platform voor kennis, nieuws en debat
platform voor kennis, nieuws en debat
Interview

Peter Bosselmann: alles draait om aanpassingsvermogen

Peter Bosselmann: alles draait om aanpassingsvermogen

18 jun 2014 - De Amerikaanse hoogleraar Peter Bosselmann (architectuur, planning en stedenbouw) gebruikt een sabbatical van Berkeley University voor een onderzoek naar deltasteden. De wereld kan veel van het aanpassingsvermogen van Nederlandse steden leren, concludeert hij tijdens zijn verblijf als ‘visiting professor’ in Delft.

Wat is het doel van uw verblijf in Delft?

“Vooral het schrijven van een boek over de vorming van steden in delta’s. En ik neem deel aan het Delta Forum.”

Ziet u hier totaal andere stedelijke opgaven dan in Amerika?

“De vraagstukken waarmee een deltastad als New York te kampen heeft, zijn wel degelijk vergelijkbaar met die van Nederlandse steden. De enorme hoeveelheid wateraanvoer door de rivier de Hudson kan ook voor problemen zorgen. Welke ontwerpoplossingen zijn daarvoor nodig? Alle deltasteden wereldwijd hebben te kampen met de gevolgen van klimaatverandering. Wat gaan we daaraan doen? Veranderen van structuren is een lastige opgave voor Amerikaanse steden met hun wijd uitgespreide opzet.”

Wat steekt u op van uw bezoek aan Delft?

“Dat er ontzettend veel kennis is in Nederland. Andere delen van de wereld hebben daar juist grote behoefte aan. Wat ik hier leer is dat je je omgeving op zo’n manier moet ontwerpen, dat ze zich kan aanpassen. Het idee van robuust bouwen blijkt slechts voor een beperkte tijd houdbaar – 40 tot 50 jaar.

U heeft in onder meer Milan, New York City en Tokyo ‘stedelijke laboratoria’ opgericht om ontwerpopgaven te onderzoeken en inzichtelijk te maken. Gaat u dat in Delft ook doen?

“Wie weet. Die laboratoria kwamen voort uit de introductie van nieuwe Amerikaanse wetgeving voor het inzichtelijk maken van grote planning en ontwerpprojecten. Onder meer met het oog op de impact op het milieu. Klimaatverandering vereist grootschalige ingrepen en daarvoor heeft Nederland adaptieve methoden bedacht. Ruimte voor de rivieren, nieuwe ideeën voor kustbescherming zoals de zandmotor. In dat opzicht is Nederland al een laboratorium waarvan de rest van de wereld kan leren.”

Hoe gaat u te werk bij uw onderzoek?

“Ik heb de Deltawerken bezocht en verschillende steden. Ik probeer te doorgronden hoe ze zijn gevormd door het water en hoe ze zich hebben aangepast aan veranderende omstandigheden. Dordrecht bijvoorbeeld is een hele dynamische stad door zijn ligging tussen verschillende rivieren. Ik ga ter plekke kijken en bestudeer historische kaarten. Mijn sabbatical biedt me de mogelijkheid om veel te lezen. Ik probeer er ook een vinger achter te krijgen hoe vormgeving door architecten het dagelijks leven in steden zo heeft veranderd, dat de ‘drempel van urbaniteit’ werd bereikt. Dat is een van mijn passies. Kaarten en historische geschriften geven inzicht in de vorming van de stad, vele eeuwen geleden. En in de aanpassingen aan de omstandigheden waardoor de stad zijn huidige vorm kreeg. De Nederlandse deltasteden met hun specifieke opbouw en het polderlandschap met zijn geconstrueerde patronen vind ik prachtig.”

Maar heeft u er ook wat aan? Nederland heeft juist geconcludeerd dat de manier waarop we hier eeuwenlang tegen het water hebben gevochten niet meer werkt.

“Haha, de rest van de wereld schijnt daar anders over te denken. En de oplossingen van Nederlandse ingenieurs worden nog steeds geëxporteerd naar de rest van de wereld, ondanks dat ze er zelf niet meer zo optimistisch over zijn. Feit is dat er veel wijsheid is opgebouwd in de loop der eeuwen. In de San Francisco Bay area, waar ik woon, hadden we sinds vijf jaar geleden nog nooit gesproken over de toekomstige wateropgaven. New Orleans is wakker, maar in grote Chinese, Vietnamese en Indiase delta’s praten ze er ook nog niet over. Hoog tijd dat dat verandert. Daar wonen tientallen miljoenen mensen!”

Welke les kunnen zij trekken uit historische Nederlandse steden?

“Dat alles draait om aanpassingsvermogen. Je ziet hoe de oriëntatie van steden steeds veranderde. De topografie van bijvoorbeeld de San Francisco baai is heel anders dan in Nederland. Maar daar is ook gebouwd in gebieden waar we niet hadden moeten bouwen, en dat zijn vooral arme wijken. Hier in Nederland kun je voorbeelden vinden hoe je ook dergelijke gebieden bescherming kunt bieden.”

Zie ook:

Blijf op de hoogte