijen, zoals overheden, marktpartijen, belangengroepen, gebruikers en kennisinstellingen, met het vinden van oplossingen voor een opgave. Kenmerkend hierbij is de nadruk op samen leren, liefst samen met gebruikers of andere burgers. Zo hebben alle participerende partijen invloed op het proces en het resultaat ervan.

De proeven in onze living labs draaiden om fietsinnovaties als oplossing voor uiteenlopende stedelijke (vervoers)vraagstukken. In Amsterdam en Utrecht is geprobeerd hoe fietsgebruik kan worden gestimuleerd én extra ruimte kan worden bespaard met wisselfietsen en deelfietsen.[1] In Zwolle is geëxperimenteerd met participatie en infrastructuurverbetering, door het respectievelijk ontwikkelen van fietslessen ‘nieuwe stijl’ aan nieuwe Zwollenaren en regionale snelfietsroutes.[2],[3]

Al dit onderzoek laat zien dat bij de bevordering van fietsgebruik nog (te) weinig oog is voor de beweegredenen en het gedrag van de fietser. De uitgangspunten en veronderstellingen van menig stedelijk fietsbeleid verdienen daarom bijstelling. Hiernaast leverde de aanpak in living labs inzichten op over de betrokkenheid van fietsers bij het zoeken naar oplossingen.

[1] Meer details en achtergronden van het Utrechtse living lab staan o.a. in: De Vor, F., Bezembinder, E. & Kampen, H. (2021). Met dockless deelfietsen naar een duurzaam stedelijk mobiliteitssysteem: observaties uit het Living Lab Deelfietsen Utrecht. Paper voor Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk 25-26 november 2021, Utrecht.

[2] Meer details en achtergronden van het Zwolse living lab ‘Fietsen geeft Vrijheid’ staan o.a. in: Kampen, H., Helbers-Bonte, I. & Popkema, M. (2021). Geeft fietsen vrijheid? Evaluatie van een fietsstimuleringsprogramma voor nieuwe Zwollenaren in de wijk Holtenbroek. Paper voor Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk 25-26 november 2021, Utrecht.

[3] Meer details en achtergronden van het Zwols-Overijsselse living lab ‘regionale snelfietsroute’ staan o.a. in: Popkema, M., Kampen, H. & De Vor, F. (2018). Lessen uit een living lab: de ontwikkeling van de regionale fietsroute Dalfsen-Zwolle. Paper voor Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk 22-23 november 2018, Amersfoort.


Cover: ‘Fietsers in Amsterdam’ door Peter B. (bron: Flickr)

Wilt u reageren op dit artikel of een gastbijdrage voor Gebiedsontwikkeling.nu schrijven over een ander onderwerp? Bekijk dan hier de mogelijkheden.


Marcus Popkema door Marcus Popkema (bron: LinkedIn)

Door Marcus Popkema

Associate lector Circulaire Economie en docent bij de opleiding Ruimtelijke Ontwikkeling - Mobiliteit van Hogeschool Windesheim Zwolle

Friso de Vor door Friso de Vor (bron: LinkedIn)

Door Friso de Vor

Senior-onderzoeker regionale economie en mobiliteit bij Hogeschool Windesheim Zwolle


Meest recent

Weekoverzicht Cover door Ineke Lammers (bron: gebiedsontwikkeling.nu)

Dit was de week van een tweede jeugd vol nieuwe mogelijkheden

Deze week gaat het op Gebiedsontwikkeling.nu over een tweede jeugd. Van vakantieparken tot Didam en van water en bodem tot het spoor: de nieuwe mogelijkheden in het vakgebied zijn eindeloos.

Nieuws

1 december 2022

City of London, Londen door IR Stone (bron: shutterstock.com)

Fysieke werkplek vergroot productiviteit, effecten thuiswerken nog onduidelijk

De coronapandemie maakte werken op afstand het nieuwe normaal. Terwijl het werken op een fysieke werkplek de productiviteit vergroot en innovatie stimuleert, volgens nieuw onderzoek.

Onderzoek

1 december 2022

Het IJselmeer met windmolens door Harry Beugelink (bron: shutterstock.com)

Het is officieel: water en bodem gaan de lijnen uitzetten

Het voornemen van het Rijk om water en bodem sturend te maken bij ruimtelijke keuzes wordt definitief. En dat betekent minder stenen in de stad, het vergroten van de nationale regenton en stoppen met bouwen in de uiterwaarden van rivieren.

Nieuws

30 november 2022