Discussie tijdens het Red&Blue-symposium op 10 oktober in Rotterdam door Annelies van ’t Hul (bron: Annelies van ’t Hul)

Schuivende financiële logica’s rond klimaatrisico’s in de gebouwde omgeving

20 februari 2026

6 minuten

Onderzoek Klimaatverandering is ook in Nederland allang geen abstract toekomstbeeld meer. Maar hoe reageren partijen uit de financiële sector op fysieke klimaatrisico’s in de gebouwde omgeving ? Welke afwegingen spelen daarbij een rol? Onderzoekers van het Red&Blue-programma zochten – met hulp van AI – naar terugkerende patronen en denkkaders. “Wie elkaars logica’s begrijpt, kan gerichter bouwen aan een klimaatbestendige gebouwde omgeving.”

Overstromingen, hittegolven, droogte en bodemdaling hebben directe gevolgen voor woningen, infrastructuur en vastgoed – ook in Nederland. Daarmee raken deze risico’s ook direct de financiële sector: banken, verzekeraars en pensioenfondsen hebben grote belangen in hypotheken, vastgoedbeleggingen en langlopende investeringen. In oktober gingen vertegenwoordigers van financiële instellingen, gemeenten, kennisinstituten en ministeries in Rotterdam met elkaar in gesprek over klimaatadaptatie in de gebouwde omgeving.

De bijeenkomst op het RDM-terrein in Rotterdam bood een inkijk in hoe de financiële wereld risico’s weegt, verantwoordelijkheden ziet en investeringsbeslissingen neemt. Het gesprek vond plaats in het kader van het Red&Blue-programma: een onderzoeksprogramma geleid door TU Delft, waarin inzichten uit de ene discipline in verband worden gebracht met ontwikkelingen op het vlak van regelgeving, beleid en concrete adaptatievraagstukken in de gebouwde omgeving. Dit gebeurt onder meer via zogenaamde use cases (concrete gebiedsontwikkelingen in de regio Rijnmond en Amsterdam).

Analyse van publieke documenten

De inzichten die tijdens het symposium werden besproken, zijn gebaseerd op een deelonderzoek van de TU Delft naar de manier waarop Nederlandse financiële instellingen klimaatrisico’s benaderen. Daarbij is een analyse gemaakt van meer dan 120 publiek beschikbare documenten van 33 Nederlandse banken, verzekeraars en pensioenfondsen. Het ging onder andere om jaarverslagen, duurzaamheidsrapportages, risicobeoordelingen en investeringskaders, die mede in afstemming met de Nederlandse Vereniging van Banken zijn verzameld.

Red&Blue-onderzoeker Abdi Mehvar (TU Delft) zet de onderzoeksresultaten uiteen door Annelies van ’t Hul (bron: Annelies van ’t Hul)

‘Red&Blue-onderzoeker Abdi Mehvar (TU Delft) zet de onderzoeksresultaten uiteen’ (bron: Annelies van ’t Hul)


Met behulp van een AI-ondersteunde tekstanalyse is gekeken welke woorden, thema’s en redeneringen het meest voorkomen wanneer instellingen spreken over klimaat, risico en verantwoordelijkheid. Deze methode maakt zichtbaar welke patronen en onderliggende denkkaders terugkeren in formele communicatie. In de bestuurs- en organisatiewetenschappen staat deze benadering bekend als een manier om ‘institutionele logica’s’ te identificeren: relatief stabiele waarden en overtuigingen die het handelen van organisaties sturen. Hoewel het onderzoek zich richt op publieke documenten – en dus niet alle interne overwegingen vangt – geeft het een goed beeld van hoe financiële instellingen zichzelf positioneren richting overheid, klanten en investeerders.

Verschillende risico’s, verschillende accenten

Uit het onderzoek blijkt dat financiële instellingen klimaatrisico’s breed erkennen, maar er verschillend mee omgaan. Grofweg wordt onderscheid gemaakt tussen twee typen risico’s. Enerzijds zijn er fysieke risico’s, zoals overstromingen, hitte, droogte en verzakking. Anderzijds zijn er transitierisico’s: financiële gevolgen van veranderende wetgeving, CO2-beleid en de energietransitie. Instellingen met veel vastgoed in portefeuille, zoals banken met grote hypotheekportefeuilles en verzekeraars, kijken relatief sterk naar fysieke risico’s. Pensioenfondsen en grote investeerders richten zich vaker op transitierisico’s en duurzaamheidsdoelen, bijvoorbeeld in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs. Toch is er één risico dat overal bovenuit steekt: overstromingen. Daarna volgen hitte, droogte en bodemdaling – risico’s die vooral in stedelijke gebieden steeds zichtbaarder worden.

Wie elkaars logica’s begrijpt, kan gerichter bouwen aan een klimaatbestendige gebouwde omgeving

Hoewel risico’s breed worden onderkend, verschilt de handelingsruimte sterk per type organisatie. Banken zien bijvoorbeeld dat veel huishoudens moeite hebben om investeringen in klimaatbestendige maatregelen – zoals funderingsherstel of hittewering – te financieren. Verzekeraars worstelen met de vraag of extreme overstromingen in de toekomst nog wel volledig verzekerbaar zijn. Onderzoek naar rampenverzekeringen laat zien dat bij grootschalige risico’s publieke en private systemen vaak moeten samenwerken. Pensioenfondsen lopen juist aan tegen de lange tijdshorizon: fysieke klimaatrisico’s zijn lastig te vertalen naar financiële modellen voor beleggingen (die soms tientallen jaren lopen). Financieel-economische studies wijzen erop dat klimaatrisico’s vaak worden onderschat doordat markten vooral gericht zijn op de korte termijn.

Drie dominante denkwijzen

Opvallend is dat veel klimaatadaptatiemaatregelen zich concentreren op twee schalen: het gebouw en het landelijke niveau. Op gebouwniveau gaat het om maatregelen als waterdichte kelders, groene daken en funderingsversterking. Op nationaal niveau betreft het grote waterveiligheidsprojecten en stimuleringsregelingen. Wat relatief weinig aandacht krijgt, is de schaal van een wijk of gebied. Juist daar spelen vraagstukken rond hittestress, wateroverlast en sociale kwetsbaarheid. Voor financiële instellingen is deze schaal vaak lastig: projecten zijn kleinschalig of groot en complex, waardoor verantwoordelijkheden versnipperd zijn en moeilijk te koppelen aan directe rendementen. Tegelijkertijd tonen studies naar stedelijke klimaatadaptatie aan dat effectieve maatregelen juist vaak lokaal verankerd moeten zijn en op wijk- of gebiedsniveau financieel en maatschappelijk tot betere resultaten kan leiden.

De documentenanalyse laat zien dat beslissingen in de financiële sector vaak worden gestuurd door drie dominante ‘logica’s’ of denkkaders:

- Financiële logica. Rendement, risicospreiding en kosten-efficiëntie staan centraal.

- Compliance-logica. Regelgeving en rapportageverplichtingen spelen een grote rol, zoals Europese duurzaamheidsrichtlijnen.

- Verantwoordelijkheidslogica. Publieke waarden zoals betaalbaarheid, solidariteit en maatschappelijke rechtvaardigheid wegen mee.

Daarnaast bestaan er aanvullende logica’s. Verzekeraars hanteren bijvoorbeeld ook een preventielogica: schade voorkomen is daarbij een voorwaarde voor verzekerbaarheid. Pensioenfondsen spreken vaker vanuit een stewardship-logica, waarbij zij zich zien als langetermijn-beheerders die bedrijven en projecten richting duurzaamheid (en dus waardevastheid) kunnen sturen. Organisatiewetenschappelijk onderzoek laat zien dat zulke meervoudige logica’s binnen organisaties kunnen leiden tot spanningen, maar ook tot innovatie.

Spanningen tussen waarden

De verschillende logica’s botsen dus soms. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de spanning tussen verzekerbaarheid en solidariteit. Technisch kan een risico onverzekerbaar worden, zoals buitendijks wonen, terwijl burgers desondanks collectieve vormen van bescherming verwachten. Een ander spanningsveld is dat tussen risicoreductie en betaalbaarheid. Verzekeraars kunnen eisen stellen aan preventieve maatregelen, maar veel huishoudens kunnen de benodigde investeringen hiervoor niet dragen. Dit raakt aan bredere discussies over rechtvaardigheid en klimaatadaptatie, omdat toch al kwetsbare huishoudens als gevolg van dergelijke spanningsvelden (extra) benadeeld kunnen worden. Ook speelt een meetbaarheidsprobleem. Financiële instellingen sturen graag op duidelijke indicatoren zoals CO2-uitstoot. Ecologische veerkracht – bijvoorbeeld biodiversiteit of bodemkwaliteit – is moeilijker in cijfers te vatten, terwijl deze factoren cruciaal zijn voor lange-termijnadaptatie. Onderzoekers spreken hier van een spanning tussen financiële rationaliteit en ecologische veerkracht.

Financiële instellingen, overheden en onderzoekers van het Red&Blue-consortium door Annelies van ’t Hul (bron: Annelies van ’t Hul)

‘Financiële instellingen, overheden en onderzoekers van het Red&Blue-consortium’ (bron: Annelies van ’t Hul)


Naast waardeconflicten zijn er ook praktische barrières. Klimaatdata zijn niet altijd beschikbaar op het juiste schaalniveau. Wat op nationaal niveau duidelijk is, kan lokaal nog onzeker zijn. Tegelijkertijd opereren financiële markten internationaal, terwijl adaptatiemaatregelen vaak lokaal tot regionaal moeten worden uitgevoerd. Deze mismatch bemoeilijkt investeringsbeslissingen. Governance-onderzoek laat zien dat dit een terugkerend probleem is in klimaatbeleid: geldstromen zijn vaak mondiaal, maar klimaateffecten en adaptatiemaatregelen zijn lokaal. Ook de communicatie tussen sectoren blijkt een aandachtspunt. Gemeenten, financiële instellingen en burgers delen weliswaar de opvatting dat klimaatadaptatie een gezamenlijke verantwoordelijkheid is, maar verwachtingen worden niet altijd expliciet uitgesproken. Daardoor blijft onduidelijk wie welke stap zet.

Anders denken, rekenen en doen

De gesprekken in Rotterdam maakten duidelijk dat klimaatadaptatie vraagt om een verschuiving in denken, rekenen en doen. Financiële rendementen en regelgeving blijven belangrijk, maar er is groeiende aandacht voor publieke waarden, langetermijn-impact en samenwerking. Vooral pensioenfondsen lijken bereid om lagere rendementen op korte termijn te accepteren in ruil voor meer klimaatbestendigheid en dus (groei van) beleggingswaarde op langere termijn.

Voor professionals in ruimtelijke ontwikkeling, vastgoed en beleid ligt hier een kans. Door projecten beter te onderbouwen met data, maatschappelijke baten zichtbaar te maken en vroegtijdig het gesprek aan te gaan met financiers, kan de kloof tussen lokale maatregelen en grote investeringsstromen kleiner worden. Klimaatadaptatie blijkt daarmee niet alleen een technisch of beleidsmatig vraagstuk, maar ook een kwestie van taal, waard(ering)en en samenwerking. Wie elkaars logica’s begrijpt, kan gerichter bouwen aan een klimaatbestendige gebouwde omgeving – met meer wederzijds begrip tussen financiële wereld en ruimtelijke praktijk.


Een uitgebreidere versie van dit artikel verscheen op de website van Red&Blue (www.redblueclimate.nl).


Cover: ‘Discussie tijdens het Red&Blue-symposium op 10 oktober in Rotterdam’ (bron: Annelies van ’t Hul)


tom daamen2

Door Tom Daamen

Directeur SKG, Associate Professor Urban Development Management TU Delft

Abdi Mehvar door - (bron: linkedin.com)

Door Abdi Mehvar

post-doc onderzoeker aan de TU Delft.


Meest recent

Discussie tijdens het Red&Blue-symposium op 10 oktober in Rotterdam door Annelies van ’t Hul (bron: Annelies van ’t Hul)

Schuivende financiële logica’s rond klimaatrisico’s in de gebouwde omgeving

Klimaatverandering is allang geen abstract toekomstbeeld meer. Hoe reageren partijen uit de financiële sector op fysieke klimaatrisico’s in de gebouwde omgeving? Onderzoekers van het Red&Blue-programma zochten naar patronen en denkkaders.

Onderzoek

20 februari 2026

Dit was de week vol ruimtelijke verschuivingen door Gebiedsontwikkeling.nu (bron: Gebiedsontwikkeling.nu)

Dit was de week vol ruimtelijke verschuivingen

Deze week stond bol van de (ruimtelijke) verschuivingen: van het onbeschreven blad naar het al beschreven blad, van tender naar tinder, van bijrol naar belangrijke speler en van een nauwe naar een bredere blik op erfgoed.

Weekoverzicht

19 februari 2026

De wijk Velve-Lindenhof in Enschede door Teun van den Ende (bron: Teun van den Ende)

Erfgoed en leefbaarheid (slot): een bredere blik op de wijkaanpak

In opdracht van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed sprak Teun van den Ende de afgelopen maanden in zes steden met bewoners over hun wijk. In dit vijfde en laatste artikel uit de serie wordt de balans van het onderzoek opgemaakt.

Uitgelicht
Analyse

19 februari 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op