Recensie Nu de gortdroge zomer zo’n beetje op z’n eind loopt, verschijnt er een boek over datgene wat we de afgelopen maanden node misten: water. De ‘Wateratlas van Noord-Holland’ is een kloek boek dat leert dat veel problemen waar we nu mee kampen eeuwenoud zijn. In tijden van waterschaarste of watervloed moesten er altijd al pijnlijke keuzes worden gemaakt – ten gunste van de een of de ander.
Vermoedelijk bestaat er naast Zeeland geen provincie die zo door het water is getekend als Noord-Holland. Hoe de moeizame relatie tussen water en mens er ooit is ontstaan en tot op de dag van vandaag onder druk staat, valt te lezen in de vorige week verschenen, werkelijk schitterend uitgegeven Wateratlas van Noord-Holland, met als subtitel De onbekende wegen van het water. Een dertigtal auteurs boog zich over het gedurende vele eeuwen geboetseerde provinciale watersysteem, de (niet altijd voorziene) ecologische gevolgen daarvan en de consequenties die nu opspelen vanwege het veranderende klimaat. Zo vloeien verleden, heden en toekomst in het boek soepel in elkaar over. Het “verborgen water” (grondwater, drinkwater en afvalwater) komt in separate artikelen aan bod. Na die algemene uiteenzettingen – zo overdadig geïllustreerd dat je oog bijna voortdurend een tijdje aan een afbeelding blijft haken – wordt ingezoomd op negen deelgebieden van de provincie. Elk hebben ze hun eigen watergeschiedenis en hun eigen wateropgave.
Riskante badkuip
Hoe haalde Noord-Holland zich ooit haar waterproblematiek op de hals? Tot ongeveer het jaar 1000 lag het overgrote deel van Noord-Holland nog veilig boven zeeniveau. Daarna begon de ontginning van het hoogveen en de daaropvolgende bemaling van de veen- en kleigebieden. Met als resultaat dat van het oppervlak van de huidige provincie inmiddels bijna 80 procent tot onder Nieuw Amsterdams Peil is weggezakt. Zo veranderde de betrekkelijk veilige plek boven zee die de provincie ooit was in een riskante badkuip. Want vanaf meerdere zijden worden de buitendijken van de provincie nu bedreigd: door het water van de Noordzee, de Waddenzee, het IJsselmeer en het Markermeer.
Wateratlas van Noord-Holland
Toelichting door de uitgever: “Noord-Holland is een waterrijke provincie. Een uitgebreid netwerk van waterwegen, variërend van meren, plassen en kanalen tot vaarten, tochten en sloten, verbindt én scheidt een veelheid aan polders en boezemwateren van verschillende omvang. Op het oog een wirwar van waterwegen die kennelijk zonder enig onderling verband kriskras door Noord-Holland lopen. Niets is echter minder waar. Deze waterwegen vormen een uitgekiend netwerk dienstbaar aan de leefbaarheid in de provincie.
Door grootschalige ingrepen vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw is dit watersysteem gaandeweg in de knel gekomen. Er is steeds meer water verdwenen uit Noord-Holland. Is het watersysteem misschien zo ingeperkt en complex geworden dat het zijn rol, onder een veranderend klimaat, niet meer kan vervullen? Hebben we nog wel voldoende oog voor onze onbekende waterwegen?
De Wateratlas Noord-Holland geeft antwoorden op deze vragen en beschrijft het moderne watersysteem zoals dit door de eeuwen heen ontstaan en gemaakt is. Aan de hand van gedetailleerde waterstaats-kaarten beschrijven deskundige auteurs het systeem dat de mens, economie, natuur, recreatie en landbouw dient. Verschillende maatschappelijke belangen strijden om voorrang bij het gebruik van het water. De problematiek is hardnekkig weerbarstig en de praktijk bij lange na niet eenvoudig, waarbij grenzen in zicht komen en soms worden overschreden. Daarom zou elke inwoner van Noord-Holland moeten kunnen beschikken over basiskennis van het watersysteem. De Wateratlas Noord-Holland bevat een schat aan onbekend kaartmateriaal en unieke foto’s. Kortom: laarzen aan en wordt waterwijzer!”

- Uitgever
- Uitgeverij Noord-Holland
- Redactie
- Michiel Schreijer, Jos Teeuwisse, Nico van der Wel en Noor Ney
- Jaar van uitgave
- 2026
- Aantal pagina’s
- 392
- Prijs
- 39,95
Aan de benodigde eensgezindheid om het water te overheersen bestond in de provincie geregeld gebrek, leert deze Wateratlas. Meteen al bij de oudste gedocumenteerde dijk van begin twaalfde eeuw, bedoeld om de abdij van Egmond beter tegen de zee te beschermen, gaat het mis. Boze boeren steken die dijk weer door, omdat die de afwatering van hun landerijen blokkeert, die daardoor blank komen te staan. Het wemelt in het historische deel van het boek van de onderlinge twisten, die geregeld met inzet van vuisten of geweren werden beslecht.
Maar de Edammers verzetten zich hardnekkig tegen het sluiten van ‘hun’ zeegat, omdat ze beducht zijn voor de neergang van de bloeiende scheepvaart en scheepsbouw
Zo beklagen veel West-Friezen zich midden zestiende eeuw over het zeewater dat bij vloed via het Purmermeer vrijwel zonder belemmering de provincie binnenstroomt. Keizer Karel V besluit daarom tot de aanleg van een zeesluis. “Met de bril van nu zou je onder de lokale bevolking toch enige opluchting verwachten,” schrijven Diederik Aten en Truus Zonneveld die het historische deel van het boek met verve op zich namen. “Maar de Edammers verzetten zich hardnekkig tegen het sluiten van ‘hun’ zeegat, omdat ze beducht zijn voor de neergang van de bloeiende scheepvaart en scheepsbouw. Zonder de schurende werking van eb en vloed, zo is de vrees, zal de haven dichtslibben. En dat zou de doodsteek toebrengen aan de stedelijke economie.” Uiteindelijk wordt er twintig jaar later een waterschap ingesteld dat de sluizen, rekening houdend met alle belangen, zal gaan beheren.
Grootse zaken
Natuurlijk werden er in Noord-Holland ondanks die oplopende meningsverschillen ook grootse zaken verricht. Een aantal keren komt in het boek de West-Friese Omringdijk ter sprake, waarvan de oorsprong teruggaat tot het jaar 1200. De nu 126 kilometer lange dijk bestaat uit een aaneenschakeling van kleinere dijkjes die het deel van Noord-Holland benoorden de lijn Alkmaar-Enkhuizen drooghoudt. Het provinciale monument dat de dijk inmiddels is, vormt vanwege zijn riante uitzichten over het polderland een populaire fietstocht. Maar de talloze bochten die de dijk maakt, verraden nog de voormalige strijd tegen de zee. Bij een doorbraak werd de dijk doorgaans namelijk hersteld met een lus om het ontstane gat. Pas bij de afronding van de Afsluitdijk in 1932 verdween de zeewerende functie van de Omringdijk.

Het voormalige hulpstoomgemaal van de Kaagpolder, met daarachter de Kaagmolen (tussen Opmeer en Obdam).
‘Wateratlas2’ (bron: Uitgeverij Noord-Holland)
En dan zijn er de droogmakerijen natuurlijk, waarmee de provincie vooruitliep op de rest van Nederland. De allereerste: de Achtermeer bij Alkmaar. Een “cleyn waterken” van 37 hectare dat vanaf 1532 in drie jaar tijd wordt drooggepompt. Zo volgen nog vijftien kleine meren rondom Alkmaar, zo klein dat telkens één enkele molen voor het droogpompen volstaat. Gevoed door dat succes durven de Noord-Hollanders steeds grotere meren aan. Zes molens zijn nodig om de 1.200 hectare van het Berger- en Egmondermeer tussen 1563 en 1665 leeg te maken. Later volgen de Schermer en de Beemster en tot slot midden negentiende eeuw de Haarlemmermeer, met de inzet van drie later iconisch geworden stoomgemalen: Leeghwater, Cruquius en Lynden.
Maar de vele droogmakerijen hebben een keerzijde: er is daarna veel minder boezemwater beschikbaar. De Schermerboezem noteerde voor de droogmakerijen een oppervlakte van 18.000 hectare water, waarvan na de inpoldering minder dan een tiende overbleef. Bij zware regenval leidt dat al spoedig na de eerste droogmakerijen tot problemen, omdat het overtollige water niet kan worden geloosd. Dijkdoorbraken worden in de loop van de achttiende eeuw mede daardoor steeds moeizamer afgewend. Niet langer vormt de zee het grootste probleem, maar het binnenwater. In 1795 wordt er daarom een peilbemaling afgesproken in het Hollands Noorderkwartier. Wanneer in de Schermerboezem het Amsterdams Peil is bereikt, moeten alle poldermolens stoppen met malen. Iedere polder dient een beetje water op te vangen om serieuze overstromingen in het gebied te voorkomen.
Bonte verzameling polders
Zo ontstaat er in de provincie – op de duinenrand en een klein stukje Gooi na eigenlijk “een bonte verzameling polders” – een kwetsbaar watersysteem, waarbij de watergangen vaak een stuk hoger liggen dan de grond waarop de Noord-Hollanders mogen wonen en werken. Een goede afstemming en handhaving van de waterpeilen is cruciaal in de elf boezemsystemen die de provincie kent. De grootschalige ruilverkavelingen in de twintigste eeuw zetten dat systeem extra op scherp, omdat er nog meer plekken voor waterberging door verloren gingen. Met maatwerk per gebied probeert de provincie het water onder controle te houden. “Het aantal peilvakken nam vooral na 1980 sterk toe. Nu kunnen zelfs de kleinste gebieden van minder dan één hectare het gewenste peil krijgen.”
De ruilverkavelingen en de ermee gepaard gaande intensivering van landbouw en veeteelt hadden ook een grote invloed op de waterkwaliteit en op het waterleven in Noord-Holland. “In bijna alle poldergebieden is het met het huidige landgebruik en de huidige waterhuishouding niet mogelijk om helderwaterdoelen te bereiken,” luidt de pijnlijke analyse in de Wateratlas. “Gegeven de uniforme inrichting en de onevenwichtige chemische waterkwaliteit – door het zoute verleden, de hoge uitspoeling van meststoffen en de afwijkende kwaliteit van het inlaatwater – behoort een stabiele ecologische ontwikkeling niet tot de mogelijkheden.”
Het kustdorp Egmond dat begin twaalfde eeuw met de oudste dijk tegen de zee moest worden beschermd, liep in de zomer van 2006 opnieuw onder
En dan zijn er natuurlijk de consequenties als gevolg van het veranderende klimaat. Het kustdorp Egmond dat begin twaalfde eeuw met de oudste dijk tegen de zee moest worden beschermd, liep in de zomer van 2006 opnieuw onder. Winkels kwamen vol water te staan. De kort erna aangebrachte waterberging bood slechts tijdelijk soelaas. De 120 millimeter water die in de zomer van 2021 in een paar uur uit de hemel viel, overspoelde het centrum van Egmond aan Zee opnieuw.
De zware regenval is “heel vervelend en soms rampzalig voor boeren,” zo concluderen de auteurs, “maar in de stad zijn de risico’s groter.” Want dezelfde bui die in 2021 Egmond trof, leidde er ook toe dat het ziekenhuis van Alkmaar moeilijk bereikbaar werd en hulpdiensten lang niet overal meer konden komen. “In het ziekenhuis zelf waren de leidingen gesprongen, er kwam rioolwater via de toiletten naar boven en operatieruimtes werden gesloten. Kortom in de stedelijke omgeving leidt wateroverlast tot ontwrichting.”
Kostbare opgave
Het watersysteem van Noord-Holland moet op dergelijke clusterbuien zijn berekend. Daarom dient het te worden opgewaardeerd naar een afvoer van 30 millimeter per dag. Dat vraagt niet alleen om grotere gemaalcapaciteit, maar ook om grotere doorvoermogelijkheden van het water via kanalen en vaarten. “Het vereist versterking van kades en dijken en dat is vooral in de stedelijke omgeving een zeer kostbare opgave, als die al niet onmogelijk is. Het water tijdelijk bergen in een polder of waterberging, liefst op de diepste plek vlak bij een gemaal, is dan meestal een betere (en minder kostbare) strategie.”

Het vermoedelijke inlaatpunt van duinwater bij gemaal Oranjekom, vanwaar het naar pompstation Leiduin aan de Leidsevaart in Heemstede werd gevoerd rond 1900.
‘Wateratlas 3’ (bron: Uitgeverij Noord-Holland)
Daarnaast wordt droogte een steeds bedreigender vijand, we hebben het deze zomer mogen ervaren. De makkelijkste oplossing is het water in het IJsselmeer en het Markermeer met 10 centimeter te laten stijgen (waarmee Noord-Nederland twee à drie droge weken overleven kan). Maar zo’n verhoging veroorzaakt in Noord-Holland problemen in de buitendijkse gebieden en in de havens aan het IJssel- en Markermeer. Bovendien is er dan ook meer dijkonderhoud nodig.
Splijtende werking
Vaak wordt gesteld dat de dreiging van het water in vroeger eeuwen ons overlegmodel, onze neiging tot “polderen” heeft gevormd. In je eentje had je tegen het wassende water immers geen schijn van kans. Maar deze Wateratlas van Noord-Holland maakt duidelijk hoe de verdeling van water de bevolking door de eeuwen heen wist te splijten. Een gegeven dat, nu de beschikbaarheid van water steeds minder vanzelfsprekend wordt, alleen maar aan actualiteit wint. Een leerzaam lees- en kijkboek, ook voor niet-Noord-Hollanders.
Cover: ‘Wateratlas 1’ (bron: Uitgeverij Noord-Holland)







