platform voor kennis, nieuws en opinie
Zoeken
platform voor kennis, nieuws en opinie

“Gebruik je gezonde verstand bij een gemengd woon-werkmilieu”

“Gebruik je gezonde verstand bij een gemengd woon-werkmilieu”

stad bovenaf, functiemenging -> Photo by John-Mark Smith on Unsplash

15 jul 2020 - Sinds de 19e eeuw is het scheiden van functies de vaste reflex van planologen en stedenbouwkundigen. Rijksadviseur en architect Daan Zandbelt snapt waarom, zei hij eind meid in een online themasessie. “Wonen is in Nederland juridisch goed beschermd tegen hinder van allerlei activiteiten, en terecht." Toch is functiescheiding niet langer een vanzelfsprekendheid, want veel stedelijke transformaties hebben een gemengd woon-werkmilieu als eindbeeld. Om dat in goede banen te leiden, stelde Zandbelt in 2019 namens het College van Rijksadviseurs de Guiding Principles op voor wat hij de metropolitane mix, of kortweg Metro Mix noemt. Dit pleidooi spitst hij toe op de binnenstedelijke woningbouwopgave.

Tot 2030 moeten er 845.000 nieuwe woningen worden gebouwd, meldt minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren in de Staat van de Woningbouw. Een opgave van dezelfde orde van grootte als de Vinex-operatie. Rijksadviseur Daan Zandbelt ziet een aantal omstandigheden die maken dat functiemenging voor de huidige bouwopgave meer voor de hand ligt dan in de jaren ‘90. “De bouwopgave van nu is veel meer dan toen gecentreerd in het westen van Nederland. Huishoudens zijn kleiner en woningen lijken minder groot te hoeven. Daarnaast wonen we steeds liever in een omgeving die uit meer dan woningen bestaat. Ook woningen zelf worden steeds multifunctioneler: we wekken er energie op, werken thuis, houden webshops draaiende en produceren er met 3D-printers.”

(tekst gaat verder onder het videoverslag van de bijeenkomst op 25 mei 2020)

Voordelen van functiemenging

De etiketten ‘levendigheid’, ‘leefbaarheid’ en ‘dynamiek’ domineren de woordwolk met de kansen van functiemenging, gegenereerd op basis van de input van deelnemers. Zandbelt zet in lijn daarmee uiteen waarom het mengen van functies de moeite waard is. Het tegen de stroom van de planningstraditie inroeien is namelijk alles behalve makkelijk. Daarbij is binnenstedelijk transformeren vaak niet meteen rendabel en is het werken met vele partijen en belangen complex, vinden de deelnemers. Kortom, waar doe je het voor? Zandbelt somt op:

  • Met menging ontstaat kruisbestuiving en wordt innovatie bevorderd
  • Mengen reduceert de tijd en ruimte die nodig is voor mobiliteit
  • Gemengde gebieden zijn sociaal veiliger en leefbaarder
  • Mengen maakt adaptief omdat de ruimte voor meer doelen geschikt is
  • Als je mengt kun je gemakkelijk delen en tot collectief gebruik overgaan
  • Er is veel vraag naar gemengde (hoog)stedelijke woonmilieus, zowel vanuit wonen als werken
  • Mengen kan een impuls geven aan aangrenzende, soms kwetsbare wijken

Zandbelt brengt twee belangrijke nuances aan in zijn pleidooi: functiemenging hoeft niet op elke plek en evenmin op elk schaalniveau. Hij adviseert om functiemenging toe te passen op de schaal van een bouwblok en haalt Piet Mondriaan aan om dit te illustreren. Volgens Zandbelt verbeeldt deze schilder met het merendeel van zijn werk juist de afwezige functiemenging uit de 19e en 20e eeuw: kaarsrechte lijnen (lees: doorgaande wegen) die voor een opdeling in rechthoekige gebieden zorgen met elk een eigen kleur (lees: functie). Zandbelt: “Niet iedereen wil wonen en leven in een gemengd gebied. Belangrijker is om hun een palet aan keuzes te bieden.”

Niet overal gezellig

Hoe transformeer je in een nu nog monofunctioneel gebied, zoals een bedrijventerrein of kantoorgebied? Maak een raamwerkplan, zo adviseert Zandbelt in de Guiding Principles, waarin je de aspecten ‘reuring’, ‘rust’ en ‘ruis’ over de ruimte verdeelt. Bij elke zone hoort een maximum hinderprofiel. Zo maak je concreet waar welk r-woord het primaat heeft. Functiemenging geeft reuring, maar het hoeft niet overal gezellig te zijn. Er zullen straten zijn waar ‘ruisende’ bedrijven actief blijven of worden en een combinatie met woningen niet logisch is. Voor bewoners zijn rustige plekken weer wenselijk om veilig en gezond te kunnen spelen, recreëren of simpelweg te verblijven.

Zandbelt tipt verder om een road hierarchy in het raamwerk op te nemen. “Dat gaat over de ruimte tussen de plek waar je vandaan komt en de plek waarnaar je op weg bent. Welke verbindingen zijn nodig voor vervoer, en waar kan de openbare ruimte worden ingericht om te verblijven? Voor het aspect ‘rust’ ligt vergroening voor de hand, bijvoorbeeld door singels aan te leggen.”

Menselijke en onmenselijke functies

Tot slot benadrukt Zandbelt dat bekende stedenbouwkundigen als Van Eesteren, die functiescheiding praktiseerden, natuurlijk niet gek waren. “Wonen is in Nederland juridisch goed beschermd tegen hinder van allerlei activiteiten, en terecht.” Toch ziet hij dat er meer menging mogelijk is dan in eerste instantie uit milieuregelgeving blijkt. “Wij maken in Guiding Principles onderscheid tussen menselijke en onmenselijke activiteiten. Onmenselijk wil niet alleen zeggen dat er sprake is van veel hinder, maar kan ook gaan over de schaalgrootte van een bedrijf. Een logistiek centrum of datacenter past bijvoorbeeld slecht bij de menselijke maat, los van eventuele hinder.”

Voor bedrijven in milieucategorie 3.1 of hoger is volgens de rijksadviseur duidelijk dat mengen meestal onverstandig is. “Maar pas op: categorieën zeggen niet alles. Ons advies is: redeneer niet vanuit de functie, maar baseer je op de daadwerkelijke prestaties van activiteiten. En bovenal: gebruik je gezonde, menselijke verstand bij wat je wel en niet mixt in een gemengd lééfmilieu.”


Cover: Photo by John-Mark Smith on Unsplash

Dit artikel verscheen eerder op Stedelijke Transformatie

Auteurs

Wessel van Vliet
Wessel van Vliet

Junior projectleider bij Platform31

Bekijk alle artikelen
Regien Adrichem
Regien van Adrichem

Projectleider stedelijke transformatie bij Platform31

Bekijk alle artikelen