platform voor kennis, nieuws en opinie
Zoeken
platform voor kennis, nieuws en opinie

Machiel van Dorst: “Betrek het welbevinden van mensen in het ontwerp van de leefomgeving”

Machiel van Dorst: “Betrek het welbevinden van mensen in het ontwerp van de leefomgeving”

Machiel van Dorst 2 -> Machiel van Dorst

Bij het vormgeven van de leefomgeving gaat het volgens Machiel van Dorst, sinds november hoogleraar Environmental Behaviour and Design aan de TU Delft, om de wisselwerking tussen omgeving, gedrag en ontwerp. "De beleving van stad, park en straat op ooghoogte. Dat perspectief lijkt gaandeweg aan belang te hebben ingeboet."

Van Buenos Aires tot Jakarta en van Amsterdam tot Shanghai kampen bewoners van dichtbebouwde gebieden met vergelijkbare problemen. Groeiende competitie in de openbare ruimte tussen verkeer en verblijfsruimte is daar een herkenbaar voorbeeld van. Met alle conflicten, ongelijkheid en milieudruk van dien. “Hoe dichter de stad des te hoger de druk op het welzijn en de belangen van haar gebruikers”, vat hoogleraar Machiel van Dorst de problematiek samen. “Een veilige, toegankelijke en gezonde omgeving of zelfs een kindvriendelijke omgeving zijn allesbehalve vanzelfsprekend. Terwijl ze overal ter wereld tot de meest basale menselijke behoeften behoren.”

Van Dorst heeft zich toegelegd op de relatie tussen het individu en zijn of haar omgeving. “De beleving van stad, park en straat op ooghoogte. Dat perspectief lijkt gaandeweg aan belang te hebben ingeboet. Kennis ervan is langzaam weggezakt terwijl ze hard nodig is.” Sociale duurzaamheid werd door ontwerpers soms als een beperking van creatieve vrijheid ervaren. “Dat hoeft het niet te zijn. Integendeel, een ander perspectief op het ontwerp kan juist heel verfrissend werken. De menselijke maat als bron van inspiratie: die notie wil ik vanuit de leerstoel Environmental Behaviour and Design nadrukkelijk uitdragen.”

Behapbaar

Van Dorst ziet de belangstelling voor het gebruikersperspectief de laatste tijd wel weer toenemen. In Nederland is hij hoopvol over de introductie van de Omgevingswet, die een participatieve manier van werken in de ruimtelijke ordening expliciet maakt. Idealiter is de gebouwde omgeving de uitkomst van een proces waarin perspectieven en belangen van verschillende gebruikersgroepen volwaardig meewegen. In zijn onderzoek en onderwijs richt Van Dorst zich op een tweetal vragen die volgens hem dit proces optimaliseren. Wat zijn de ruimtelijke kwaliteiten van een straat, park, wijk of stad waarmee het welbevinden van gebruikers wordt gefaciliteerd? Op welke wijze is de complexiteit van ruimtelijke eisen voor het welbevinden van mensen inzichtelijk en toepasbaar te maken in het ontwerpproces? “Hiervoor is inzicht nodig in de relatie tussen gebouwde omgeving en het welbevinden van mensen. Wat zijn ruimtelijke voorwaarden voor sociale interactie? Hoe faciliteert het ontwerp een bepaalde mate van autonomie?” Een praktische vraag is dan met welke instrumenten ontwerpers een hoge mate van complexiteit terugbrengen tot iets dat behapbaar en bespreekbaar is? “Met mijn onderzoek streef ik de ontwikkeling van zulk instrumentarium na.”

Voortuintjes

Voor een sociaal duurzaam stedenbouwkundig of architectonisch ontwerp acht Van Dorst enig inzicht in universele menselijke behoeften onontbeerlijk. “Dat geldt uiteraard ook voor de landschapsarchitectuur. De weldadige werking van natuur is zo’n universele behoefte, die voelen stedelingen net zo goed als inwoners van landelijk gebied.” Eén van de fundamenten van het menselijk geluk is het gevoel van autonomie. “Dit gevoel, dat helaas vaak over het hoofd wordt gezien, heeft alles te maken met de ervaren controle over de omgeving.”

Zo is aangetoond dat in straten met voortuintjes meer sociale interactie plaatsvindt dan in straten waar gevels grenzen aan openbare ruimte. De voortuintjes fungeren als een hybride zone tussen publiek en privaat. “Wanneer duidelijk is waar grenzen liggen, wat aan wie toebehoort, waar ruimte ligt voor interactie en waar ontmoeten juist niet hoeft, hebben mensen controle over hun omgeving.” Dit soort kennis geeft Van Dorst graag aan studenten mee als zij later in co-creatie met bewoners een straat gaan herinrichten. “Good Fences make good neighbours, laat Robert Frost één van twee buren zeggen in zijn gedicht Mending Wall uit 1914. Als je een stedelijke omgeving gaat ontwerpen is het zaak dat je zulke fundamentele behoeften begrijpt en respecteert.” 

Dit artikel verscheen eerder op de website van de Faculteit Bouwkunde van de TU Delft 

Cover: Photo by Luca Bravo on Unsplash

Auteur

Portret - Eric Burgers
Eric Burgers

Zelfstandig journalist

Bekijk alle artikelen