platform voor kennis, nieuws en debat
platform voor kennis, nieuws en debat
Column

Zeg maar nee, dan krijg je er twee

Zeg maar nee, dan krijg je er twee

Go column cover 2

12 jun 2019 - Ja, je kunt onder de omgevingswet op twee momenten participeren. Maar nee, dat betekent niet dat je ook vaker bezwaar kunt maken dan voorheen, stelt bestuursadviseur Sarah Ros.

‘Zeg maar nee, dan krijg je er twee.’ Wie kent de uitspraak uit de jaren ‘80 van wijlen Bart de Graaff nog? In een reclamespotje voor koekjes beweert Bart dat hij het koekje niet lekker vindt, waardoor hij er nog een mag proberen. 

In de Omgevingswet is (de uitkomst van) participatie, net als inspraak, een onderdeel van de besluitvormingsprocedure. Bij het opstellen of vaststellen van de nieuwe kerninstrumenten van de overheid, zoals de omgevingsvisie of het omgevingsplan, is participatie verplicht. Helemaal nieuw in de Omgevingswet is de aanvraagvereiste participatie voor een omgevingsvergunning. De initiatiefnemer moet straks bij het aanvragen van deze vergunning aangeven of de samenleving betrokken is, en zo ja, wat daarvan de uitkomsten zijn. 

Dit betekent dat onder de Omgevingswet twee keer kan of moet worden geparticipeerd: eerst op planniveau, daarna op initiatiefniveau. Krijgt de samenleving (of de bezwaarmaker) dan twee extra mogelijkheden om aan hetzelfde plan mee te werken, of het juist tegen te werken? 

Allereerst is het goed om onderscheid te maken tussen participatie en inspraak. Participatie is geen vervanging van rechtsbescherming of inspraak. Rechtsbescherming gaat namelijk over de gang naar de rechter. Inspraak gaat over het toetsen van belangen van individuele burgers en bedrijven aan het concrete plan. Voor deze rechtsbescherming of inspraak sluit de Omgevingswet aan bij de Algemene wet bestuursrecht, er verandert dus niets ten opzichte van de huidige situatie.

Bij participatie gaat het juist over deelnemen en meedenken. Een participatie-traject is niet bedoeld om eventuele bezwaarmakers meer podium te geven, maar juist om betere ideeën te onderzoeken en creativiteit ruimte te geven. Over het algemeen leidt een goed participatietraject juist tot meer draagvlak, levert het betere plannen op, en verkort het de doorlooptijd. Participatie wordt in de Omgevingswet verstevigd.

Maar twee keer participatie van de samenleving? Dat klinkt overdreven. Is een participatieplicht op planniveau én op vergunningniveau echt nodig? Jazeker. En daar is een goede reden voor. Onder de Omgevingswet kunnen meer open normen en globalere regels worden vastgesteld dan onder het huidige omgevingsrecht. Een open norm is bijvoorbeeld: ‘Er moet in voldoende parkeergelegenheid worden voorzien’. De exactere uitwerking van die regel, dus hoeveel parkeerplaatsen er echt komen, blijkt pas op het vergunningsmoment. 

Een globale regel maakt niet meteen duidelijk wat de effecten zijn op de leefomgeving. Deze effecten komen pas goed in beeld als er een gedetailleerde invulling wordt gegeven aan die globale regel. Participatie van de samenleving op zowel plan- als vergunningsniveau is dus helemaal niet vreemd. 

Het actief meedoen in planprocessen en meedenken over maatschappelijke opgaven of kleinere initiatieven krijgen dus meer ruimte vanaf 2021. Maar zeg je nee en maak je bezwaar, dan krijg je onder de Omgevingswet geen extra ruimte. 

Auteur

Sarah Ros
Sarah Ros

Strategisch adviseur fysieke leefomgeving en Omgevingswet

Bekijk alle artikelen
Blijf op de hoogte