Verslag
app working places

Transities in de stad: waar staan we eigenlijk?

Werkconferentie Watertorenberaad 2017: Doorpakken in de stad

Door Céline Janssen

20 apr 2017 - Het Watertorenberaad wil doorpakken op de gebieden energietransitie, klimaatadaptatie en nieuwe mobiliteitsconcepten, en wil de verbeteringen van wijken en transformaties van binnenstedelijke gebieden efficiënter maken. De leden stelden hiervoor de Krachtsprong op, en organiseerden op 5 april 2017 een werkconferentie met het thema ‘Doorpakken in de stad’. Belangrijkste doel: met elkaar bespreken waar we staan en wat de opgaven voor stedelijke ontwikkeling zijn.

conferentie Watertorenberaad

Op twaalf hoog in de Rotterdam Science Tower heet Antoinette van Heijningen, eigenaar van Urbancore en medeoprichter van het Watertorenberaad, een bomvolle zaal welkom en ze belooft het publiek een inspirerende middag, waarin de huidige opgaven voor stedelijke ontwikkeling besproken zullen worden, zowel door middel van theorie als praktijkvoorbeelden.

Belangrijkste lessen

  • Veel opgaven zijn integraal en hebben een fysiek, economisch en sociaal component.
  • Transities zijn gaande; het is niet zozeer de vraag of ze nodig zijn, maar hoe we ermee omgaan. 
  • Transities beginnen met experimenten en korte-termijn-oplossingen, maar brengen structurele veranderingen teweeg op de lange termijn.
  • De opgave voor slimme steden ligt bij de menselijke component; hoe interpreteren we data en wat doen we er vervolgens mee?
  • Energietransitie vraagt om meer flexibiliteit bij zowel de producent en de consument. Een aggregator kan op zoek gaan naar flexibiliteit op lokaal niveau. 
  •  Zowel voor wonen als voor werken zijn er veel innovatieve ideeën. Het is vervolgens de vraag hoe deze ideeën bij kunnen dragen aan de ontwikkeling van een wijk of en gebied. 

De renaissance van Rotterdam

“Het gaat goed met Rotterdam”, vindt Ronald Prins, directeur Ruimtelijke en Economische ontwikkeling Gemeente Rotterdam. Hij somt de cijfers op: er zijn meer vacatures, hoger opgeleiden blijven langer plakken en het aantal hotelbezoekers stijgt flink. Als vertegenwoordiger voor de gaststad van de conferentie laat Ronald Prins het publiek zien dat er hard gewerkt wordt in Rotterdam; plannen voor het Central District, de binnenstad als City Lounge, het Nationaal Programma Zuid, de MerweVierHaven en een Floating farm komen aan ons voorbij. Floating farm

“Kan Rotterdam het wel aan om zo ‘booming te zijn?” is de terechte vraag van Antoinette van Heijningen.  Ronald Prins wijst op de faciliterende rol van de overheid. De ontwikkelingen zijn niet het product van de gemeente alleen, maar van heel veel verschillende partijen.

Peter Ruigrok, voorzitter van het Watertorenberaad, benadrukt dat we veel opgaven integraal aan moeten pakken. Energietransitie is bijvoorbeeld niet alleen een fysiek probleem, maar heeft ook een sociale en economische component.  Deze uitspraak is een mooie inleiding op het mini-college ‘transitiedynamiek’, door Derk Loorbach, professor Socio-economic Transitions aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en directeur bij DRIFT.

Dynamiek van transities

Waar de mens in normale conditie gewend is het bestaande aan te passen en te verbeteren, draait het bij transities om een totaal andere manier van doen en denken. “Transities zijn langdurige processen”, vertelt Derk Loorbach, “waarbij het niet per se de vraag is of ze nodig zijn, maar juist hoe we ermee omgaan”. Als voorbeeld geeft hij duurzame mobiliteit. Op de korte termijn zien we dat er geëxperimenteerd wordt met fietsvriendelijke gebieden, waarbij dan vaak erg praktisch wordt gedacht. Er worden manieren verzonnen om expres fietsfiles te veroorzaken, om zo een legitieme reden te hebben voor het verbreden van fietspaden. Het is dan tijd om ons af te vragen wat we aan het doen zijn, en wat feitelijk het probleem is. Het probleem bij de transitie naar duurzame mobiliteit heeft bijvoorbeeld ook een sociale component: kan iedereen wel fietsen? Door dit stapje terug te nemen, zijn in Rotterdam programma’s opgezet zoals Fietsen op Zuid. Op die manier wordt vervolgens meer naar een oplossing voor de lange termijn toegewerkt. 

Kortom, transities zijn herkenbaar wanneer al het geëxperimenteerde massa begint te krijgen, wanneer steeds meer mensen aanschuiven bij de vooroplopers, wanneer de kosten omlaag gaan en wanneer er nieuwe sectoren ontstaan. Aan de andere kant kunnen we signaleren dat de oude werkwijze vastloopt. Door toenemende concurrentie, destabilisatie, twijfels aan de volhoudbaarheid en politiek ingrijpen, kunnen we zien dat er structurele transitie aan de gang is.

Na deze uitleg volgen er presentaties van Guus Balkema, oprichter 010 works, Rienk Postuma, projectmanager woningstichting De Key, Bob Jansen, partner Ligottto en Duzan Doepel, architect/oprichter DoepelStrijkers, die inspirerende praktijkvoorbeelden geven van innovatieve projecten op het gebied van wonen en werken.

Praktijkvoorbeeld: Innovatief ecosysteem 010works

De Rotterdam Science Tower bevindt zich midden in een bruisende maakindustrie, waar de uitdaging is om sociale, lokale bedrijfjes met de wereldtopbedrijven te verbinden. Voor het ontwerpen van clusters wordt weleens de 30-meter regel gebruikt, omdat 30 meter de afstand zou zijn waarbinnen mensen elkaar tegenkomen en zo dus innovatie zou kunnen ontstaan. Guus Balkema, directeur 010works, houdt zich bezig met de vraag hoe een innovatief idee opgeschaald kan worden naar een gebied, en hoe innovatie ook iets kan betekenen voor een wijk. Dutch makers valley

Praktijkvoorbeeld: Startblok Riekershaven, De Key

Om aan de plotselinge vraag van 560 statushouders in Amsterdam te voldoen, kwam woningstichting De Key met Rienk Postuma, projectmanager, op het idee om de toevallig vrijgekomen containerwoningen uit de Houthavens te gebruiken. De keuze om statushouders en studenten gemixt te huisvesten is nadrukkelijk genomen om integratie te bevorderen. Het opdelen van woonunits naar een kleine schaal, een werving via Facebook, een uitgebreid introductieprogramma, een duidelijk manifest en de keuze voor zelfbeheer zijn ingrediënten die volgens Rienk Postuma bij hebben gedragen aan een succesvol project. 

Praktijkvoorbeeld: HAUT

Niet alleen de C02-uitstoot verminderen, maar juist C02 opnemen. Dat is het idee achter HAUT, de hoogste houten woontoren in Nederland dat Bob Jansen, partner Lingotto, presenteert. Naar voorbeelden uit Melbourne, Londen, Vancouver en Wenen ontstond het idee om ook in Amsterdam hoogbouw in hout uit te voeren. Grote uitdagingen op het gebied van details, brandveiligheid en akoestiek zijn overwonnen en HAUT belooft een ‘landmark van duurzaamheid’ in het Amstelkwartier te worden. 

Praktijkvoorbeeld: Dutch Wind Wheel

‘De beste ideeën ontstaan in de kroeg’, volgens Duzan Doepel, architect / oprichter DoepelStrijkers. Zo ook het idee voor de Dutch Wind Wheel. Het ontwerpbureau vindt de rol van klimaat in ontwerp niet meer dan logisch en beargumenteert dit met het feit dat de oudste voorbeelden van steden zich aanpasten aan het klimaat. De Dutch Wind Wheel is een plan dat een stap verder gaat; het moet een gebouw worden dat meer produceert dan consumeert, én een icoon voor de stad Rotterdam. 

dutch wind wheel

Duurzame stedelijke ontwikkeling

Het tweede deel van de middag is gewijd aan het thema ‘duurzame aanpak’ en wordt afgetrapt door Arjan van Timmeren, professor Environmental Technology & Design aan de Technische Universiteit Delft. Met een indrukwekkende hoeveelheid kennis laat hij zien hoe het gebruik van big data kan leiden tot duurzamere steden. Door steden te zien als metabolismen in plaats van als façades, kan er op vele slimme manieren gewerkt worden aan criminaliteit, hittestress of mobiliteit.

Een grote opgave voor slimme steden verwacht Arjan van Timmeren in het betrekken van de mens. De waarde van big data zit hem namelijk niet in de data zelf, maar in wat men ermee doet. Een voorbeeld: tijdens een evenement in de stad wordt op bepaalde plekken in de stad de plaatselijke drukte gemeten en doorgegeven aan de organisatie. Die kan hierop reageren en kan besluiten routes af te zetten of om te leggen. Een slimme oplossing om de veiligheid te handhaven, lijkt het. Het is echter de vraag hoe de drukte door de bezoekers ervaren wordt. Gaat het om “goh, wat is het gezellig druk”, of  om “jeetje, wat is het druk zeg”?

Over energietransitie

Wiert Jan de Raaf, Manager Metropoolregio Rotterdam en Den Haag van Eneco gaat dieper in op de opgaven rondom energietransitie. Hij ziet de energievoorziening in Nederland veranderen van een centraal naar een decentraal systeem, meer duurzame bronnen komen in de plaats  van fossiele brandstoffen en meer participatie van burgers bij het opwekken van energie. Het gebruik van duurzame energiebronnen vraagt, vanwege de afhankelijkheid van wind en zon, oplossingen om elektriciteit op te slaan; iets wat tot nu toe nauwelijks gedaan is.

Praktijkvoorbeeld: Smart grids in MerweVierHaven

De overgang van een centraal naar een decentraal energiesysteem leidt tot uitdagingen op lokaal niveau, vertelt Leo Freriks, Government Affairs Manager van Siemens. Wanneer elektriciteit lokaal wordt opgewekt, moet het ook vlug gebruikt worden; vraag en aanbod moeten naar elkaar toewerken. Zowel bij de producent als de consument zal flexibiliteit moeten ontstaan. De zoektocht naar deze flexibiliteit binnen elektriciteitsvoorziening is toegeschreven aan een nieuwe rol binnen het actorenplaatje; de aggregator. In M4H is een samenwerking opgezet tussen Stedion, Siemens, LYV en de Gemeente Rotterdam om via smart grids lokale elektriciteitsopwekking te verwezenlijken. 

Innovatie ligt (onder andere) bij startups

Aan het einde van de middag wordt het tempo nog eens opgevoerd wanneer Philip Smits, directeur van Blauwhoed, zijn 10 minuten spreektijd deelt met de twee startups. Blauwhoed is met verschillende startups een samenwerking aangegaan. Dirk Huibers, medeoprichter van Octo, geeft een pitch over een app die  de beschikbaarheid van flexplekken in een kantoorgebouw slim coördineert. Een algoritme zoekt de balans tussen de wensen van de werknemer die op zoek is naar een werkplek (‘zoek ik vandaag een stille of juist een gezellige plek?’), en tussen de beschikbare werkplekken van dat moment. Wim Hogenhout, oprichter van Chess Wise, pitcht zijn ontwerp voor draadloze lichttechnologie, specifiek toegepast in slimme straatverlichting in Nederland.

Een lopend bedrijf als Blauwhoed biedt deze startups een netwerk en financiële steun en krijgt er verfrissende ideeën van jong bloed voor terug. Als we even terugdenken aan de theorie van Derk Loorbach, kunnen we de startups zien als de vooroplopers met experimentele oplossingen, en een dergelijke samenwerking met Blauwhoed als een mooie opstap richting langetermijntransitie.

Veranderingen zijn gaande op de gebieden van energie, duurzaamheid, mobiliteit en technologie en het is daarom goed om zo nu en dan stil te staan bij wat nu eigenlijk het probleem is. Door de vele praktijkvoorbeelden en door de verhelderende theorie over transitiedynamiek heeft de conferentie inderdaad een beeld geschetst waar we nu staan op het gebied van innovaties en transities in steden. De opgaven zijn gesteld, doorpakken nu maar!


Auteur:

Celine Janssen
Céline Janssen

MSc student Urbanism TU Delft | Redactie Praktijkleerstoel Gebiedsontwikkeling

Recente artikelen