Greenwich, London door Jun Huang (bron: Shutterstock)

Hoe natuurlijke oplossingen ruimtelijke opgaven kunnen verbinden

7 oktober 2026

6 minuten

Opinie Woningbouw, energie, landbouw, natuurherstel en klimaatadaptatie leggen beslag op dezelfde schaarse ruimte. Als elke opgave afzonderlijk wordt opgelost, zit de ene oplossing de andere al snel in de weg en is niet elk doel te halen – zo betogen Bregje van Wesenbeeck, Alex Hekman en Tim van Hattum. Het kennis- en innovatieprogramma NL2120 laat met nieuwe toekomstbeelden zien wat natuurlijke oplossingen daarbij kunnen betekenen en wat daarvoor nodig is in beleid en uitvoering.

In een woonwijk kunnen wadi's en bomenlanen regenwater opvangen en hitte temperen. Een dijkversterking kan tegelijk ruimte maken voor natuur en recreatie langs het water en een verouderd bedrijventerrein kan bij herstructurering een groen-blauwe dooradering krijgen. In een beekdal kan water langer worden vastgehouden, zodat boeren en natuur droge zomers beter doorstaan. Dit zijn voorbeelden van natuurlijke oplossingen, ook wel Nature-based Solutions genoemd. Ze maken gebruik van de werking van water, bodem en ecosystemen en dienen vaak meerdere doelen tegelijk.

Nederland staat voor de grootste verbouwing sinds de Tweede Wereldoorlog. De komende jaren gaan miljarden euro’s naar woningbouw, de energietransitie, de landbouwtransitie en natuurherstel. Al die opgaven komen samen in dezelfde gebieden. Daarbij moet rekening worden gehouden met toenemende weersextremen, bodemdaling en zeespiegelstijging. De Tweede Herijking van het Deltaprogramma (2026) concludeert dat Nederland niet langer kan vertrouwen op louter de technische optimalisatie van het watersysteem. Wezenlijke veranderingen in ruimtelijke inrichting en landgebruik zijn onvermijdelijk, met een gezond water- en bodemsysteem als uitgangspunt. Dat vraagt om aanpassingen van iedereen en om lastige besluiten. Op dezelfde voet doorgaan is echter geen optie, want een klimaatbestendige inrichting is een randvoorwaarde voor toekomstig verdienvermogen en welzijn.

Meer opgaven op dezelfde plek

In het NL2120-rapport Natuurlijk kan het slimmer werkten tientallen experts uit de wetenschap, het bedrijfsleven en de natuurbescherming een toekomstbeeld voor 2120 uit voor vijf landschappen: kust, rivieren, veen, zandgronden en stad. De toekomstbeelden zijn nadrukkelijk geen blauwdruk. Ze laten zien wat mogelijk is en vormen een startpunt voor gesprekken met de regio's. Per landschap is een aanpak met natuurlijke oplossingen vergeleken met voortzetting van het huidige beleid. Sectorale maatregelen zijn soms op korte termijn goedkoper, maar dienen meestal één doel. Natuurlijke oplossingen pakken meerdere opgaven tegelijk aan en zijn daardoor op de lange termijn vaak doelmatiger, ook in het gebruik van de schaarse ruimte.

Groen, blauw en ruimte voor wonen en werken zijn slim te combineren.

Langs de kust kan een brede overgangszone van duinen, kwelders, schorren en ondiepe wateren ontstaan, die als een natuurlijk stootkussen de golven afremt en daarmee de kust beschermt. Als waterveiligheid en natuur gecombineerd worden aangepakt, kan de kuststrook letterlijk meegroeien met de zeespiegel. Volgens de berekeningen is dat bovendien 30 miljard euro goedkoper dan een afzonderlijke aanpak. Meer ruimte voor de rivier kan de waterveiligheid voor vele Nederlanders borgen én ruimte scheppen voor natuur en recreatie, al heeft het ook gevolgen voor de landbouw. Het combineren van de natuuropgave met ruimte voor de rivier levert volgens het rapport over de komende honderd jaar circa 13 miljard euro aan maatschappelijke baten op.

Baten beter benutten

In de stad zijn de baten van grootschalige vergroening volgens de berekeningen drie tot zes keer zo hoog als de kosten, vooral door gezondheidswinst. De hittestress kan met bijna 20 procent afnemen. Die baten komen terecht bij bewoners, gemeenten, woningcorporaties, waterschappen, waterbedrijven, zorginstellingen en zorgverzekeraars. Door samen met hen aan een groene stad te werken, kunnen de baten worden benut om de inrichting te bekostigen. Groen, blauw en ruimte voor wonen en werken zijn slim te combineren, van groene daken en geveltuinen tot wadi’s in de buurt en groen-blauwe dooradering op de schaal van de gemeente. Dat schept innovatiekansen voor de bouw.

Spelen in de wadi in Bijsteren, Putten door Nanda Sluijsmans (bron: Wikimedia Commons)

‘Spelen in de wadi in Bijsteren, Putten’ door Nanda Sluijsmans (bron: Wikimedia Commons)


In veengebieden kunnen bij vernatting kansen ontstaan voor nieuwe vormen van landbouw, van natte teelten tot melkveehouderij die past bij een natter landschap. In de zandgebieden kan herstel van de sponswerking van beekdalen het water langer vasthouden. Zo ontstaat meer balans tussen het natuurlijke watersysteem en de ruimte voor wonen, recreatie, drinkwater en voedselproductie, en blijven die functies ook op de lange termijn mogelijk. Dat vraagt om een aanpassing van inrichting en landgebruik, en om verdienmodellen waarin voedselproductie samengaat met het beheer van een natuurinclusief landschap. Ondernemerschap en samenwerking zijn daarbij essentieel, net als een zorgvuldige afweging van belangen. Gebiedsprocessen kunnen helpen om draagvlak te creëren voor die koerswijzigingen.

Vijf aanbevelingen voor beleid en uitvoering

Een natuurlijke aanpak vraagt in eerste instantie een grotere investering dan doorgaan op de huidige koers. Echter, de maatschappelijke baten volgen vrij snel, zoals gezondheidswinst, minder uitstoot van broeikasgassen, minder concurrentie om ruimte en minder schade door piekbuien en droogte. Daarvoor is wel een andere manier van kijken en besluiten nodig. Het rapport sluit af met vijf aanbevelingen voor beleid en uitvoering:

1 Standaard een natuurlijk alternatief
Maak natuurlijke oplossingen een volwaardig onderdeel van bestaande beleids- en uitvoeringsprogramma’s. Alle overheden zouden in programma's, projecten en aanbestedingen standaard ten minste één alternatief moeten opnemen dat uitgaat van een natuurlijke systeemaanpak. Daarnaast dient vergelijking van alternatieven te gebeuren met een zorgvuldige kosten-batenanalyse die naar de lange termijn kijkt. Gemeenten kunnen ambities voor vergroening en klimaatbestendigheid verankeren in renovatie-, vervangings- en woningbouwprojecten, bijvoorbeeld met eisen aan het percentage onverharde ruimte en regenwateropvang.

2 Investeringen in waterbeheer en klimaatadaptatie benutten
Nederland investeert jaarlijks zo’n 10 miljard euro in waterbeheer en klimaatadaptatie. De Deltacommissaris riep onlangs op dit bedrag de komende jaren te verdubbelen. Dat is een unieke kans om klimaatbestendigheid en natuurherstel te combineren. Zorg dat elke investering ook bijdraagt aan biodiversiteit. Voor gemeenten betekent dat het vastleggen van samenhangende groen-blauwe infrastructuur in omgevingsvisies, omgevingsplannen en gebiedsontwikkelingen. Daarnaast kan nieuwbouw, herstructurering en renovatie worden benut om natuurlijke oplossingen toe te passen.

Klimaatbestendig inrichten vraagt om een aanpak voor de lange termijn, terwijl veel gebiedsopgaven op korte termijn om keuzes vragen

3 Budgetten bundelen
Gebiedsontwikkelingen die meerdere opgaven willen combineren, lopen in de praktijk vaak aan tegen gescheiden geldstromen en sectorale programma’s. Rijk en regionale overheden zouden in hun programma’s moeten sturen op het combineren van doelen en het eenvoudiger moeten maken om budgetten te bundelen en meervoudig in te zetten. Het rivierengebied laat zien hoe dat kan werken. Middelen uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma en Ruimte voor de Rivier 2.0 kunnen daar worden ingezet voor waterveiligheid en een stabiele rivierbodem, terwijl middelen voor de Kaderrichtlijn Water, de Programmatische Aanpak Grote Wateren en natuurherstel bijdragen aan waterkwaliteit en natuur. Gecombineerd kan één maatregel zo bijdragen aan meerdere doelen.

4 Aansprekende voorbeeldprojecten
Om zichtbaar te maken wat natuurlijke oplossingen in de praktijk opleveren, beveelt het rapport het Rijk en regionale overheden aan vijf tot tien grootschalige projecten te selecteren waarin een natuurlijke systeemaanpak wordt uitgewerkt en afgewogen. NL2120 draagt daar zelf aan bij. Samen met het Rijk, waterschappen, provincies en gemeenten selecteert het programma flagship-projecten. Vanaf december opent een tijdelijke subsidieregeling voor vijf tot tien Living Labs, die dergelijke inspirerende voorbeelden kunnen gaan realiseren. Daarnaast werkt NL2120 de toekomstbeelden verder uit samen met de regio’s en ontwikkelt het transitiepaden die de lange termijn verbinden met concrete stappen op korte termijn.

Een eigentijds kantoorgebouw in Amsterdam door Shira Goraly Hochberg (bron: Shutterstock)

‘Een eigentijds kantoorgebouw in Amsterdam’ door Shira Goraly Hochberg (bron: Shutterstock)


5 Een langetermijnperspectief
Klimaatbestendig inrichten vraagt om een aanpak voor de lange termijn, terwijl veel gebiedsopgaven op korte termijn om keuzes vragen. Wat nu wordt ingericht, bepaalt mede hoe Nederland er over honderd jaar uitziet. Adviesraden als de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur, de Wetenschappelijke Klimaatraad en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid benadrukken het belang van een richtinggevend langetermijnperspectief. De visie van NL2120 heeft veel mensen geïnspireerd, maar is volgens het rapport nog te vrijblijvend om concrete keuzes te sturen. Het rapport beveelt daarom aan dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de regie neemt over een dergelijk perspectief, samen met andere departementen, regio's en experts. Het zou sturend moeten zijn voor de ruimtelijke ordening en de besluitvorming van nu terwijl het rekening houdt met de uitdagingen van morgen, en moeten doorwerken in regionale gebiedsperspectieven. Nu de gevolgen van klimaatverandering steeds zichtbaarder worden en de politieke aandacht sterk wisselt, kan een lange termijnperspectief houvast bieden. Het laat zien hoe Nederland zich voorbereidt op de toekomst en verantwoordelijkheid neemt voor volgende generaties.

De principes van ‘Natuurlijk kan het slimmer’ verduidelijkt in een korte video.


Over de auteurs

Alex Hekman is directeur van NL2120 en business director water bij Sweco. Bregje van Wesenbeeck is hoogleraar Natuurlijke oplossingen voor waterveiligheid en klimaatadaptatie aan de TU Delft, wetenschappelijk directeur bij Deltares en één van de initiatiefnemers van NL2120. Tim van Hattum is klimaatwetenschapper bij Wageningen University & Research en grondlegger van NL2120.


Cover: ‘Greenwich, London’ door Jun Huang (bron: Shutterstock)


Alex Hekman

Door Alex Hekman

Business director Water bij Sweco

Bregje van Wesenbeeck portret door Bregje van Wesenbeeck (bron: LinkedIn)

Door Bregje van Wesenbeeck

Hoogleraar Natuurlijke oplossingen voor waterveiligheid en klimaatadaptatie aan de TU Delft, wetenschappelijk directeur bij Deltares en één van de initiatiefnemers van NL2120.

tim van hattum

Door Tim van Hattum

Program Leader Green Climate Solutions bij Wageningen Environmental Research


Meest recent

Greenwich, London door Jun Huang (bron: Shutterstock)

Hoe natuurlijke oplossingen ruimtelijke opgaven kunnen verbinden

Het kennis- en innovatieprogramma NL2120 laat met nieuwe toekomstbeelden zien wat natuurlijke oplossingen betekenen voor ruimtelijke vraagstukken en wat daarvoor nodig is in beleid en uitvoering.

Opinie

7 oktober 2026

Delft, Spoorzone, Station, Prinsenhof, HDR door Nik Morris (bron: Flickr)

Infrastructuur integraal ontwerpen: goed voor de grote woningbouwlocaties én de instandhouding van de hoofdnetwerken

De nieuwe publicatie ‘Integrated Infrastructure Design Guide’ wil een brug slaan tussen uiteenlopende disciplines. Redacteur Hans de Boer belicht de betekenis voor de gebiedsontwikkeling.

Onderzoek

6 oktober 2026

Joop den Uyl door Rob Croes (bron: Wikimedia Commons)

Juichen over de residuele grondwaarde, doe het wel gepast

Vorige week nam de Tweede Kamer de motie Grinwis aan, waarmee de Residuele Grondwaarde de basis moet worden voor de inbrengwaarde van grond bij bouwprojecten. Jan Winsemius denkt er het zijne van.

Opinie

6 oktober 2026

Uw gastbijdrage op GO.nu: Over gastbijdragen

Uw gastbijdrage op GO.nu

Wij staan open voor bijdragen uit wetenschap en praktijk. Wij moedigen auteurs aan hun kennis en ervaring te delen.

Over gastbijdragen
Uw project toevoegen: Ga naar de GO-Projectenkaart

Uw project toevoegen

Wilt u graag een gebiedsontwikkeling toevoegen aan de GO-projectenkaart? Vul dan via onderstaande link het formulier in.

Ga naar de GO-Projectenkaart
Uw organisatie bij de SKG: Ga naar de SKG-website

Uw organisatie bij de SKG

Uw organisatie aansluiten op het netwerk van de Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling? Neem dan contact op.

Ga naar de SKG-website
Uw bijeenkomst in de agenda: Neem contact op

Uw bijeenkomst in de agenda

U kunt uw gebiedsontwikkeling-gerelateerde evenement aankondigen via onze agenda door contact op te nemen met de redactie.

Neem contact op