platform voor kennis, nieuws en debat
platform voor kennis, nieuws en debat
Artikel

Niet iedereen wil in de grote stad wonen

Niet iedereen wil in de grote stad wonen

cabin snow

Stadspredikers kijken met dedain naar gelukkige Vinexbewoners

14 jun 2017 - Veel stadsaanbidders lijken zo in verheerlijking op te gaan dat er geen oog meer is voor nuances en zelfs negatieve aspecten van de grote stad. In de ogen van Zef Hemel, Jos Gadet en Bart Vink is de “trek naar de stad” een bewijs dat iedereen daar wil wonen. Daarom kan het volgens deze predikers niet gek genoeg: (veel) meer inwoners is goed; hogere dichtheden is goed en we moeten ook alsmaar meer de hoogte in. Vooral in het debat onder planologen komen deze zaken naar voren. Hierbij verliezen ze diverse zaken uit het oog. En ook diverse onderzoeken onder Vinex-bewoners laten zien dat zij overwegend gelukkig zijn met hun woning en woonomgeving.

Kanttekeningen bij de boodschap van de predikers

In deze bijdrage een poging om 8 nuanceringen en kanttekeningen te zetten bij de boodschap van de predikers, mede naar aanleiding van recente publicaties. Daarbij wordt ingezoomd op Amsterdam omdat met name over deze stad de laatste weken interessante publicaties verschenen.

  1. Meer gezinnen met kinderen verlaten de stad dan dat er inkomen. De cijfers over de bevolkingsontwikkeling van Amsterdam over 2012 tot 2016 laten zien dat van de mensen die de stad verlaten ca. 50 a 60% bestaat uit gezinnen met kinderen. Van de mensen die naar de stad verhuizen bestaat 35 a 40% uit gezinnen met kinderen. Op den duur levert dat een stad op met relatief weinig kinderen. Een verarming.

  2. Van de mensen die zich in Amsterdam vestigen komt 12 tot 15% in een grondgebonden woning terecht. Van de mensen die vertrekken uit Amsterdam komt ca. 40% in een grondgebonden woning in een andere gemeente. (Zie hiervoor en voor de onder 1 genoemde cijfers: Verhuisdata EDM, bewerking SpringCo). Huishoudens die een grondgebonden woning zoeken, vertrekken steeds vaker uit de stad. Een verarming.

  3. Door het relatief hoge percentage huurwoningen in Amsterdam, is er nog steeds relatief veel woonruimte voor huishoudens met een laag inkomen. De prijsontwikkeling van de koopwoningen maakt dat deze onbereikbaar worden voor lagere-inkomensgroepen maar ook voor huishoudens met een middeninkomen. De nieuwe middel dure huur blijft uit of ten minste ver achter zodat Amsterdam steeds meer een stad wordt van extremen: je bent of arm of steenrijk anders kom je Amsterdam niet in. (Zie DNB “Grote stad wordt domein van de rijken” d.d. 8 mei 2017). Een tweedeling die de stad verarmt.

  4. Zonder migranten zou Amsterdam in inwonertal dalen. Al vele jaren is de instroom van migrantenhuishoudens naar Amsterdam de belangrijkste oorzaak van het groeiend aantal inwoners. Zonder instroom van migranten zou er sprake zijn geweest van een spectaculaire daling van het aantal inwoners. De zoveel geroemde magneetwerking is blijkbaar sterker voor migranten dan voor Nederlanders. In combinatie met het gegeven dat een aanzienlijk deel van de migranten (de expats) hier alleen komt, is dit een bijdrage aan de “kinderloze” stad. Het saldo van binnenlandse verhuizingen naar en uit Amsterdam is sinds 2014 negatief: er vertrekken meer inwoners dan er inkomen. Het buitenlandse migratiesaldo was in 2015 positief: er kwamen 8000 meer migranten binnen dan eruit gingen. Zonder deze instroom was het inwonertal van Amsterdam gedaald (Zie CBS: 22.2.16: ‘Meer mensen vertrekken uit de stad”).

  5. “80.000” Amsterdammers ernstig eenzaam”. In een persbericht van 19 mei jl. liet het gemeentebestuur van Amsterdam weten dat eenzaamheid in de stad een groeiend probleem is. “In 2008 voelden 9% van de volwassenen zich ernstig eenzaam, nu is dat 13%”. Het landelijk gemiddelde ligt op ca. 10%. B&W: “Eenzaamheid zorgt voor een lagere kwaliteit van leven en vergroot het risico op gezondheidsproblemen”. Een behoorlijk punt van aandacht, dus.

  6. “De gelukkigste mensen wonen in kleinere steden” ((NRC 17 mei 2017). De onderzoekers van de Atlas voor Gemeenten constateren dat “stedelingen gemiddeld een stuk minder gelukkig zijn dan plattelanders”. Steden bieden werk en veel voorzieningen, maar hun inwoners leven ook met misdaad, vervuiling en eenzaamheid, als dus de onderzoekers.

  7. “De Misdaadmeter wijst Amsterdam opnieuw aan als onveiligste stad” (AD 18 mei 2017). Weliswaar was er ten opzichte van het jaar ervoor sprake van een daling van 8% op het onderdeel veel voorkomende criminaliteit maar die afname was onvoldoende om de koppositie over te doen aan een andere gemeente. Extra zorgelijk is dat de geweldsmisdrijven hardnekkig blijken en dat er veel sprake is van toename van mishandelingen.

  8. “Hoe groter de stad waar je woont, des te slechter voor je gezondheid” (University of Lancaster, mei 2017). Onderzoek heeft uitgewezen dat de Nanodeeltjes ijzer in onze hersenen voor een groot deel ons lichaam binnenkomen via de lucht die we inademen. Ze veroorzaken in de hersenen forse problemen voor het centraal zenuwstel. Hoogleraar Barbara Mahler: “dit is het overtuigend bewijs dat het afkomstig is van luchtvervuiling.” De straten in onze grote steden zijn besmet. Ziektes als astma, bronchitis, emfyseem, longkanker, Alzheimer en Parkinsons worden hiermee geassocieerd.

Blijkbaar is de teleurstelling nog steeds niet verwerkt

Tot slot. In de Volkskrant van 19 mei jl. wordt verslag gedaan van het onderzoek van JaapJan Berg naar vooroordelen en misverstanden over de Vinex wijken. Vrijwel alle gebruikelijke vooroordelen over deze wijken (meer scheidingen, meer witte mensen, veel werklozen, gettovorming, alle wijken lijken op elkaar) blijken onjuist. Alleen het terras op elke hoek van de straat ontbreekt inderdaad, daarin heeft de elite van stadsophemelaars gelijk. Zie overigens ook het artikel in de NRC van 9 juni jl. Het zou goed zijn als mensen zelf konden kiezen in welke omgeving ze willen wonen. En als die keuze dan een Vinex wijk is, is er geen enkele aanleiding om daar met dedain op neer te kijken. En een beetje relativering van de objectieve kwaliteiten van de grote stad kan ook geen kwaad. Al in 2009 maakte Jeroen Mensink korte metten - in zijn Vinex Atlas (Boeken, 09-01-2009) - met alle opvattingen over het saaie imago van Vinexwijken. Hij vroeg zich af waarom de slechte reputatie maar blijft doorwerken. Misschien, zo is zijn begin van een antwoord, omdat de Vinex uit dezelfde periode en hetzelfde kader stamt als de “compacte stad”. De zogenaamde experts wekten de indruk dat de nieuwbouwwijken kleine Manhattans zouden worden. Toen later veel Vinexwijken (net als eerder de z.g. Bloemkoolwijken) toch werden gedomineerd door grondgebonden woningen, was bij de stadsverdichters de teleurstelling groot. Blijkbaar is die teleurstelling nog steeds niet verwerkt.

Veel recent onderzoek laat zien dat het geen zwart – wit verhaal is

Ook onderzoek vanuit een heel andere invalshoek levert interessante inzichten, zo toont het promotieonderzoek van Dena Kasraian aan. Een van de conclusies daaruit: “Ooit bepaalden nieuwe spoorlijnen en snelwegen waar verstedelijking plaatsvond. Die invloed is er nog wel, maar lang niet zo sterk meer als voorheen. Het is daarom verstandig geweest dat in de afgelopen decennia in aanvulling op het vervoersbeleid, een krachtig ruimtelijk beleid is gevoerd. Hierdoor heeft het stedelijk patroon draagvlak kunnen bieden voor het openbaar vervoer en fiets en is sterkere autoafhankelijkheid voorkomen.” 

Kortom: heel veel recente onderzoeken en publicaties laten zien dat het geen zwart– wit verhaal is. De stad moet niet heilig worden verklaard en het niet-stedelijke gebied is niet per definitie treurnis of tweede keus. Wat is er eigenlijk tegen om, heel ouderwets natuurlijk, elk wat wils te bieden?

Auteur

Portret - Jos Feijtel
Jos Feijtel

Jos Feijtel Advies, Interim-management wonen, Ex-burgemeester, ex-corporatiedirecteur en ex-wethouder

Bekijk alle artikelen
Blijf op de hoogte