platform voor kennis, nieuws en opinie
Zoeken
platform voor kennis, nieuws en opinie

Watertorenberaad: een ommekeer in denken

Watertorenberaad: een ommekeer in denken

Werkconferentie 18 april 2013

6 mei 2013 - “Met de maatschappelijke opgave van gebiedsontwikkeling als leidraad wil het Watertorenberaad een nieuwe koers uitzetten. De tijd van negativisme is voorbij. Het stadium van wat allemaal niet meer kan, ligt definitief achter ons. Daarmee willen we een ommekeer in denken markeren”, aldus Antoinette van Heijningen, initiatiefnemer en medeoprichter van het Watertorenberaad en dagvoorzitter van de conferentie.

Samen met medeoprichter Peter van der Gugten werd de derde conferentie met een positieve toon geopend op een sfeervolle locatie: de net geopende Kantine Walhalla op Katendrecht. Het jongere zusje van theater Walhalla. Harry Jan Bus, de geestelijk vader van Walhalla, legde de ontstaansgeschiedenis uit. Katendrecht zelf is een prachtig voorbeeld van de ondernemende stad, waar de ondernemers zelf de versnelling organiseren, zo ook met de ontwikkeling van de Feniksloodsen.

Het waarom, hoe en wat dan WEL bij gebiedsontwikkeling stond centraal. Peter Ruigrok, sinds 2012 de nieuwe voorzitter van het Watertorenberaad legt het nieuwe denken uit: “Gebiedsontwikkeling is niet meer het onderonsje van ontwikkelaar, bouwer, belegger en gemeente die mooie glimmende kantoren, winkels en appartementencomplexen bouwen. Gebiedsontwikkeling is dienstverlening. Gebiedsontwikkelaars worden verbinders en maken initiatieven van mensen uit de samenleving mogelijk. Opgave en rol zijn wezenlijk en blijvend veranderd. Het gaat om de vraag: welke bijdrage kan gebiedsontwikkeling leveren aan het accommoderen van maatschappelijke vraagstukken? Gebiedsontwikkeling vraagt in feite veel meer inzicht in mensen, ondernemingen en organisaties dan in planvisies, samenwerkingsovereenkomsten, of grondexploitaties.

Waar zit die maatschappelijke vraag dan in? Die zit bijvoorbeeld in de wens tot coöperatieve samenwerkingsvormen, waarin niet alleen de traditionele professionele organisaties onderling maar ook individuen en kleinschalige initiatieven een plek hebben. Het fundamenteel de klant met zijn vraag als uitgangspunt nemen, wat echt wat anders is dan een ‘inspraakmodel’. Het besef dat mensen en ondernemers optimale flexibiliteit in tijd en contracten willen EN dat ook regelen. Of in het simpelweg oprichten van alternatieve bankvormen of andere investeringsvehikels, waar het teveel aan overhead en kosten uitgesleuteld wordt. Voor en door de mensen die het moeten gaan doen.

In aanvulling hierop stelde Diederik van Hoogstraten van Ballast Nedam Ontwikkelingsmaatschappij dat een belangrijke kern ligt in de acceptatie van het feit dat ‘klein het nieuwe groot is’. Op het oog kleine initiatieven vormen samen de nieuwe dynamiek. En brengen op termijn vaak juist veel in beweging.

Drie plenaire sprekers kleuren de maatschappelijke opgaven en zoekrichtingen verder in: waar zit de opgave, hoe pakken mensen die op en hoe kan gebiedsontwikkeling daarin faciliterend zijn?

Sadik Harchaoui over geduldig kapitaal voor geduldig werk

Nieuwe gebiedsontwikkelingspraktijken doen er goed aan te anticiperen op maatschappelijke vraagstukken. Of dit nu is in de wereld van bijvoorbeeld wijkondernemingen, geïntegreerde wijkdienstverlening, veiligheid, zorg, cultuur of herontwikkeling van bestaande gebieden en gebouwen. Sadik Harchaoui (voorzitter van de Raad van Bestuur van FORUM en voorzitter van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling) overdenkt nieuwe vormen van solidariteit, de vitaliteit van de samenleving en de houdbaarheid van de verzorgingsstaat. Naar het oordeel van Harchaoui is het van belang om te begrijpen hoe ondernemerschap en co-creatie hier van betekenis kunnen zijn. We gaan in Nederland nog niet goed om met ‘niet-gebruikelijke’ initiatieven en ondernemers, maar de potentie is aanwezig.

Harchaoui onderzocht de mogelijkheid om in Nederland een ‘maatschappelijke bank’ op te richten. In het Verenigd Koninkrijk is 600 miljoen pond opgehaald via de constructie van de ‘Big Society Capital’ bank. Het idee is een financieringsentiteit of constructie op te zeten die sociaal ondernemerschap kan faciliteren. Na verschillende gesprekken te hebben gevoerd met banken, financiers, filantropen, intermediairs en sociaal ondernemers, bleek dat menigeen niet perse de behoefte had aan een bank of een financieringsconstructie, maar meer aan samenwerkingsmogelijkheden, co-creatie en een gezamenlijke ambitie om de markt van sociaal ondernemerschap te versterken en te vergroten. Het besef dat ondernemerschap kan bijdragen aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken is breed gedeeld onder zowel banken, financiers en ondernemers. Sociaal ondernemerschap heeft de toekomst. Er wordt volop mee geëxperimenteerd.

Met het platform Society Impact beoogt Harchaoui sociaal ondernemerschap te stimuleren. Juist nu de overheid zicht terugtrekt en er gaten vallen zal dergelijk ondernemerschap getoond moeten worden. Harchaoui spreekt van een ‘Social Deal’ als een ondernemer de kansen ziet om een succesvolle onderneming te starten welke bijdraagt aan een bredere maatschappelijke opgave, en een financieringsarrangement kan worden opgezet. Geïnspireerd door de ‘Social Impact Bonds’ uit het Verenigd Koninkrijk, staat het maatschappelijk rendement centraal. Eerst zal het resultaat geboekt moeten worden, daarna volgt de uitkering van het rendement. Dit heeft ook budgettaire voordelen voor bijvoorbeeld overheden, zowel op korte als lange termijn. Harchaoui stelt zich tot doel vijf ‘Social Deals’ in Nederland te sluiten.

Zie ook:

- De kracht van Katendrecht
- Innovatieve financieringsvormen uit Engeland
- Presentaties en verslag dubbelconferentie Slimmer Investeren - Stedelijke vernieuwing

Frits Spangenberg van Motivaction over wat de mens drijft

Je leeft maar een keer! Wat drijft mensen en hoe pas je dit toe in gebiedsontwikkeling? Wat zijn de vragen die de traditionele partijen niet stellen? In de visie van Spangenberg hebben architectuur en gebiedsontwikkeling te maken met gevoel en interactie. “Daarom word ik ook zo blij van het nieuwe Rijksmuseum en treurig van De Rotterdam van Koolhaas. De afgelopen 30 jaar trof ik veelal een verwende sector. Erger nog dan de banken en financiële instellingen. Door de schaarste werd er toch wel meteen verkocht. Er is veel geld verdiend met de Vinex-wijken. Veel van de problemen in deze wijken hadden we kunnen voorzien. Bevreemdend, al die mensen op de bank, kijkend naar de Voice of Holland? Als de portemonnee domineert gaat het niet goed. Het gaat om dromen, passie en schoonheid. Laat de Harry Jan Bussen opstaan!”

“Als samenleving hebben we vervolgens ook nog eens zekerheid gevonden in functionalisme en regelgeving. Dat zie je terug in het Bouwbesluit. Hier staan zoveel beperkingen en regels in, die niets te maken hebben met goed wonen, passie en dromen.” “We moeten afscheid nemen van oude sprookjes, zoals het waardevaste pensioen. Maar met het verdwijnen van zekerheden neem je mensen veel af. We moeten echter denken in nieuwe verbanden. Wonen is een belangrijk thema voor mensen. Dit uit zich in de vele tv-programma’s over het huis; het is een door alle lagen van de bevolking gedragen onderwerp.” “Maar als je alles met regels wilt regelen wordt niemand daar gelukkig van. Sterker nog, het leidt tot burgerlijke ongehoorzaamheid, een van de belangrijkste trends die we waarnemen. De huidige crisis is vanuit dit oogpunt een zegen. Veel instituten zitten in de kramp en staan te ver af van primaire urgente opgaven in de zorg, onderwijs en sociale zekerheid. Kijk hoe de burgemeester in Haren op project X reageerde: ‘Zoiets doe je niet’. We doen een beroep op gezond verstand, maar veel jongeren hebben een heel ander perspectief. Wereldwijd zijn er vele hoogopgeleiden zonder werk, deze kunnen zich via social media verbinden en zo veel realiseren.”

“De opgave voor vandaag ligt in het ‘out-of-the- box’-denken, het aangaan van verbindingen en het geven in plaats van alleen nemen. Geen indirect marktonderzoek, maar partnerships en interactiviteit. Laat passie spreken en richt je energie op activiteiten waar het primaire proces om vraagt.”

Michiel de Lange over de trekkracht van burgers in stadsontwikkeling

Michiel de Lange is lector Nieuwe Media. Social media zijn volgens hem geen panacee, maar kunnen wel helpen in processen van stedelijke ontwikkeling. Nederland kent in vergelijking met het buitenland een sterk maatschappelijk middenveld, hiermee hebben we een groot ‘pioniersveld’. “Het stedelijk ontwerp is echter in crisis”, aldus De Lange. Zo zie je dat ‘expert knowledge’ in toenemende mate onder druk staat. Dit heeft te maken met een gebrek aan vertrouwen en legitimiteit. Het betrekken van burgers is onvermijdelijk om dit te doorbreken. Of in de woorden van Wouter Vanstiphout, hoogleraar Ontwerp en Politiek: “Besluitvorming moet weer een democratisch proces worden.” Hoe maak je ontwerpen weer politiek, in de brede zin van het betrekken van mensen?

De Lange benoemt een aantal bewegingen:

“Allereerst, in lijn met de vraag naar nieuw burgerschap zien we een opkomende DIY- (do it yourself) mentaliteit. Het toe-eigenen van eigenaarschap.

Een tweede tendens is de opkomst van de mediastad. Overal hangen schermen, iedereen is bezig met schermen om allerlei redenen. Het is een extra laag over de stad, ook fysiek in de vorm van het nieuwe werken. En hoe vind ik een restaurant, of mijn vrienden? Wat betekent dit alles voor de gebouwde omgeving?

Een derde trend is het openbaar geven van data. Zo heeft architectenbureau XML studenten in Delft opdracht gegeven om op basis van Twitter-gegevens een Programma van Eisen op te stellen. Victoria Koblenko, een van de bekende Nederlanders die gevolgd werd, was verrast over de herkenbare uitkomst.

Deze voorbeelden leveren de vraag op in hoeverre we social media kunnen inzetten voor complexere problemen zoals leegstand, sociale gelijkheid, voedsel of energievoorziening. En hoe betrek je hier burgers bij? Een recent voorbeeld uit Amsterdam-West is het project ‘Face Your World, UrbanLab Slotervaart’ van kunstenares Jeanne van Heeswijk en architect Dennis Kaspori. Ideeën in de buurt werden verzameld in een digitale omgeving. Hiermee werd een basis gelegd die breed werd besproken. Na jaren van weerstand vanuit de buurt, kon nu een park gerealiseerd worden dat door de buurt zelf was vormgegeven. In juni 2012 is het park opengegaan.

Een voorbeeld op het gebied van leegstand is de game ‘Rezone’. Tijdens een festival in Den Bosch is dit gespeeld om stakeholders rondom een leegstaand pand met elkaar in gesprek te brengen. De game simuleert het verval, waar de stakeholders op kunnen reageren. De simplificatie van het spel maakt zaken begrijpelijk en schetst de horizon, spelers kunnen aan elkaar wennen. Het is een veilige eerste verkenning, die niet zozeer inspeelt op rationaliteit maar de ontwikkeling van een plek invoelbaar maakt.”

De Lange sloot af met de kracht van social media in het organiseren van een achterban. Zo is in Zaanstad met gebruik van een bestaande community een beweging gemobiliseerd om een skatepark te realiseren. Websites als ‘FixMyStreet’ spelen in op deze vorm, door een plek te creëren waar je niet alleen klachten, maar ook ideeën kunt achterlaten.

De kracht van social media ligt er in dat er een netwerk opgebouwd wordt dat veel vermag. Daarmee vormt dit een belangrijke pijler voor gebiedsontwikkelingen die zich juist richten op het aanboren en faciliteren van lokaal initiatief en ondernemerschap.

Zie ook:

DEELSESSIES

Zie ook:

Zie ook:

Zie ook:

Zie ook:

Het Watertorenberaad hoopt medio dit jaar met een geactualiseerd werkboek te komen, waar ook de inzichten, discussies en voorbeelden zoals gepresenteerd op de werkconferentie in zijn verwerkt.

Voorafgaand aan de werkconferentie was er een rondleiding op Katendrecht. Tijdens deze excursie werd duidelijk hoe belangrijk de rol van Proper-Stok , Woonstad Rotterdam en de gemeente is geweest in deze ontwikkeling. Samen met de maatschappelijke partijen en eindgebruikers hebben ze het gebied op de kaart gezet. Eerst via maatschappelijke voorzieningen zoals een brede school en aansluitend een divers woningbouw programma met reguliere en kluswoningen. De pioniers konden voor relatief gunstige prijzen een woning kopen. Deze moed is beloond door de latere stijgende woningprijzen. Hierna zijn weer nieuwe investeringen doorgekomen zoals het European China Centre Rotterdam en de Rijnhavenbrug. Het motto ‘Kun jij de Kaap aan’ inspireert niet alleen bewoners, maar ook ondernemers initiatieven te ontplooien.

Voor meer informatie over het Watertorenberaad:
Antoinette van Heijningen, info@urbancore.nl
Damo Holt, damo.holt@ecorys.com

Met dank aan Antoinette van Heijningen (Urbancore), Damo Holt (Ecorys), Ewoud Dekker (Ecorys) en Helma Born (Procap) voor hun bijdrage.