Deelfietsen in Leeuwarden door Harry Wedzinga (bron: Shutterstock)

Meer belangstelling voor deelvervoer, maar wensen eindgebruiker nog onduidelijk

22 juni 2023

4 minuten

Onderzoek Veel meer kleine en middelgrote gemeenten willen aan de slag met deelmobiliteit in gebiedsontwikkelingen. Dat blijkt uit de derde editie van de monitor Deelmobiliteit in gebiedsontwikkeling. Een betere samenwerking tussen ontwikkelaars en overheden is nog wel nodig om die stap ook daadwerkelijk te kunnen zetten. Dat geldt ook voor beter inzicht in de wensen van de eindgebruiker.

Deelmobiliteit wordt nu al in veel plannen voor gebiedsontwikkelingen opgenomen, maar misschien nu nog teveel ontwerpgericht en ‘op goed geluk’. Dat concludeerden Han-Paul van Westing en Theo Stauttener vorig jaar bij de presentatie van de tweede editie van de monitor Deelmobiliteit in gebiedsontwikkeling. Participatie door een goede dialoog, regie en communicatie waren volgens het duo de ingrediënten voor duurzame inpassing van deelmobiliteit in gebiedsontwikkeling.

Nog veel vragen

De lessen die uit de derde editie van de monitor kunnen worden getrokken, bouwen voort op de resultaten van een jaar eerder. Steeds meer kleine en middelgrote gemeenten geven aan deelmobiliteit te willen implementeren. Meer dan de helft van de respondenten heeft nog geen ervaring, maar wel plannen en/of ambities om concreet wat met het onderwerp te doen. En zeven op de tien gemeentes verwacht dat deelmobiliteit binnen vijf jaar een vast onderdeel van alle gebiedsontwikkelingen wordt (tegen 58 procent in 2022).

Vorig jaar was het gebrek aan ervaring voor meer dan de helft van de respondenten nog de reden om het onderwerp nog niet aan te snijden. Dit jaar is dat nog maar 18 procent. “Over de hele linie blijkt de positieve trend stevig door te zetten”, zegt Han-Paul van Westing. “Nu zoveel meer gemeentes ermee aan de slag willen, lijkt kennis dus meer een noodzaak dan een belemmering. Maar er blijven ook veel vragen over de randvoorwaarden voor succes.”

Langere termijn

De aarzeling zit bij gebiedsontwikkelaars vooral in de onduidelijkheid over de behoefte van de bewoners en andere eindgebruikers. Dat is nu, na het verzoek om samenhangend beleid, de belangrijkste oorzaak voor twijfel – vooral bij de kleine en middelgrote gemeenten. Centrale regie en duidelijke financiële kaders zijn twee andere factoren waar ontwikkelaars graag duidelijkheid over willen hebben voordat zij serieus met deelmobiliteit aan de slag willen. Inzicht in de belangstelling van bewoners is ook met afstand het meest gegeven antwoord (29 procent) op de vraag wat gebiedsontwikkelaars zou helpen om deelmobiliteit meer toe te passen.

Eigenlijk is het over de hele linie nog een grote zoektocht naar wat de implementatie echt vooruithelpt

Om gebiedsontwikkelaars beter op de deelvervoer-toekomst te kunnen voorbereiden en meer antwoorden te kunnen geven, is de monitor sinds dit jaar onderdeel van een meerjarig onderzoek. Dit richt zich op de succesfactoren van deelmobiliteit in gebiedsontwikkeling. Van Westing: “We kunnen de data van de monitor nu verdiepen dankzij de partners APPM, Stadkwadraat, Witteveen+Bos en de Breda University. Via hun netwerk en de monitor hebben we nu een overzicht van 75 projecten gepubliceerd. Studenten analyseren vijf van deze projecten op kenmerken en keuzes als governance, parkeerbeleid, eigendom, communicatie en participatie. Daaruit moet straks meer inzicht komen in wat ook echt werkt op langere termijn.”

De ideale aanpak

Naast alle onderzoeken die meer duidelijkheid moeten bieden, heeft Van Westing ook nu al een aantal concrete actiepunten waar professionals mee aan de slag kunnen. Een daarvan is een betere samenwerking. “Uit de praktijk horen we twee geluiden. Soms wil de ontwikkelaar met deelmobiliteit aan de slag en aarzelt de gemeente. Soms stelt de gemeente deelmobiliteit als voorwaarde en moet de ontwikkelaar er min of meer gedwongen mee aan de slag. Een betere samenwerking tussen die partijen is zeker een succesfactor. Maar eigenlijk is het over de hele linie nog een grote zoektocht naar wat de implementatie echt vooruithelpt”, aldus Van Westing.

Model over deelmobiliteit door Deelmobiliteit.nu (bron: Deelmobiliteit.nu)

‘Model over deelmobiliteit’ door Deelmobiliteit.nu (bron: Deelmobiliteit.nu)


Op basis van de resultaten uit de eerste drie monitors hanteren de partijen een voorlopig model met vijf ingrediënten om de introductie van deelmobiliteit in ‘nieuwe’ gebiedsontwikkelingen zo optimaal mogelijk te kunnen faciliteren. “De inputfactoren zijn samenhangend beleid en de juiste financiële kaders met duidelijke sturing. De uitvoering valt of staat met de organisatie en regie, zowel in de planfases als de gebruiksfase. In die fase is activatie richting gebruikers cruciaal. Waarna de monitoring en bijsturing via een goede regie en organisatie weer kan leiden tot aanpassingen van beleid en kaders. Vooral in het samenspel tussen deze vijf ingrediënten zit de ideale aanpak.”


De gehele monitor is te vinden op Deelmobiliteit.nu, het open kennisplatform voor deelmobiliteit in Nederland.


Cover: ‘Deelfietsen in Leeuwarden’ door Harry Wedzinga (bron: Shutterstock)


Jasper_monster_sandervanwettum door Sander van Wettum (bron: SKG)

Door Jasper Monster

Redacteur Gebiedsontwikkeling.nu


Meest recent

sportcampus Zuiderpark, Den Haag door Menno van der Haven (bron: shutterstock)

Wat is goed in de ruimtelijke ordening?

De vraag ‘wat is een goede ruimtelijke ordening?’ wint aan gewicht nu we als samenleving meer ambities hebben dan er aan ruimte beschikbaar is. Alle reden voor een nadere reflectie, door hoogleraren Marlon Boeve en Co Verdaas.

Uitgelicht
Analyse

24 april 2024

Centrum Haarlem door Maykova Galina (bron: shutterstock)

Lokaal kijken naar de lange termijn, de visie en ervaringen van Willem Hein Schenk

In het boekje Sturen op Stadsarrangementen deelt architect Willem Hein Schenk de inzichten die hij verkreeg met zijn podcastserie de Haarlem Sessies. In een interview vertelt hij wat zijn belangrijkste lessen zijn: “Kijk naar de lange termijn”.

Interview

24 april 2024

Hoge Vucht, Breda door XL Creations (bron: shutterstock)

Een beter perspectief voor kansarme buurten, zo doet Breda dat

Het bieden van meer perspectief aan bewoners van kansarme wijken is geen sinecure. Lokaal kan daar het nodige voor gedaan worden, maar ook hogere overheden moeten meedoen. In Breda worden ze actief bij de problematiek betrokken.

Casus

23 april 2024