Heerhugowaard Nederland door Yuliia24 (bron: Shutterstock)

Klooien, klussen en kussen in de openbare ruimte, zo zien de ROEP-winnaars de stad

Opinie Begin dit jaar kregen bureau Urhahn Stedenbouw en Strategie, de gemeente Tilburg en hoogleraar Marco te Brömmelstroet de Ruimtelijke Ordening Erkenning Penning (ROEP). In dit essay constateert het trio dat een eendimensionale kijk op de complexe openbare ruimte ons in allerlei, schier onoplosbare problemen heeft gebracht. Met vier concrete boodschappen proberen de drie het vakgebied te helpen in de zoektocht naar een betere toekomst. “De stad, het dorp en de straat zijn voor en ván iedereen.”

Een ambtenaar, een ontwerper en een wetenschapper zitten in de kroeg. Ze hebben zojuist de Ruimtelijke Ordening Erkenning Penning (ROEP) gekregen voor hun bijdrage aan de Nederlandse stedenbouw en planologie. In deze kroeg zullen ze samen de antwoorden formuleren waarop iedereen wacht. Toch? In de rauwe werkelijkheid is die kroeg een Teams-meeting waar we alle drie vanuit onze eigen werkkamers inloggen. Geen biertjes, maar onze eigen kopjes koffie. En in die werkelijkheid is dit geen begin van een mop. Ook niet het begin van een antwoord overigens. Het blijkt eerder het begin van een gemeenschappelijke zoektocht. Drie trotse winnaars. Waarom viel ons de eer te beurt van de eerste ROEP, die we van de BNSP-leden in ontvangst mochten nemen? Wat delen wij? En wat zegt dit over het vakgebied, over actuele stedelijke vraagstukken en over wat er vandaag en morgen speelt in de stad?

Wie er in de meeting hebben ingebeld? Ontwerpers van Urhahn Stedenbouw en Strategie, Marcel Hermans en Dascha Düring van de gemeente Tilburg en Marco te Brömmelstroet. Meer ruimte voor het menselijk en sociale perspectief, dat is wat ons bindt. Zie Urhahns uitgaven Spontane Stad, Beweegvriendelijke Stad en Gezinnen in de Stad. En Tilburg met haar Omgevingsvisie, Nota Omgevingskwaliteit en specifiek bijvoorbeeld de plannen en visie voor Tilburg Noord. En Marco’s bijdrage aan het manifest voor een Rechtvaardige Straat, de Groningse Leidraad Nieuwe Ruimte en het Haarlems Handvat.

In slaap gesust

We zijn alle drie op onze eigen manier bezig om de openbare ruimte te bevragen. Een ruimte die te vaak een technocratische plek is, bestierd vanuit experts met ieder een eigen perspectief: mobiliteit, veiligheid, waterberging, klimaatadaptatie, ecologie, et cetera. Keuzes zijn vastgelegd in normen en richtlijnen, gestold in instituten en wetten, beschermd door wethouders en ministers en uiteindelijk letterlijk in beton (en staal en asfalt) gegoten. Precies die openbare ruimte hebben we nu meer en meer nodig voor steeds meer urgente en complexe maatschappelijke vraagstukken. We moeten ons er veilig, stressvrij en welkom voelen. We moeten er kunnen bewegen, sporten en spelen. Ontspannen, ontmoeten en verkoelen. Klooien, klussen en kussen. Dát is de rechtvaardige, inclusieve en gezonde stad waar we in willen leven.

Fietsers kruispunt fietsen - Wikimedia Commons / Mark Ahsmann / CC BY-SA 3.0 door Mark Ahsmann (bron: Wikimedia Commons)

‘Fietsers kruispunt fietsen - Wikimedia Commons / Mark Ahsmann / CC BY-SA 3.0’ door Mark Ahsmann (bron: Wikimedia Commons) onder CC BY-SA 3.0, uitsnede van origineel


De stad, het dorp en de straat zijn voor en ván iedereen, geen enkel gebruik en geen enkele gebruiker zou dominant mogen zijn. Ze zijn geen optelsom van belangen en perspectieven, maar een collectief fenomeen. Maar – spoiler alert – hoe leuk en inspirerend dit ook klinkt, en hoe moeilijk je het er ook mee oneens kunt zijn, het maakt de zaak er niet per se eenvoudiger op. Juist complexer, want er moet ineens heel veel. En los van de ruimtelijke beperkingen die de optelsom simpelweg onmogelijk maken, spelen er ook nog allemaal echte dilemma’s. Een perfecte ecologische verbindingszone is in de avond wellicht een sociaal onveilige fietsroute. Een buurt waar kinderen naar hartenlust op straat kunnen spelen, is er mogelijk een zonder auto’s. Wat weegt zwaarder? Daar gaan onze richtlijnen. Daar gaan de snelheid en de efficiëntie. Daar gaat het conflict vermijden dat ons lange tijd in slaap heeft gesust. En nu?

Slakken en eenden

Wij hebben de antwoorden ook niet pasklaar. Is dat dan juist de reden dat de ROEP ons toekwam? Dat onze vakgenoten vooral de worsteling (h)erkennen? In het waargebeurde verhaal The Biggest Little Farm (2018) volg je als filmkijker John en Molly Chester die in eerste oogopslag doen denken aan zo’n aandoenlijk stel uit Ik Vertrek. Met een ambitie om het hectische stadsleven in te ruilen voor een eigen boerderij op het Amerikaanse platteland. Op de Ik Vertrek Bingokaart kun je al bijna afstrepen: “is nooit boer geweest,” “geen vergunningen,” “het dak lekt” en “de septic-tank zit verstopt.” Maar wat volgt is een inspirerende reis waarin we samen met de hoofdpersonen leren wat het betekent om nederig te zijn.

We ontdekken dat je bij complexe systemen vooral eerst goed moet leren kijken, voordat je gaat ingrijpen alsof we al weten hoe het werkt. Problemen zijn geen vijanden, maar signalen dat iets uit balans is. In plaats van het systeem te domineren, moet je er mee leren dansen. Een dans waarbij fouten maken mag, zolang je er maar van leert. We zien hoe een onvruchtbare, uitgeputte vlakte langzaam verandert in een rijk en veerkrachtig ecosysteem met een enorme biodiversiteit. En leren en passant dat als je een slakkenprobleem hebt, je misschien eens wat eenden moet introduceren.

Zorg ervoor dat experimenten écht buiten de gebaande paden kunnen gaan, maar zorg er ook voor dat die lessen in de organisatie landen

We realiseren ons dat de eendimensionale kijk op de complexe openbare ruimte ons in allerlei, schier onoplosbare problemen heeft gebracht. We constateren dat het anders moet en dat we niet in de angst voor verandering kunnen meegaan. Daar is de status quo te problematisch voor. Met nederigheid, moed en nieuwsgierigheid moeten we leren onderzoeken hoe we complexiteit en conflict beter kunnen omarmen in plaats van buitensluiten.

Het maakt ons onzeker, omdat we diep van binnen ook liever de antwoorden zouden weten. We beseffen ons alle drie dat we als vakgebied voor belangrijke keuzes staan die verstrekkende gevolgen hebben. En dan zouden we graag eenduidig de richting willen wijzen. Maar we hopen dat het juist deze oprechte worsteling is die wordt (h)erkend. Niet de ene set richtlijnen en normen inwisselen voor een nieuwe en verbeterde variant met een goeroe die de weg wijst. Maar wel het zoeken naar waarden-gedreven gesprekken over de schaarse openbare ruimte die we delen.

Vier boodschappen

Hebben we dan geen boodschap en gooien we onze handen in de lucht? Het mag dan zo zijn dat we de exacte antwoorden niet weten, we proberen wel actief te zoeken en te experimenteren. Urhahn door te onderzoeken, te publiceren en te ontwerpen. Gemeente Tilburg door te agenderen, te bespreken en te experimenteren. En Marco te Brömmelstroet door studies, provocaties en bijdrages aan het publieke debat. We hebben vier gemeenschappelijke boodschappen die kunnen helpen om mee te werken aan de zoektocht naar The Biggest Little Street:

1 Zoek naar nieuwe, verbindende verhalen

Wij werken alle drie op verschillende manieren hard aan het zoeken naar manieren om het gesprek over de straat te verrijken. Verhalen die niet alleen over straten, stenen en efficiëntie gaan, maar juist het menselijke, natuurlijke en sociale perspectief centraal stellen. Dat soort verhalen activeert de stille meerderheid: de mensen die in eerste instantie niet heel duidelijk voor of tegen verandering zijn, maar die wel ervaren dat de openbare ruimte een sleutel kan zijn voor veel uitdagingen die zij wel degelijk ervaren.

2 Wees nederig en leer kijken, luisteren en voelen in het complexe systeem.

Maar doe dat actief. Durf te experimenteren, gebruik tijdelijkheid, probeer veranderingen uit en kijk vervolgens goed wat er allemaal verandert in de balans. Zorg ervoor dat experimenten écht buiten de gebaande paden kunnen gaan, maar zorg er ook voor dat die lessen in de organisatie landen. Een gemeente is immers geen evenementenbureau.

3 Maak bespreekbaar waar het schuurt

Vaak is het onmogelijk om alle wensen die een plaats claimen in de openbare ruimte te realiseren. Daar hebben we simpelweg onvoldoende straat voor. Dan moeten er keuzes gemaakt worden en zal er altijd iemand ongelukkig zijn met de uitkomst. Nu is het vaak zo dat de dingen die in het verleden vaak prioriteit kregen, nog steeds voorrang hebben. De personenauto claimt de ruimte die anders voor beschikbaar zou zijn voor speelvoorzieningen in het groen. Dat is niet per se erg, maar het is wel een keuze – waarbij belangen van de een voor die van de ander worden geplaatst. En dat moeten we zichtbaar en bespreekbaar maken.

4 Spreek niet óver maar mét bewoners over de openbare ruimte in hun wijk, buurt en straat

Je kunt nog zulke mooie verhalen verzamelen, experimenten inzetten, en belangen afwegen – als de mensen die uiteindelijk gebruik zullen moeten gaan maken van de ruimte zich geen mede-eigenaar ervan voelen slaat het plan onherroepelijk dood. Terwijl een openbare ruimte die een daadwerkelijk publiek karakter heeft juist leeft. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, maar het is wel noodzakelijk.


Cover: ‘Heerhugowaard Nederland’ door Yuliia24 (bron: Shutterstock)


Ad de Bont door Ad de Bont (bron: LinkedIn)

Door Ad de Bont

Ad de Bont is stedenbouwkundige en partner bij Urhahn


Meest recent

Heerhugowaard Nederland door Yuliia24 (bron: Shutterstock)

Klooien, klussen en kussen in de openbare ruimte, zo zien de ROEP-winnaars de stad

Begin dit jaar kregen Urhahn Stedenbouw en Strategie, de gemeente Tilburg en Marco te Brömmelstroet de Ruimtelijke Ordening Erkenning Penning. Met vier boodschappen proberen zij het vakgebied te helpen in hun zoektocht naar een betere toekomst.

Opinie

7 juli 2026

Onthulling Beemster Beelden markeert oplevering nieuwe wijk De Keyser in Middenbeemster 3 door BPD (bron: BPD)

“Kunst draagt bij aan gemeenschapsvorming in nieuwe wijken”

Kunst neemt een steeds prominentere plek in bij de gebiedsontwikkelingen waar BPD bij is betrokken. Het verbindt de nieuwe bewoners en draagt bij aan de identiteit van een gebied. Wat komt er kijken bij het realiseren van kunst in de openbare ruimte?

Persoonlijk

6 juli 2026

Meppel deelproject Scheepswerf-Kop van Noordpoort  (1) door gemeente Meppel (bron: gemeente Meppel)

Gebiedsontwikkeling Noordpoort: patchwork aan het water

De komende jaren moet Noordpoort in Meppel gefaseerd uitgroeien tot een stadsentree met een moderne infrastructuur, een waterrijk profiel en 1.000 woningen.

Uitgelicht
Casus

6 juli 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op