Verslag
cover

Vooruitlopen op het omgevingsplan

Door Daniëlle Veenhof

19 apr 2017 - Sinds 2014 hebben gemeenten op grond van de Crisis- en herstelwet (Chw) de mogelijkheid om met een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte vooruit te lopen op de komst van het omgevingsplan, een van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. Tijdens de praktijksessie ‘Vooruitlopen op het omgevingsplan; Inspiratiegids’ vertelt Kor van Dijk (senior beleidsmedewerker voor het programmateam Chw bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu) aan de hand van voorbeelden uit de praktijk, op welke punten van de huidige wet- en regelgeving kan worden afgeweken. Daarbij worden vier categorieën onderscheiden: uitvoerbaarheid, onderzoekslasten, flexibiliteit & wendbaarheid en verbrede reikwijdte.

Er wordt volop geëxperimenteerd met bestemmingsplannen met verbrede reikwijdte. De ervaringen die in deze projecten worden opgedaan vormen de handvatten voor het toekomstige omgevingsplan en zijn daarom van groot belang. Zo laat het project ‘Soesterberg Noord’ zien hoe met toepassing van de verruimde voorlopige bestemming (10 jaar in plaats van 5 jaar) de uitvoerbaarheid van dit plan kan worden aangetoond. Aan een aantal bedrijven is een zogenoemde kameleon-bestemming toegekend; gedurende maximaal 10 jaar na het onherroepelijk worden van het plan, mogen deze bedrijven hun huidige feitelijk aanwezige bedrijfsvoering continueren. Zonder deze verruiming was deze transformatie spaak gelopen, omdat onvoldoende rekening kon worden gehouden met de belangen van de aanwezige bedrijven. 
Een experiment in Almere Oosterwold laat zien hoe een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte mogelijk de onderzoekslasten kan gaan inperken. Door per onderdeel van de fysieke leefomgeving randvoorwaarden te stellen, wordt invulling gegeven aan het tweede onderdeel van de dubbeldoelstelling van de Omgevingswet: het beschermen van de fysieke leefomgeving. Via zogenoemde beslisbomen wordt het voor een initiatiefnemer inzichtelijk welke onderzoeken hij daadwerkelijk moet uitvoeren. 
Flexibiliteit is ook een veelgenoemde term als het gaat om het omgevingsplan. Door gebruik te maken van open normen (regels die voor meerdere uitleg vatbaar zijn) neemt de flexibiliteit van het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte toe. Ter illustratie: in het bestemmingsplan kan worden gesproken van ‘voldoende’ parkeerruimte. De open norm ‘voldoende’ kan vervolgens worden opgenomen en nader worden uitgewerkt in een beleidsregel. Dit maakt actualisering van de regels in de toekomst makkelijker, omdat de aanpassing van de beleidsregel volstaat.

Het laatste kernpunt van de sessie is de verbrede reikwijdte. Regels over alle onderdelen van de fysieke leefomgeving zullen worden samengevoegd in een overzichtelijk plan. De Gemeente Boekel experimenteert hier al mee met behulp van een digitale viewer, waarin per locatie kan worden opgevraagd welke regels gelden.

Kor van Dijk
Kor van Dijk

Vanuit de zaal klinken zowel positieve als kritische geluiden. Vrees is dat de flexibiliteit van het nieuwe omgevingsplan mogelijk de rechtszekerheid in gedrang brengt. Ook vraagt men zich af of het inperken van onderzoekslasten bij de gemeente niet zal leiden tot hogere onderzoekslasten voor initiatiefnemers.

Aan het einde van de sessie worden nog enkele ontwikkelingen besproken. Om gemeenten nog beter in staat te stellen globaal te bestemmen, wordt overwogen een extra instrument toe te voegen: de bestemmingsplanactiviteit. Dit instrument wordt naar verwachting opgenomen in de 16de tranche van het Besluit uitvoering Chw. Of dit ook daadwerkelijk het geval zal zijn is afhankelijk van besluitvorming.

Coverfoto: Loes Schleedoorn

Auteur:

DV
Daniëlle Veenhof

MSc student Management in the Built Environment TU Delft

Recente artikelen