platform voor kennis, nieuws en debat
platform voor kennis, nieuws en debat
Artikel

Is er nog hoop voor de meerlaagse veiligheid?

Is er nog hoop voor de meerlaagse veiligheid?

2015.09.24_Is er nog hoop voor de meerlaagse veiligheid? (3)

Kampereilanden als case

24 sep 2015 - Een cruciaal aspect van het principe van meerlaagse veiligheid uit het Nationaal waterplan is dat ‘burgers’ meer verantwoordelijkheid en maatregelen gaan nemen voor waterveiligheid. Toch komt dit maar moeizaam van de grond en lijkt de overheid geen aansluiting te kunnen vinden bij de belevingswereld van bewoners en ondernemers. Hoe kan het wél? Lisette van der Meer, Eric Prins en Janne Verstappen van BLOC betogen dat het welslagen van waterbestendig bouwen afhankelijk is van de bereidheid en mogelijkheden van bewoners en ondernemers om te investeren. Als voorbeeld bespreken zij hun aanpak van de Kampereilanden.

Met het verschijnen van het Nationaal Waterplan in 2009 hanteert de overheid het principe van meerlaagse veiligheid. Dit is een combinatie van overheidsingrijpen in dijken en afwatering (laag 1) en zelfredzaamheid van bewoners en ondernemers (laag 2). Dat betekent dat de overheid de ‘burgers’ ook een verantwoordelijkheid geeft. Zij kunnen waterbestendige maatregelen in hun eigen huis en tuin nemen. Alle maatregelen (inclusief evacuatie, laag 3) samen zorgen voor een optimale veiligheid. Vanuit het perspectief van de overheid is meerlaagse veiligheid een alleszins redelijk arrangement. Toch komen maatregelen in de zogenaamde laag 2 amper van de grond. Hoe kan dit? En hoe kan het tij worden gekeerd? Na zes jaar meerlaagse veiligheid blijkt de overheid geen aansluiting te kunnen vinden bij de belevingswereld van bewoners en ondernemers en blijken de meeste waterbestendige maatregelen niet rendabel te zijn.

Geen dialoog met de doelgroep

Ondanks alle investeringen in communicatie-uitingen is er zelden een echt gesprek tussen overheden en de bewoners en ondernemers die geacht worden zichzelf te beschermen. Bewoners en ondernemers voelen zich geen eigenaar van de opgave. Het ontbreekt hen aan probleembesef door de omvangrijke schaal en termijn. De gevolgen van klimaatverandering op de waterveiligheid in de directe omgeving zijn vaak niet bekend. Ze vertrouwen op de nationale waterexpertise en op de overheid die eventuele problemen wel zal oplossen. Overheden zijn niet in staat deze beeldvorming en beleving bij te stellen. In de praktijk is rondom de meerlaagse veiligheid een circuit ontstaan van beleidsmedewerkers en externe deskundigen die vooral bezig zijn met technische discussies en procedurele vraagstukken. En met elkaar dus. Nieuwe studies, pilots, methodieken en inhoudelijke inzichten zijn comfortabeler dan het zoeken en aangaan van samenwerking met bewoners en ondernemers die het uiteindelijk moeten gaan doen. De systeem- en leefwereld komen steeds verder uit elkaar te staan.

Waterbestendige maatregelen zijn meestal niet rendabel

‘Laag 2’ is daarnaast simpelweg niet rendabel: de ‘business case’ is niet rond. De kosten van de maatregelen zijn veelal hoog. Bovendien zijn vaak meerdere maatregelen nodig om een huis echt waterbestendig te maken. Maatregelen die nog duurder uitpakken als het om een bestaand gebouw gaat. Bewoners en bedrijven moeten deze kosten zelf financieren, een investering die niet iedereen kan doen. Daarbij komt dat lang niet iedereen de investering wil doen. De opbrengstenkant van de business case is immers laag. Het risico op een echte ramp is in de meeste gevallen zo klein dat de kosten niet of nauwelijks opwegen tegen de baten. Daarnaast verwachten mensen dat er in geval van een ramp een noodfonds komt. Een klassieke ‘catch-22’.

Hoe kan het wél

Betekent dit dat laag 2 en daarmee meerlaagse veiligheid helemaal niet kan werken? Nee, er zijn manieren waarop het nemen van waterbestendige maatregelen dichterbij mensen én financierbaar wordt. De aanpak op de Kampereilanden is hiervan een voorbeeld.

Kampereilanden: een aanpak met boeren, banken en bedrijven

Het welslagen van waterbestendig bouwen is afhankelijk van de bereidheid en mogelijkheden van bewoners en ondernemers op de Kampereilanden om te investeren. Daarbij zijn samenwerking en een open dialoog minstens zo belangrijk als studies en plannen. Dat was dan ook het belangrijkste onderdeel van het proces: het organiseren van gesprekken met de echte belanghebbenden, de bewoners en ondernemers. In eerste instantie zijn er een-op-een gesprekken gehouden bij bewoners en ondernemers thuis. Later is een vijftal poldersessies georganiseerd waarin in kleine groepen verder is gesproken over het waterveilig inrichten van de Kampereilanden. In die gesprekken bleek dat er veel weerstand is en wantrouwen in de overheden als gevolg van maatregelen uit het verleden. Maar ook is er een grote behoefte aan informatie en inspiratie én er is bereidheid tot handelen. Op basis van de gesprekken is werk gemaakt van een heel praktische aanpak die recht doet aan de positie en toekomstzekerheid van de ondernemers en bewoners. Er is een overstromingssimulatie georganiseerd met boeren, banken, bewoners, overheden en andere betrokkenen. De simulatie maakte inzichtelijk welke problemen zich voordoen bij een overstroming en welke maatregelen genomen kunnen worden om daarop te anticiperen. De veelal praktische vragen van de bewoners zelf zorgden voor nieuwe inzichten die aan de teken- en vergadertafels nog niet waren ontstaan. De dialoog bracht bovendien oplossingen. Sommige kunnen eenvoudig en met weinig middelen door de mensen in het gebied zelf worden opgepakt. Bijvoorbeeld de aanleg van een terp ten behoeve van de uitbouw van een stal met de kelder op het maaiveldniveau. Dit scheelt in kosten voor extra grond. Maar er kwamen ook voor de hand liggende en toch onverwachte oplossingsrichtingen waarbij de overheid aan zet is. Zo kan de gemeente bij wegenonderhoud meteen een weg ophogen zodat er een vluchtroute ontstaat. En het waterschap kan spuisluizen in ere herstellen zodat het gebied geen weken onder water staat (cruciaal voor de boeren). En waarom staan die elektriciteitshuisjes eigenlijk op maaiveldniveau en niet op een terp of dijk?

Is er nog hoop voor de meerlaagse veiligheid?  - Afbeelding 1
Bewoners, bedrijven en overheden in gesprek tijdens een overstromingssimulatie. Het lint toont de waterhoogte in geval van overstroming. Foto: gemeente Kampen.
Is er nog hoop voor de meerlaagse veiligheid?  - Afbeelding 2
De bouw van een nieuwe terp met de kelder op maaiveldniveau. Foto: gemeente Kampen.

Deze oplossingen, mede door het gebied zelf aangedragen, zijn samengevat in een ‘toolbox’, een informatieve website die voor iedereen toegankelijk is. Naast concrete (bouw)tips op erf- en gebiedsniveau bevat de toolbox financieringstips en praktische informatie over de effecten van een overstroming: de waterhoogtes, de duur van de overlast etc. De bewoners en ondernemers kunnen gebruik maken van de toolbox op het moment dat zij zelf te maken hebben met grote investeringen voor hun woning of bedrijf, bijvoorbeeld bij renovatie of uitbouw. Deze werkwijze verstevigt de relaties tussen bewoners, ondernemers, overheden en financiers. De aanpak wordt bovendien gebruikt als aanjager voor economische en ruimtelijke structuurversterking van het gebied. Zo is waterveiligheid uiteindelijk een stimulans voor een vitale en duurzame toekomst voor de Kampereilanden.

Het voorbeeld op de Kampereilanden laat zien dat laag 2 vraagt om een bredere gebiedsstrategie waarin aangesloten wordt bij concrete opgaven in het gebied. Waterbestendige maatregelen zijn een onderdeel van deze bredere aanpak. Daarnaast vraagt laag 2 om de juiste dialoog en samenwerking met bewoners en ondernemers. Dit zorgt voor bewustzijn én leidt tot eigenaarschap en handelen.

Zie ook:

Blijf op de hoogte