Java eiland

Stemmen met de voeten?

16 mei 2017

2 minuten

Opinie In ROm van 4 mei jl. beweert de hoofdplanoloog van de gemeente Amsterdam, Jos Gadet, met droge ogen dat er in Nederland al lang geen sprake meer is van woningtekorten, maar van gebrek aan specifieke woonmilieus. Naar zijn mening is er sprake van een trek naar de steden doordat Nederlanders met de voeten zijn gaan stemmen.

Onmiskenbaar hebben de grote steden aantrekkingskracht voor diverse groepen maar tegelijkertijd is er ook iets geheel anders aan de hand. Een korte reactie.

Als we op de vestiging- en vertrekcijfers van Amsterdam wat preciezer inzoomen, blijkt dat over een langere periode de instroom van personen vanuit andere gemeenten en het vertrek naar andere gemeenten elkaar redelijk in evenwicht houden. Zonder instroom van migranten zou Amsterdam gedaald zijn in inwoneraantal. Met name de laatste periode is er sprake van een groeiend aantal vertrekkende jonge gezinnen uit Amsterdam. Zij zoeken meer ruimte die ook nog eens betaalbaar is. Door het woningtekort is dat type ruimte in Amsterdam zeer schaars. In tweeërlei opzicht moet de opvatting van Gadet dan ook bestreden worden: er is wel een woningtekort. Als dat niet het geval was zouden de prijzen in Amsterdam niet in alle categorieën zo buitensporig hoog zijn.  En: lang niet iedereen wil in Amsterdam wonen. Ze stemmen met de voeten door Amsterdam te verlaten.

De zojuist verschenen Hittekaart 2017 bevestigt dat beeld: ‘woningzoekenden in de grote steden wijken massaal uit naar middelgrote steden buiten de Randstad’.  De van oudsher populaire steden Amsterdam, Utrecht en Den Haag blijven in trek, maar daarnaast is er een trek gaande naar middelgrote steden. In Noord-Holland zien we de ‘kringen’ rond Amsterdam weer sterk groeien. Waren na de crisis eerst alleen Haarlem en Zaanstad weer populair, daar is Purmerend, maar nu ook Alkmaar en Hoorn weer aan toegevoegd. Is dat geen stemmen met de voeten?

In zijn artikel roert Gadet overigens een zeer belangrijk vraagstuk aan: ‘Gemixte buurten ontwikkelen, dat is nog niet zo eenvoudig.’ Daar heeft hij gelijk in. Hij is desondanks wel optimistisch want ‘Gentrifiers, creatievelingen, kenniswerkers, horecavernieuwers, start-ups, dienstverleners en andere vele economische groeperingen die de stad nodig hebben, en die de stad op haar beurt nodig heeft, zoeken hun weg, timmeren een extra entresol in hun woning, kruipen met anderen op minder m2 …etc.’ Zijn optimisme deel ik niet; die extra entresol is geen echt antwoord op het woningtekort. Een rijke mix aan stedelijke functies is voor velen een aantrekkelijke woonomgeving maar voor veel anderen ook niet. En ook die hebben recht op woonruimte.


In dit artikel wordt verwezen naar deze blog van Jos Gadet

Deze column verscheen eerder op Romagazine.nl.


Cover: ‘Java eiland’


Portret - Jos Feijtel

Door Jos Feijtel

Adviseur versnelling woningbouw


Meest recent

De Demer, Zichem door Guido Vermeulen-Perdaen (bron: shutterstock)

Wat is natuur waard in gebiedsontwikkeling? Acht keer meer dan je er instopt

Een Vlaamse natuurorganisatie liet onderzoek doen naar de opbrengsten van investeringen in natuur. De conclusie: iedere euro die natuurherstel kost – in het geval van natuurgebied Demerbroeken – levert acht euro op.

Onderzoek

17 juli 2024

Elektriciteitskabels in de grond door m.jrn (bron: shutterstock)

Gemeenten en de integratie van energie-infrastructuur in de ruimtelijke ordening: een aanvulling op de VNG-Handreiking

Boven en onder de grond gaat onze energie-infrastructuur flink op de schop. Gemeenten spelen hierbij een belangrijke rol. De recente VNG Handreiking helpt ze op weg, maar het mag volgens Mark Koelman een stuk integraler.

Onderzoek

17 juli 2024

Oude Maas, Dordrecht door T.W. van Urk (bron: shutterstock)

Het Maasterras Dordrecht als omgevingsrechtelijke puzzel

Bij het Dordtse Maasterras komen tal van uitdagingen bij elkaar. Dat geldt zeker ook voor de relatie met de Omgevingswet. Hoe verhoudt deze complexe gebiedstransformatie zich tot dit nieuwe planologische regime? Voer voor debat aan de SKG-Thematafel.

Verslag

16 juli 2024