Artikel
Vijzelgracht verzakking

Leer van de oude waterstromen

Door Jaco Boer

30 mei 2018 - Tot voor kort waren wateroverlast en bodemdaling in het veengebied te bestrijden met een lager grondwaterpeil. Door de grote verschillen in funderingen en het groeiende probleem van paalrot moeten gemeenten en waterschappen op zoek naar andere oplossingen. Het verleden kan daarbij een belangrijke inspiratiebron zijn.

Het historische centrum van Gouda zakt door zetting van de slappe veenbodem steeds dieper weg. Om natte voeten te voorkomen is het grondwaterpeil in de afgelopen eeuwen al een halve meter verlaagd. Toch komen de grenzen van die oplossing in zicht. Een deel van de panden staat op palen van vuren- of grenenhout en dreigt bij een verdere peilverlaging last van paalrot te krijgen. Andere gebouwen hebben een betonnen fundering of staan direct op de zakkende bodem. Die enorme verscheidenheid aan funderingstypen maakt het lastig om het peil nog een keer te verlagen. Is er een andere, meer toekomstbestendige aanpak mogelijk die zich bijvoorbeeld baseert op de analyse van de waterhuishouding en de ondergrond in een veel groter gebied?

Case study
De afgelopen jaren hebben verschillende partijen, verenigd in de coalitie Stevige Stad op Slappe Bodem, onderzoek laten doen naar het proces van bodemdaling in de Goudse binnenstad. Een van de onderzochte locaties daarbij was de Turfmarkt. Het water aan deze woongracht staat inmiddels zo hoog dat het in het huidige zettingstempo binnen een jaar of tien over de kade heen stroomt. Terwijl het waterpeil zoals eerder aangegeven niet verder kan worden verlaagd zonder dat er schade aan gebouwen op andere plekken ontstaat.

De studies maakten onder meer duidelijk dat de bodemdaling in het centrum nog altijd doorgaat en grotendeels wordt veroorzaakt door het gewicht van de gebouwen op het veen. Het zettingsproces is wel enigszins te vertragen door het grondwaterpeil niet verder te verlagen en de waterdruk op peil te houden. Slimmere oplossingen voor waterretentie kunnen er dan voor zorgen dat de bewoners droge voeten houden. De onderzoekers pleiten voor verder onderzoek naar de mogelijkheid om het watersysteem in de binnenstad te compartimenteren. Per deelgebied wordt het grondwaterpeil dan nauwkeurig op de conservering van de meest voorkomende funderingstypen afgestemd.

‘Bestudeer de waterhuishouding door de eeuwen heen’

Gemeentelijk beleidsmedewerker Arianne Fijan vindt het idee van gesloten watercircuits interessant maar weet niet of het in de Goudse binnenstad haalbaar is. ‘De variatie in funderingen is zelfs binnen kleinere gebieden erg groot.’ Toch zou het misschien een oplossing kunnen zijn voor de laagste delen van de binnenstad. Ze neemt de suggestie daarom mee in het politieke afwegingsproces dat eind 2019 moet leiden tot een heldere aanpak en een nieuw peilbesluit. Het zal niet gemakkelijk worden om daarbij alle neuzen één kant op te krijgen, erkent Fijan. ‘Binnen de gemeente lopen de belangen niet altijd synchroon’. Over de vraag wie aan welke oplossing mee gaat betalen, verwacht zij nog veel discussie. ‘Het herstellen van een fundering kost zeker vijftigduizend euro per pand.

Systeemanalyse
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed was bij het onderzoek in Gouda betrokken vanuit het programma Water, Ruimte en Erfgoed. De uitkomsten bieden allerlei nieuwe inzichten over de omgang van water door de eeuwen heen en brengt een aantal variabelen in beeld die  bodemdaling veroorzaken. Programmaleider Water en Erfgoed Ellen Vreenegoor denkt dat Gouda zijn voordeel kan doen met alle kennis die over de stedelijke ontwikkeling en waterhuishouding door de eeuwen heen is verzameld. ‘In het verleden zijn in de binnenstad bijvoorbeeld allerlei waterlopen omgeleid, dichtgezet of overkluisd waarbij te nauwe duikers zijn geplaatst. Ook blijken er grote verschillen in de ondergrond van de stad te bestaan die de stadsontwikkeling, de bodemdaling en het gebruik van verschillende funderingstypen hebben beïnvloed. Je hebt een systeemanalyse nodig om structurele en toekomstbestendige oplossingen voor de bodemdaling en wateroverlast te kunnen bedenken. Dan kun je vervolgens maatregelen bedenken die de werkelijke problemen oplossen en waarbij je ad hoc oplossingen vermijdt die op lange termijn misschien wel contraproductief blijken te zijn.’

Die systeemanalyse zou zich in de ogen van Vreenegoor overigens niet moeten beperken tot de Goudse binnenstad, maar ook het landelijk gebied moeten omvatten. ‘De waterhuishouding van de stad en het ommeland zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Landschapsarchitect Dirk Sijmons heeft enige tijd geleden bijvoorbeeld laten zien dat je het Groene Hart goed als waterbuffer zou kunnen gebruiken om in een groter gebied de bodemdaling en wateroverlast te verminderen. In de Noord-Hollandse polder De Munt bij Durgerdam is de bodemdaling zelfs gestopt nadat de gedempte sloten in het gebied weer zijn open gegraven. Die maatregel volgde na een grondige analyse van de historische verkaveling en waterhuishouding van het gebied.’

Afkoppelen
Gouda is niet de enige stad in het Groene Hart die last heeft van bodemdaling. Ook een deel van de binnenstad van Delft zakt langzaam weg in de slappe bodem. Vooral de oostelijke helft die niet op de zandige kreekrug is gebouwd, kampt daardoor met grondwateroverlast. Het maaiveld zakte er de afgelopen tachtig jaar met zo’n 40 cm. Eind jaren negentig besloten de gemeente en het Hoogheemraadschap van Delfland om de grachten af te koppelen van het omliggende boezemsysteem en zo een stadspolder te creëren. Vóór deze ingreep dreigden straten in de binnenstad na forse regenbuien onder water te lopen omdat het peil in de grachten meesteeg met het waterniveau in de Schie. Dankzij de bouw van zes kantelstuwen en een gemaal en enkele aanpassingen aan andere waterwerken is die dreiging voorbij.

Hoewel bewoners en ondernemers door de aanleg van de keringen in natte tijden droge voeten houden, is het geen duurzame oplossing voor de wateroverlast als gevolg van voortgaande bodemdaling. Ook zonder flinke regenval staat het oppervlaktewater bij bewoners van het Rietveld en omliggende straten nog maar enkele centimeters onder het maaiveld, met natte kruipruimten en optrekkend vocht als resultaat. De gemeente heeft onder meer door de aanleg van extra drainage geprobeerd de overlast zoveel mogelijk te beperken. Tien jaar geleden heeft het hoogheemraadschap het grondwaterpeil ook nog met enkele centimeters verlaagd. Een nieuwe peildaling zit er voorlopig niet in, omdat in het gebied veel gebouwen op houten palen staan en het optreden van paalrot onder alle omstandigheden moet worden voorkomen. ‘Het is bijna onmogelijk geworden om een peil vast te stellen waar iedereen tevreden over is’, zegt beleidsadviseur Harry van den Broek van het hoogheemraadschap.

Historische waterstromen
Enkele studenten van de Hogeschool Inholland kwamen in 2014 met een andere oplossing voor de grondwateroverlast in de oostelijke binnenstad van Delft. Na het vergelijken van historische stadsplattegronden en locaties met wateroverlast was het hen opgevallen dat de grootste problemen zich voordeden in een gebied waar honderd jaar geleden nog een stadsgracht lag: de Raam. Met het uitgraven van deze historische waterloop zou de overlast voor omwonenden deels opgelost kunnen worden, zo lieten berekeningen zien. Van den Broek vindt het idee interessant maar denkt wel dat er verdere studie nodig is om te zien hoeveel effect zo’n maatregel heeft. Ook de Gemeente Delft vindt het voorstel van de studenten creatief, maar wil eerst een klimaatstresstest uitvoeren als onderdeel van een klimaatadaptatiestrategie. ‘Bodemdaling nemen we daarin vanzelfsprekend mee’, aldus senior beleidsadviseur Karla Kampman.

‘Ook een stresstest heeft een historische onderligger nodig om te begrijpen hoe een watersysteem in elkaar zit’, reageert RCE-programmaleider Vreenegoor. ‘Als Delft onderzoek zou doen naar haar stedelijke ontwikkeling en de waterhuishouding door de eeuwen heen, zou dat een waardevolle toevoeging zijn aan de voorgenomen stresstest. Er is al veel kennis over het verleden aanwezig, die je hiervoor kunt gebruiken. Je kijkt dan veel breder en integraler naar de problematiek en naar mogelijke oplossingen. Anders sta je over tien jaar voor nog grotere opgaven en lopen de kosten alleen maar verder op.’

Cover: ”Onder afkeurend oog der natie” (CC BY 2.0) by FaceMePLS

Dit artikel verscheen eerder op ROm 4 (april 2018) en op ROmagazine.nl

Auteur:

Jaco Boer
Jaco Boer

zelfstandig journalist, uitgever, docent

Recente artikelen