Droge rivierbedding met skyline van Düsseldorf door Thomas Bethge (bron: Shutterstock)

Tussen vrees en hoop, dit zijn de lessen van de Gouden Piramide 2026

5 november 2026

7 minuten

Opinie De systemen die Nederland lange tijd overeind hielden, dreigen en masse ineen te storten. Wie daarin verandering wil brengen, komt er niet met een cosmetische correctie hier of daar. Om toekomstige generaties een perspectief te bieden op een leefbare wereld zijn fundamenteel andere werkwijzen noodzakelijk, vindt voormalig Rijksbouwmeester Francesco Veenstra. De genomineerden van de laatste editie van de Rijksprijs Gouden Piramide bieden daar zicht op. De vraag is alleen: krijgen hun voorbeelden voldoende navolging?

Verschillende nieuwsberichten in de afgelopen tijd sterkten me nog maar eens in de overtuiging dat we de grenzen naderen van de houdbaarheid van onze maatschappelijke systemen – en daar niets aan doen (of in ieder geval veel te weinig). De rek is er definitief uit, het optimaliseren van bestaande systemen – waar we ons decennia mee wisten te redden maar die in zichzelf ook veel te complex zijn geworden – werkt niet meer. Zo horen we alarmerende geluiden over de achteruitgang van de Nederlandse natuur en de steeds grotere insectensterfte. Stroombeheerder TenneT waarschuwt dat we in 2030 al te maken krijgen met structurele stroomtekorten, waterproducent Vitens wijst (al jaren) op dreigende drinkwatertekorten en Rijkswaterstaat heeft geen geld meer voor het onderhoud van rijkswegen in Noord-Nederland (en de totale ‘operatie herstel’ van de wegen gaat 80 miljard euro kosten). Huishoudens in sociale huurwoningen hebben ernstig te leiden onder schimmelproblemen in hun woningen, die leiden tot grote gezondheidsproblemen en daarmee maatschappelijke achterstanden. De lijst wordt langer en langer. Ik kan me goed voorstellen dat de nieuwe generatie het leven in dit land soms werkelijk – en geheel begrijpelijk – niet meer ziet zitten.

Smalle insteek

Een bijkomend probleem is dat niet alleen de systeemanalyses maar ook de gepresenteerde oplossingen voor de grote vraagstukken van deze tijd vaak sectoraal, eendimensionaal en kortzichtig worden ingevuld. Een voorbeeld is het onderzoek dat de Tweede Kamer dit voorjaar heeft gevraagd naar de mogelijkheden om op grote schaal land te winnen in Nederland, om zo bouwgrond voor woningen te creëren. Onder meer wordt gekeken naar de mogelijkheden om in het IJsselmeer een compleet nieuwe stad te bouwen. Technisch is dat allemaal mogelijk, maar het gaat mogelijk ten koste van de huidige drinkwatervoorziening voor grote delen van Nederland. Ook zijn er miljoenen kubieke meters zand voor nodig – die óók een functie hebben voor de kustversterking. Een smalle insteek voor één belang leidt zo tot een ongewenste afwenteling op diverse andere belangen. Op eenzelfde manier leidt bijvoorbeeld de bouw van grootschalige datacenters tot een groot verbruik van elektriciteit en drinkwater. Wat voor de ene functie – onze steeds grotere opslag van data – dus soelaas biedt, leidt op andere terreinen juist tot meer problemen. Het zijn in mijn beleving typische voorbeelden van politiek uitstelgedrag, het niet werkelijk durven maken van keuzes en het doorschuiven van de problemen naar toekomstige generaties.

Zijn we in staat om onszelf werkelijk ergens mee te verbinden, om vervolgens ook daarnaar te handelen?

Is het dan toeval of de voorzienigheid dat ik juist nu een interview lees met voormalig minister Jet Bussemaker in de Volkskrant, die zich zorgen maakt over de oplopende verschillen in levensverwachting van verschillende groepen Nederlanders. Ze zegt: ‘Gezondheidsverschillen moet je niet alleen medisch bekijken, maar ook vanuit het perspectief van de leefomgeving en van schulden met hun ziekmakende effecten. Helaas is ons gezondheidssysteem niet op die bredere benadering ingericht. (…) We moeten meer ruimte voor eigen initiatieven creëren en daarbij durven accepteren dat je daarmee risico’s loopt. (…) Daarvoor zijn ministers en wethouders nodig die weg durven te bewegen van hun vertrouwde Excel-sheets.’ Volgens de voormalige politica is het vooral de kunst om de kracht van de samenleving zélf aan te boren, om tot de gewenste systeemdoorbraken te komen.

Niets verbaast ons meer

Op deze manier om me heen kijkend, vraag ik me af: zijn de doorbraken aanstaande? Ik durf dat soms – in een sombere bui – ten diepste te betwijfelen. Wat moet er gebeuren om mensen echt in beweging te brengen? Zijn we in staat om onszelf werkelijk ergens mee te verbinden, om vervolgens ook daarnaar te handelen? Inmiddels hebben ons toch (zeker uit de natuur, maar ook vanuit de maatschappij) genoeg signalen bereikt dat alleen zeer radicale oplossingen kunnen werken? Dat we echt anders moeten handelen? We zien vanuit ons hotelraam de gletsjer live smelten, kijken vanuit onze strandstoelen naar het vuur van de pyrocumulonimbus aan de overkant van het meer en staren naar het laatste restje water in de drooggevallen rivier.

Smeltende gletsjers door DeniskaPhotoGuide (bron: Shutterstock)

‘Smeltende gletsjers’ door DeniskaPhotoGuide (bron: Shutterstock)


Net zo goed zien we toe hoe er fakkels worden gegooid naar een noodopvanglocatie voor asielzoekers. Niets kan ons meer verbazen, we doen alles voor het mooie Instagram-beeld. Het gevoel overvalt me ook dichter bij huis, wanneer ik bijvoorbeeld kijk naar de inzendingen in de laatste jaren voor de Gouden Piramide. Dan zie ik veertig à vijftig opdrachtgevers die hun projecten inzenden, waar de jury er met enige moeite vijftien voorbeeldige uit weet te halen. Op een schaal van alle gerealiseerde bouwprojecten in Nederland vind ik dat, op zijn zachtst gezegd, heel matig. Aan de andere kant blijf ik toch ook hoop houden. Hoop op wél een fundamentele ommekeer, die begint bij de durf om complexe problemen juist te verbinden.

Daadwerkelijke doorbraken

Ik haal deze manier van verbinden-met-een-bredere-blik bijvoorbeeld uit het programma ‘Een optimistisch rampenplan’ van het Amsterdamse architectuurcentrum Arcam. Dit programma ging in 2025 van start en wil handelingsperspectieven bieden in deze donkere tijden: ‘Ontwerpen vraagt nieuwe manieren van denken, beleidskracht vereist daadkracht, gemeenschappen hebben slagkracht en rampenbesef kan kansen bieden.’ In die lijn past bijvoorbeeld ook de dit voorjaar gepresenteerde ‘Inspiratiekaart Defensie & Maatschappij’, die aantoont dat er interessante koppelkansen bestaan tussen de ruimtelijke interventies voor Defensie en de ontwikkellocaties en de ruimtebehoefte uit de recente Ontwerp-Nota Ruimte.

Mijn optimisme werd ook gesterkt door de ronde door Nederland die we eerder dit jaar maakten met de jury van de Gouden Piramide, mijn laatste als Rijksbouwmeester en voorzitter van de jury. In mijn beleving zijn de vijf opdrachtgevers die de jury nomineerde voorlopers van een nieuwe maatschappelijke orde. De projecten van deze vijf opdrachtgevers stellen door hun handelswijze dieper gelegen maatschappelijke vraagstukken aan de orde. Zij vertegenwoordigen de ‘kracht van de samenleving’ waar Bussemaker het over heeft. Wat lange tijd als onrealistisch terzijde werd geschoven, maken zij nu waar: een wooncoöperatie (de Nieuwe Meent, Amsterdam) als alternatief voor de woningmarkt, een bankgebouw als een publieke ruimte (hoofdkantoor De Nederlandsche Bank, de winnaar), een kindcentrum in Best als een circulaire langetermijnoplossing, het houten woongebouw SAWA (Rotterdam) als een collectieve woongemeenschap en een gebiedsontwikkeling waarbij landschapsontwikkeling en waterveiligheid de basis vormen voor de verstedelijking: DUIN in Almere. Deze vijf opdrachtgevers hebben, bewust dan wel onbewust, zelf het kantelpunt bereikt en radicaal andere oplossingen ontwikkeld. Deze opdrachtgevers hebben voor hun handelen juist een eigen, meer hoopvolle vocabulaire ontwikkeld: de vier waarden van de commons bij de Nieuwe Meent, de vijf duurzaamheidswaarden van SAWA, het DUIN-DNA in Almere dat richting geeft aan de gebiedsontwikkeling.

Sturing en invulling

Met woord en daad worden zo maatschappelijke vraagstukken niet langer opgelost vanuit maximale efficiëntie en individuele optimalisatie, maar vanuit preventie, inclusiviteit, brede welvaart en collectieve waarden. Ergo: vanuit een diep gevoel van wederkerigheid met de maatschappij. De vijf opdrachtgevers beantwoorden daarmee (niet letterlijk uiteraard) aan de oproep die ik twee jaar geleden plaatste in de publicatie van de Gouden Piramide 2024: ‘Open de ogen en oren naar de samenleving, ga in gesprek en bouw daarmee samen aan de wereld van morgen.’ Het interessante is daarbij tevens dat deze opdrachtgevers steeds meer de ontwerpers aan hun zijde wisten, maar dan in een andere rol en hoedanigheid. De ontwerpers kunnen daarmee zelf sturing en invulling geven aan de wereld van morgen. Bij het woongebouw SAWA heeft de architect de rol van ontwikkelaar op zich genomen (daarbij genoegen nemend met een laag rendement), bij de coöperatie in Amsterdam draaiden de architecten vanaf het begin voor eigen rekening en risico mee in de planontwikkeling, in Almere fungeren de stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten mede als het ‘geheugen’ van het plan door hun langjarige betrokkenheid. Zo worden kwaliteit en duurzaamheid geborgd: de opbrengsten van de projecten worden niet afgeroomd maar ge(her)ïnvesteerd – hetzij direct, hetzij later.

Het is een boodschap van hoop en kracht die ik onlangs mocht beluisteren in het eerste statement van mijn opvolger, Cécilia Gross. Ze zei: ‘De grote maatschappelijke en ruimtelijke opgaven, klimaatverandering, ecologische uitputting, woningnood en sociale ongelijkheid zijn vandaag de dag scherp geanalyseerd en breed erkend. Nu is het tijd om onze gedeelde ambities om te zetten in samenhangende en haalbare ruimtelijke keuzes, vanuit wat we al hebben en waar we sterk in zijn.’

Toewijding

Ik sluit me daar van harte bij aan, in de overtuiging dat het Nederland van de toekomst nog steeds gemaakt kan worden (ook al heeft het begrip ‘maakbaarheid’ bij velen inmiddels afgedaan). Dat kan juist gebeuren door opdrachtgevers met bezieling, vasthoudendheid en durf. Met daarbij ogen en oren geopend voor de samenleving en het zo belangrijke principe van ‘wederkerigheid’. Het is die toewijding die aan de basis ligt van de nieuwe systemen die hopelijk de komende jaren in Nederland gestalte krijgen en die naar mijn idee primair gevoed worden door initiatieven van onderop. En waar de Gouden Piramide met haar signaalfunctie van belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen op mag (of sterker nog: moet) blijven wijzen. Om daarmee nog veel meer opdrachtgevers te verleiden om radicaal anders te gaan handelen.

Francesco Veenstra bij zijn afscheid als Rijksbouwmeester in gesprek met BNR Podcasts.


Dit artikel is een ingekorte versie van het essay dat Francesco Veenstra schreef voor de publicatie van de Gouden Piramide, de Rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap. De publicatie is te bestellen via de website van de Gouden Piramide.


Cover: ‘Droge rivierbedding met skyline van Düsseldorf’ door Thomas Bethge (bron: Shutterstock)


Fransesco Veenstra door Fransesco Veenstra (bron: LinkedIn)

Door Francesco Veenstra

Architect, strategisch adviseur, toekomstdenker, Rijksbouwmeester 2021-2026


Meest recent

Droge rivierbedding met skyline van Düsseldorf door Thomas Bethge (bron: Shutterstock)

Tussen vrees en hoop, dit zijn de lessen van de Gouden Piramide 2026

Voor een leefbare wereld zijn fundamenteel andere werkwijzen noodzakelijk, vindt voormalig Rijksbouwmeester Francesco Veenstra. De genomineerden van de laatste editie van de rijksprijs Gouden Piramide bieden daar zicht op, zo betoogt hij.

Opinie

5 november 2026

Opening hoogspanningsstation van Tennet in Zevenhuizen om netcongestie te verminderen door Andre Muller (bron: Shutterstock)

Op goede gronden taxeren

Om het overvolle stroomnet te ontlasten, moeten netbeheerders hoog- en middenspanningsstations bouwen en daarvoor gronden verwerven. Door deze anders te taxeren, kan deze verwerving sneller gaan. Pilots moeten uitwijzen of dat werkt.

Analyse

4 november 2026

Co Verdaas door Phil Nijhuis (bron: Phil Nijhuis)

“Het klimaat laat ons geen keuze meer, we zullen wel moeten”

Mede dankzij de droge zomer kreeg de alarmerende boodschap van het Nationaal Deltaprogramma een begripvolle landing. Maar hoe krijgen we de ingrijpende maatregelen gedaan? Deltacommissaris Co Verdaas geeft zijn visie.

Uitgelicht
Persoonlijk

3 november 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op